1136698
Financieel

Tien slimme tips | Succes met beleggingsfondsen

Extra pensioen, een financiële buffer of de wens meer rendement op spaargeld te halen. Beleggingsfondsen zijn vaak hiervoor het ideale middel. Maar wat is zo'n beleggingsfonds en hoe kiest u de beste fondsen?

Een beleggingsfonds is in feite niets anders dan een pot met geld afkomstig van vele beleggers. Die pot wordt voor hen beheerd door de fondsmanager.  Beleggers delen mee in het rendement - of in het verlies - naar rato van hun inleg.  

 De fondsmanager moet dus winst maken, maar moet daarvoor wel binnen de doelstellingen, de strategie en het gekozen beleggingssegment van het fonds opereren. Als je in een China-aandelenfonds stapt, wil je immers niet dat er ook obligaties uit Polen worden ingekocht.

 Er zijn fondsen die enkel in beursgenoteerde bedrijven beleggen – aandelenfondsen – en er zijn fondsen die het bij obligaties houden: de obligatiefondsen. Daarnaast zijn er tal van andere smaken, van vastgoed, grondstoffen tot private equity. Beleggen in een fonds heeft voor- en nadelen.

Voordelen beleggingsfondsen

Het belangrijkste voordeel is dat beleggers al vanaf kleine bedragen mee kunnen profiteren van een gespreide portefeuille. Spreiding verlaagt het beleggingsrisico. Een ander voordeel is dat je er als belegger weinig omkijken naar hebt, de fondsbeheerder houdt de beurs dagelijks in de gaten en past de beleggingsportefeuille zonodig aan.

Nadelen beleggingsfondsen

 Een nadeel zijn de kosten van die dienstverlening. Beleggingsfondsen hanteren een beheervergoeding, plus een aantal andere kosten. Doorgaans, helaas niet altijd, geeft de TER (total expense ratio) de totale kosten van een beleggingsfonds.

Een ander lastig punt voor de belegger is dat er heel veel beleggingsfondsen zijn, beleggers moeten uit een aanbod van letterlijk duizenden fondsen kiezen. Dat vereist toch de nodige beleggingskennis. Deze website wil met de onderliggende fondsvergelijker die keuze een beetje makkelijker maken. Allereerst met tien tips.

 

1. Vergelijken loont

Inmiddels zijn er duizenden beleggingsfondsen waaruit beleggers kunnen kiezen. De verschillen in prestatie zijn groot. Simpelweg een fonds van uw bank nemen, is daarom nooit verstandig. Ga dus shoppen, deze fondsvergelijker kan daarbij helpen. Let daarbij niet op de prijs van een aandeel/participatie in een fonds. Dat zegt niets over de kwaliteit van het fonds. Belangrijk om naar te kijken zijn onder meer het risico, het rendement en de kosten.

 

 2.Hoogste rendement niet heilig

 

Veel beleggers willen een zo hoog mogelijk rendement. Dat geldt ook voor mensen die in beleggingsfondsen stappen. De fondsen met de hoogste rendementen trekken dan natuurlijk de meeste aandacht. Zo simpel is het echter niet. Zo gaat het allereerst om historische rendementen, rendementen die in voorbijgaande jaren zijn gemaakt. Dat wil natuurlijk niet zeggen dat fondsen ook in de toekomst datzelfde rendement halen. Als u uit onze fondsvergelijker de fondsen met de hoogste rendementen haalt, kunt u daaruit hooguit de conclusie trekken dat de fondsbeheerder en de strategie efficiënt waren. Dat geldt zeker als die hoge rendementen zich over een langere periode hebben voorgedaan. Een gemiddeld rendement over de afgelopen vijf jaar zegt meer dan het beleggingsresultaat over de afgelopen drie maanden.

 

3. Kijk het risico in de ogen

Behalve naar het rendement zouden beleggers ook naar het risico van een beleggingsfonds moeten kijken. Je kunt daartoe de beleggingsportefeuille onder de loep nemen. Een portefeuille met grote multinationals met een hoog dividend is minder risicovol dan een aandelenmandje met kleine Aziatische bedrijven. Een beleggingsfonds dat in 10 aandelen belegt, is in theorie risicovoller dan een fonds dat in een mandje met 100 aandelen belegt. Dat laatste mandje is beter gespreid. 

Risico is ook achteraf meetbaar door te kijken hoe grillig het koersverloop van een beleggingsfonds is geweest.  In de fondsvergelijker kunt u fondsen op volatiliteit rangschikken (volatiliteit wordt gegeven in percentages). Hoe hoger het percentage des te grilliger het koersverloop is geweest.

 Beleggers willen doorgaans een goed rendement bij een aanvaardbaar risico. In de beleggingswereld zijn er ratio’s die beide combineren, maar die zijn doorgaans technisch. In onze fondsvergelijker – een samenwerking met beleggersvereniging VEB – zijn beide elementen gecombineerd in een oordeel, de VEB-rating. De belangenbehartiger voor beleggers laat daarin ook een derde element meewegen: de hoogte van de kosten. Hoe hoger de rating des te beter een fonds op deze factoren scoort.

 

4. Kosten: allesbehalve bijzaak

De kosten kunnen van doorslaggevende invloed zijn op het beleggingsresultaat. Een richtlijn daarvoor is het TER-kostenpercentage (TER staat voor total expense ratio) al is niet iedereen ervan overtuigd - terecht - dat hierin alle kosten zitten opgenomen. Een kostenpercentage van 1,5% per jaar lijkt misschien op het eerste oog niet hoog, maar die kosten worden meestal ook ingehouden wanneer er negatieve rendementen zijn geboekt. Anders dan het rendement staan de kosten wel vast, tenzij ze deels gerelateerd zijn aan het resultaat (perfomancefee). Een beleggingsfonds dat in aandelen belegt, heeft al snel een kostenpercentage van tussen de 1,5 en 2%, maar het kan ook veel hoger. Indexfondsen, ook bekend als trackers of etf’s, kennen lagere kosten. Dat is te verklaren door hun passieve strategie: de beleggingsportefeuille spiegelt zich aan een index anders dan bij een zogeheten actieve strategie waar een legertje analisten moet bepalen welke aandelen moeten worden gekocht en welke verkocht. De fondsen in onze fondsvergelijker kunnen worden gerangschikt op de hoogte van de kosten.

 

5. Zie de mens achter het fonds

Binnen een beleggingsstrategie hebben managers vaak ruimte voor hun eigen beslissingen. Dat kan slecht aflopen als de manager eigenlijk maar wat doet, of heel erg goed als die manager over kennis en een goede neus voor kansen beschikt. Als belegger zit je liever bij een manager uit de laatste categorie. Hoewel bij steeds meer fondsen een heel team managers aan het roer staat, kun je ook een team langs de meetlat leggen. Belangrijk is hoe lang een team of manager op zijn plek zit. Is dat jarenlang en waren de rendementen gedurende die jaren goed, dan is dat een positief teken. Zit een manager kort op zijn of haar plek, is er weinig over te zeggen. Bij een manager die jarenlang een fonds bestiert en altijd slechte resultaten heeft behaald, kun je je als belegger nog maar één ding afvragen: waarom zit die man nog op zijn plek?

 

6. Toets periodiek de beleggingsstrategie

Beleggers zitten in eerste instantie voor hun gemak in een beleggingsfonds. Ze profiteren mee met beursrendementen - hopelijk positieve - maar hoeven daarvoor niet zelf dagelijks met de koersen in de krant en op internet bezig te zijn. Toch is het zaak om de grote lijnen wel zelf in de gaten te houden. De strategie van een fonds kan namelijk jarenlang goed werken, maar een consistent succes is erg lastig. Zo viel het bekende Fortis Obam (inmiddels bij BNP Paribas) van zijn voetstuk nadat de emerging markets onderuit gingen. Het wereldwijd beleggende fonds had daar een bovengemiddeld percentage van de portefeuille belegd. Of denk aan beleggingsfondsen in staatsobligaties. Die hebben wellicht een leuke rit omhoog gemaakt - als er niet teveel Italiaanse, Griekse of Spaanse stukken in zaten - maar hoe haalbaar zijn verdere koersstijgingen in landen zoals Duitsland die op recordlage renteniveaus zitten?

 

7. Pas op voor mode-hypes

Aanbieders spelen graag in op een trend. Dan worden er ineens tientallen fondsen rond een speciaal thema gelanceerd. Een voorbeeld van inmiddels al weer meer dan tien jaar geleden zijn de vergrijzingsfondsen en de ict-fondsen. Tegenwoordig zijn vooral fondsen die in emerging markets en bedrijfsobligaties beleggen in trek. Thema's zijn echter gebaseerd op resultaten in het verleden. Niets trekt beleggers zo snel aan als een stijgende lijn. De vraag is of de lijn zich in gelijke richting voortzet. Tegen de tijd dat aanbieders hun fondsen lanceren is er doorgaans al flinke tijd verstreken. Pas dus op met de fondsmode. Uiteindelijk krijgt u de jas of het rokje van vorig jaar. En die kan wel eens heel lelijk vloeken met de trend van het komende jaar. 

 

8. Duurzaam zo gek nog niet

Veel aanbieders hebben een duurzaam fonds in het assortiment. Sommige vermogensbeheerders hebben zich zelfs hierin gespecialiseerd. Voor beleggers die willen dat hun geld ook volgens ethische maatstaven wordt belegd, is dit een uitkomst. Uit onderzoeken blijkt dat duurzaam beleggen op de lange termijn een even goed zo niet hoger rendement oplevert. Dat maakt het dus bij uitstek geschikt voor vermogensopbouw voor de lange termijn. Duurzame beleggers moeten wel goed de strategie van hun fonds bekijken en kritisch zijn op de kosten. Er is vandaag de dag weinig reden waarom duurzame fondsen duurder zouden moeten zijn dan traditionele beleggingsfondsen.

 

9. Omvang telt

Zowel de omvang van het fonds als ook van het beheerbedrijf is van belang. Zo kun je je afvragen of een fondsaanbieder die zijn aandacht over honderden fondsen moet verdelen, geen concentratieproblemen heeft. In rendementsvergelijkingen vallen kleinere fondshuizen vaak positief op, mede omdat ze zich concentreren op één of enkele thema's. Los van de aanbieder is ook de schaalgrootte van het beleggingsfonds zelf van belang. Op een klein fonds drukken de vaste lasten erg zwaar, zodat de kosten relatief te hoog zijn. Grote fondsen van meer dan een miljard euro kunnen daarentegen weer slechts moeizaam op de beurzen handelen vanwege hun omvang. Doen ze een aankoop, dan drijft de order qua omvang de koers omhoog. Ook dat zijn kosten. Hoe kleiner de markt en hoe groter het fonds, des te groter die marktverstoring.

 

10 Een doel helpt

Deze laatste tip heeft op het eerste oog wellicht weinig met een beleggingsstrategie te maken, maar schijn bedriegt. Eigenlijk is dit de eerste vraag die u zich moet stellen: "Met welk doel beleg ik?" Dat bepaalt namelijk wanneer u de beleggingsopbrengst nodig heeft en hoe lang u het geld kunt missen. Op basis van uw antwoord kunt u al direct bepaalde beleggingscategorieën schrappen. Jongeren die voor hun pensioen beleggen, hebben nog jarenlang de tijd. Het risico van aandelen is dan goed te dragen. Maar als het geld binnen enkele jaren nodig is, zijn aandelen te risicovol. Bij aandelen kunnen de koersen immers net onderuitgaan op het moment dat u het geld vrij wilt maken. Dan had u misschien beter in obligaties kunnen zitten of het op een spaarrekening kunnen zetten. Uw doel bepaalt dus in welke fondsen u het beste kunt stappen, of dat u wellicht helemaal niet zou moeten beleggen.