1297940
Financieel

Nederland heeft een slimme en groene economie nodig

Willem Vermeend en Rick van der Ploeg

Willem Vermeend en Rick van der Ploeg

Als we in Nederland ook in de toekomst onze werkgelegenheid en welvaart willen behouden, dan moet een nieuw kabinet al vanaf de start aan de slag met maatregelen die inspelen op de nieuwe economie. Deze economie, aangeduid als Economie 4.0 , wordt gekenmerkt door digitalisering in combinatie met technische innovaties en duurzame energiebronnen.  Met 'Nederland slim en groen' maken we een goede kans op een mooie toekomst.

Willem Vermeend en Rick van der Ploeg

Willem Vermeend en Rick van der Ploeg

Terugblik

Aan het einde van het jaar wordt er in de media op veel terreinen teruggeblikt op het afgelopen jaar en worden er tegelijk volop voorspellingen gepubliceerd over onze toekomst. Hoewel tegenstanders van het kabinet Rutte 2 nog steeds vinden dat het in Nederland bar slecht gaat, overheerst in de terugblik het terechte beeld dat ons land op het economische en sociale vlak er goed voorstaat.

In de internationale ranglijsten staan we bovendien in de kopgroep van de welvarendste landen van de wereld. Maar gaan we af op de voorspellingen van gezaghebbende economische denktanks die recent zijn gepubliceerd dan zal een nieuw kabinet, maar ook ons bedrijfsleven, alles uit de kast moeten halen om te voorkomen dat onze welvaart het komende decennium zal gaan afnemen. Daarbij speelt een belangrijke rol dat onze werkgelegenheid en daarmee ons inkomen sterk afhankelijk is van buitenlandse ontwikkelingen. Wij verdienen als handelsland ons brood vooral met export.

Bedreigingen

Waardoor wordt onze welvaart bedreigd en kunnen we daar wat tegen doen? Het komende decennium zal de wereldeconomie door verschillende oorzaken, zoals vergrijzing, minder vrijhandel, en een toenemende politieke en economische onzekerheid, minder groeien dan de afgelopen decennia. Voor Nederland heeft dit negatieve gevolgen voor de werkgelegenheid, met name in de exportsector. Daarnaast wordt van verschillende kanten de opmars van digitalisering in combinatie met nieuwe technologieën en klimaatverandering als bedreigingen voor onze welvaart gezien. Door deze revolutionaire mix zal in de meeste landen de economie en samenleving ingrijpend veranderen. De ‘oude’ economie wordt in snel tempo getransformeerd tot wat wordt aangeduid als Economie 4.0, de nieuwe economie, die gekenmerkt wordt door automatisering (slimme software, kunstmatige intelligentie en robots) en maatregelen tegen de opwarming van de aarde.

Vooral vakbonden vrezen dat door de opkomst van Economie 4.0 er in Nederland honderdduizenden banen weg geautomatiseerd zullen worden en dat vaste banen worden ingewisseld voor flexwerk. De meeste economen gingen er tot voor kort nog van uit dat tegenover dit verlies aan werk er voldoende nieuwe banen zouden worden gecreëerd in de snel groeiende smart sectoren van de Nederlandse economie. Maar inmiddels laat de praktijk zien dat het snelle verlies aan banen, bijvoorbeeld in de financiële sector, nog onvoldoende kan worden opgevangen in groeiende bedrijfssectoren.

Wat kan Nederland doen?

Voor onze exportsector moeten we ‘aansprekende’ nieuwe producten en diensten ontwikkelen waarmee we wereldmarkten kunnen veroveren en voor Nederland als land hebben we een nieuw aansprekend bedrijfsimago nodig. Daarbij moeten we inspelen op de nieuwe economie die sterk beïnvloed zal worden door het wereldklimaatakkoord dat op 12 december 2015 in Parijs is gesloten. De wereldwijde afspraken die in de Franse hoofdstad zijn gemaakt, luiden het einde in van het fossiele tijdperk. In alle landen worden maatregelen ingezet waarmee de uitstoot van broeikasgassen, in hoofdzaak CO2, kan worden teruggedrongen. Volgens becijfering van de OESO is met klimaatmaatregelen tot 2050 wereldwijd een totaal investeringsbedrag gemoeid van ruim 13 biljoen dollar.

 

In alle landen zullen de komende jaren discussies plaatsvinden over de keuze van maatregelen waarmee op de meest efficiënte wijze de afspraken van Parijs gerealiseerd kunnen worden. Daarbij spelen niet alleen nieuwe regelgeving, technologische innovaties en slimme financieringen een belangrijke rol, maar ook onderwijs en opleidingen. Het maatregelenpakket dat daarbij wordt ingezet, heeft tevens ingrijpende gevolgen voor het bedrijfsleven; business- en verdienmodellen moeten worden aangepast of worden vervangen door nieuwe. Deze modellen gaan ook al op de schop vanwege de opmars van digitalisering. De klimaatmaatregelen brengen niet alleen kosten met zich mee, maar bieden ook mogelijkheden voor extra ‘groene’ economische groei, extra banen en meer welvaart. Daarbij gaat vooral om duurzame energie, duurzame bouw (energie-neutraal en energie-plus bouwen), energie-arme productieprocessen en CO2-vrij elektrisch verkeer en vervoer.

 

Voor Nederland ligt hier een unieke kans om op dit terrein in Europa het voortouw te nemen. Het nieuwe kabinet moet samen met werkgevers en vakbonden aan de slag gaan om de Nederlandse economie 100% groen en smart te maken; een economie die draait op duurzame energie en slimme technologie. De overheid investeert in een slimme en groene infrastructuur en een snelle energietransitie naar duurzaam. Onze smart industry streeft er naar om internationaal marktleider te worden bij het ontwikkelen van (technische) oplossingen die leiden tot het verminderen van de uitstoot van broeikasgassen en nieuwe producten en diensten die groen en duurzaam zijn.

Onze bouwsector wordt de exporteur van de wereld op het terrein van energie-plus bouwen. De Nederlandse financiële secor ontwikkelt zich tot het internationale centrum waar bedrijven en landen aankloppen voor innovatieve financieringen van klimaatinvesteringen. Ons onderwijs krijgt de opdracht om de Europese koploper te worden als het gaat om opleidingen en onderzoek op het terrein van een groene economie en smart industry. “Nederland slim en groen” leidt tot een duurzame economische groei en nieuwe werkgelegenheid.

 

Nieuwe arbeidsmarkt

Onze arbeidsmarkt met ouderwetse regelgeving is niet ingericht voor Economie 4.0 en moet dan ook ingrijpend hervormd worden. Tot op heden is deze hervorming, door verschillen van inzicht tussen enerzijds werkgevers en werknemers en anderzijds afwijkende opvattingen in politiek Den Haag, niet gerealiseerd. Een nieuw kabinet zou daarom al bij de start van de regeringsperiode een Staatscommissie moeten instellen die met voorstellen komt voor een hervorming die adequaat inspeelt op de nieuwe economie. Daarbij gaat het onder meer om oplossingen die voorkomen dat de opmars van Economie 4.0 tot werkloosheid onder met name lager opgeleiden zal leiden (om- en bijscholing kan helpen).

Maar er zijn ook maatregelen nodig die de toenemende inkomenskloof tussen laag en hoog afremmen (winstdeling en werknemersaandelen verkleinen de kloof). Bezien moet ook worden of flexibele pensionering, deeltijdpensioen en een lagere AOW-leeftijd een bijdrage kunnen leveren. Daarnaast is regelgeving nodig waarmee de afstand tussen vast en flexwerk wordt verkleind en de zzp-problematiek wordt opgelost. Bij het vinden van oplossingen moet er rekening mee worden gehouden dat de overgrote meerderheid van de werknemers voorstander is van een redelijke mate van zekerheid als het om hun werk gaat.

 

Voor de lezers: de beste wensen voor 2017.