1300441
Financieel

Snel beschermingsmaatregelen nemen

Nederland ’Gekke Henkie’

Willem Vermeend en Rick van der Ploeg

Willem Vermeend en Rick van der Ploeg

De kop ’Gekke Henkie’ stond ruim vier jaar geleden boven onze column in DFT. Daarin signaleerden wij dat steeds meer belangrijke Nederlandse bedrijven in handen komen van buitenlandse bedrijven en beleggers.

Willem Vermeend en Rick van der Ploeg

Willem Vermeend en Rick van der Ploeg

Op ons lijstje stonden toen ondernemingen als KLM, Organon, ABN Amro, KPN, Hoogovens, Energiebedrijven, het stads- en streekvervoer dat in handen kwam van de Franse Staat, uitgever PCM (NRC, Volkskrant), maar ook kleinere bedrijven op het terrein van innovatieve windtechnologie.

Uitverkoop

Wij waarschuwden ervoor dat deze ‘uitverkoop’ voor ons land nadelig zou uitpakken, zoals voor onze economie en werkgelegenheid, maar ook voor publieke belangen, zoals sociale zekerheid en een vrije pers. De praktijk heeft inmiddels uitgewezen dat deze bedrijfsovernames in veel gevallen niet in het belang zijn van de continuïteit van de overgenomen ondernemingen en belangen van werknemers. Ze zijn vooral ingegeven door de financiële belangen van aandeelhouders, topmanagers, adviseurs en banken die met de verkoop gigantische bedragen verdienen.

Onze column sloten we indertijd af met een voorstel voor de invoering van wetgeving die in verschillende Europese landen (onder andere Duitsland, Frankrijk), maar ook in de VS, al decennia geleden van kracht is. Met deze wettelijke regels beschermen ze de publieke belangen die een rol kunnen spelen bij de overnames van bepaalde bedrijven door het buitenland. Daarbij gaat het om nationale bedrijven die werkzaam zijn in strategische sectoren, zoals in de financiële sector, staatsveiligheid, defensie, energie, luchtvaart, havens en media.

Deze overnames worden vooraf getoetst op publieke belangen en kunnen worden verboden, maar ook goedgekeurd waarbij voorwaarden worden gesteld, bijvoorbeeld over het behoud van werkgelegenheid, werknemersrechten en bij mediabedrijven waarborgen voor de journalistieke onafhankelijkheid. Met deze wetgeving worden ook buitenlandse koopjesjagers buiten de deur gehouden en grote staatsbedrijven uit bijvoorbeeld China en Rusland die met een grote zak geld op zoek gaan naar strategische overnames. Nederland heeft deze beschermingsregels niet en wordt in de internationale financiële wereld als een vrij jachtgebied gezien.

Boze reacties

De reacties op onze toenmalige column, vooral vanuit de financiële sector en aandeelhouderskringen, waren heftig. Wij werden weggezet als naïef, nostalgisch, chauvinistisch, nationalistisch en we zouden met ons voorstel de Nederlandse economie en het beursklimaat in gevaar brengen. De afzenders zeiden er niet bij dat ze zelf grote financiële belangen hadden die door deze wetgeving geschaad zouden worden.

Vanuit politiek Den Haag bleef het stil. Dat hadden we wel verwacht. Een politieke meerderheid deelt de dominante opvatting van de financiële wereld dat Nederland met zijn onze open economie internationaal moeten denken en handelen. Overnames horen daarbij en die moet je geen strobreed in de weg leggen. Ons voorstel voor wetgeving is tot op heden dan ook niet gerealiseerd. Wel is minister Henk Kamp (EZ) eind 2013 na de mislukte overname van KPN door de Mexicaanse concurrent América Móvil begonnen met een wetsontwerp dat bescherming moet bieden tegen bepaalde buitenlandse overnames, maar onder het kabinet Rutte 2 zal deze wetgeving niet meer gerealiseerd worden.

Vooral de afgelopen twintig jaar is een groot aantal gezichtsbepalende Nederlandse bedrijven overgenomen door het buitenland. Daarbij waren ook kopers die snel veel geld verdienden door het overgenomen bedrijf kaal te plukken of op te splitsen. Door oud-minister Joop Wijn (EZ) in 2006 aangeduid als ‘aasgieren’. Het valt op dat politiek Den Haag, maar ook de werkgeverstop deze ‘uitverkoop’ vrijwel kritiekloos heeft gadegeslagen. Het hoort bij de vrije markt, zo luidt het centrale argument. De ‘fans’ van deze verkopen wijzen er op dat Nederlandse ondernemingen ook buitenlandse bedrijven overnemen. Dat laatste is zeker waar, maar ze vergelijken appels met peren. Ingeval een Nederlands bedrijf bijvoorbeeld een Amerikaans of Engels bedrijf overneemt, dan zijn de economische en maatschappelijke gevolgen daarvan in die grote landen minimaal. In ons relatief kleine land kunnen grote buitenlandse overnames in min of meer strategische sectoren grote gevolgen hebben. Zo heeft de Nederlandse overheid als gevolg van de verkoop van Essent en Nuon nauwelijks invloed meer op energieleveranties.

Nadelen

Wij delen de opvatting dat de vrije markt voordelen heeft en dat bedrijfsovernames passen bij het open Nederlandse vestigingsklimaat en disciplinerend kunnen werken op het zittend management. Maar het zou toch verstandig zijn daarbij meer oog te hebben voor de schaduwkanten en de snel veranderende tijdgeest die in steeds meer landen tot bescherming van nationale belangen leidt, zoals van het eigen bedrijfsleven. De praktijk laat namelijk zien dat overgenomen ondernemingen zijn overgeleverd aan het buitenlandse topmanagement en de aandeelhouders, die het eigen financieel belang voorop stellen en lak hebben aan afgegeven garanties bij overnames.

De ‘uitverkoop’ van Nederlandse bedrijven wordt bevestigd in een Amerikaanse studie waarin een ranglijst is opgenomen van landen die per saldo een waardeverlies of waardevoordeel hebben gerealiseerd bij het aantrekken van grotere bedrijven uit het buitenland en het verkopen van bedrijven aan het buitenland. Van de landen die een waardeverlies hebben geboekt staat Nederland in Europa op nummer 1; ook wel aangeduid als de ’Gekke Henkie’.

Haast geboden

De afgelopen weken was ’Gekke Henkie' weer even terug in de media. Politiek Den Haag moest vaststellen dat het geen wettelijke mogelijkheden heeft om de mogelijke overnames van PostNL en Telegraaf Media Groep door de Belgen te toetsen aan het publieke belang. Omdat het maatschappelijke en economische belang van een dergelijke toetsing alleen maar toeneemt, is dit een kwalijke conclusie die de politiek mag worden aangerekend. Inmiddels beschikken de meeste Europese landen over wettelijke regels op dit terrein. Ze worden zelfs aangescherpt, mede onder invloed van de overwinning van Donald Trump, die rond het Amerikaanse bedrijfsleven zelfs een beschermingswal wil opwerpen.

Dit onderstreept de haast om in ons land met beschermingsmaatregelen te komen, maar door de verkiezingen en de formatie wordt wetgeving vertraagd. Politieke partijen die deze haast onderschrijven zouden daarom nu al met een initiatiefwet moeten komen. Het Nederlandse bedrijfsleven kan ook zelf wat doen. Naast privaatrechtelijke beschermingsconstructies zouden bijvoorbeeld onze pensioenfondsen strategische belangen kunnen nemen in gezichtsbepalende nationale ondernemingen.