1313503
Financieel

Politieke partijen moeten eerlijk zijn over de kosten van ons zorgstelsel

Willem Vermeend en Rick van der Ploeg

Willem Vermeend en Rick van der Ploeg

De verkiezingscampagnes voor de Tweede Kamerverkiezingen op 15 maart zijn begonnen en alle politieke partijen doen nu hun best de media te halen om zo te scoren bij kiezers. Belangrijke thema’s daarbij zijn zorg, immigratie en integratie, veiligheid, banen en pensioenen. Daarnaast proberen partijen links van het midden hogere belastingen en  inkomensongelijkheid  op de campagne-agenda te zetten. In onze columns zullen wij tijdens de verkiezingscampagne deze thema’s onder de loep nemen. We beginnen met de zorg.

Willem Vermeend en Rick van der Ploeg

Willem Vermeend en Rick van der Ploeg

Uit internationale vergelijkingen blijkt dat Nederland één van de beste zorgstelsels van de wereld heeft, maar deze positie kost ook steeds meer geld in de vorm van toenemende zorgkosten. Rond de eeuwwisseling gaven we ongeveer 8% van ons nationaal inkomen (BBP) uit aan collectief gefinancierde zorg. Nu is dat circa 13% en zonder ingrijpende maatregelen lopen de kosten op tot 20%-30% van het BBP in 2040. Voor een doorsnee gezin zullen de uitgaven voor zorg die dit jaar bijna een kwart van het inkomen bedragen de komende decennia oplopen tot meer dan een derde. Deze sterke stijging heeft verschillende oorzaken. Van de totale uitgavengroei is ongeveer een kwart het gevolg van de vergrijzing. In 2040 is ruim 22% van onze bevolking 65-plusser, nu is dat 16%. Naarmate mensen ouder worden nemen de kosten van zorg gemiddeld toe. Maar verreweg het grootste deel van de uitgavengroei  wordt veroorzaakt door betere en duurdere zorg. Het gaat daarbij vooral om innovaties in de zorg (nieuwe technologie, betere medicijnen enz.), veranderingen in de maatschappij, epidemiologie (meer chronisch zieken), de organisatie van de zorg en de beperkte mogelijkheden voor een hogere arbeidsproductiviteit, vooral in de langdurige zorg voor ouderen (aangeduid als ‘care’).

Nederland geeft veel geld uit aan zorg. Internationale ranglijsten laten zien dat wij met de totale zorguitgaven per hoofd in de top vijf staat. Ze geven ook aan dat ons land flink uit de pas loopt met de kosten voor de ‘care’; onze uitgaven liggen twee tot drie keer zo hoog. Daarom is onder Rutte 2 bij de bezuinigingen in de zorg op deze kostenpost  de nadruk gelegd. Maar omdat het hier vooral om mensenwerk gaat en nieuwe technologie (bijvoorbeeld robots) in deze zorg maar een beperkte bijdrage kan leveren, moeten we rekening houden met stijgende kosten.

Maatregelen om de zorguitgaven te verminderen

Het afgelopen decennium zijn er talloze maatregelen voorgesteld en voor een deel ingevoerd om tot kostenbesparingen in de zorg te komen, zoals meer efficiency, een hogere arbeidsproductiviteit in de zorgsector (o.a. minder managementlagen), minder ziekenhuizen (specialisatie en concentratie) en meer buurtzorg via huisartsen. Daarnaast meer zorg op afstand (e-health), het tegengaan van overbehandeling en verspilling, meer verantwoordelijkheid bij de zorgconsumenten (meer zelfzorg), meer nadruk op gezond leven (preventie) en meer of minder marktwerking. Ook nu worden in verkiezingsprogramma’s deze maatregelen weer van stal gehaald, vooral om kiezers te laten zien dat hogere premies, een (hoger) eigen risico en eigen betalingen niet nodig zijn. Dit populaire verhaal dat het bij de burgers goed doet, wordt al verteld vanaf het einde van de vorige eeuw, bij het begin van de snelle kostenstijgingen in de zorg. Solide berekeningen wijzen echter uit dat zelfs bij aanzienlijke kostenbesparingen de zorguitgaven de komende decennia blijven toenemen. Het is dan ook een illusie dat met de hierboven genoemde maatregelen de groei van onze zorguitgaven voorkomen kunnen worden.

Politiek Den Haag weet dus nu al dat de burgers in de toekomst een groter deel van hun inkomen aan zorg moeten uitgeven, tenzij ze genoegen willen nemen met een zorg die van een veel lagere kwaliteit is dan we nu hebben. Politieke partijen die het tegendeel beweren en gouden bergen beloven in de vorm van lagere zorgkosten, het afschaffen van het eigen risico en een nationaal zorgfonds als  beter alternatief  voor het huidige  stelsel,  kunnen deze beloften na de verkiezingen niet waar maken. Bovendien zouden ze kiezers ook moeten wijzen op de nadelen van stijgende zorgkosten. Verreweg het grootste deel van de zorguitgaven wordt collectief gefinancierd uit premies en belastingen van burgers en bedrijven. Deze financiering leidt tot een verhoging van de lastendruk op arbeid en dat remt onze economische groei en kost banen. Daarnaast kunnen stijgende overheidsuitgaven voor de zorg ten koste gaan van andere belangrijke uitgaven, bijvoorbeeld voor onderwijs.

Kostenbeheersing in andere landen

Volgens de World Health Organization ( WHO) blijkt dat nergens in Europa ( behalve in het VK) mensen zo weinig zelf voor hun zorg betalen als in Nederland. Wij betalen gemiddeld slechts 6% procent van de zorgkosten uit eigen zak. De rest wordt betaald uit verplichte collectieve ziektekostenpremies en uit de schatkist. Kijkend naar andere landen gaat de WHO ervan uit dat in ons land burgers 15% tot 20% van de kosten zelf zouden kunnen betalen; de collectieve premies kunnen daardoor aanzienlijk dalen. Voorbeelden van maatregelen in andere landen zijn: meer eigen betalingen, hogere eigen risico’s waarbij lagere inkomens worden ontzien en aanvullende particuliere verzekeringen. Volgens een studie van het Centraal Planbureau (CPB) kunnen dergelijk maatregelen een bijdrage leveren aan het afremmen van onze stijgende zorgkosten. Dit idee van het CPB is door een politieke meerderheid in Den Haag naar de prullenbak verwezen. Maar hoe impopulair ook, de politiek zal maatregelen moeten treffen om de groei van de zorgkosten te beteugelen. Daarnaast is een andere wijze van financiering van ons zorgstelsel nodig. De lastendruk van de collectieve zorgkosten op arbeid moet verlaagd worden door deze te verschuiven naar de indirecte belastingen. Dit houdt in dat een deel van de zorguitgaven wordt gefinancierd uit hogere heffingen op consumptie (btw en accijnzen). Deze verschuiving pakt per saldo gunstig uit voor onze economie. Daarnaast is het gewenst onze zorgsector niet louter vanuit de kosten te bezien. Het is een innovatieve sector die economisch van groot belang is en werkgelegenheid schept. Bovendien moet het mogelijk zijn met onze ziekenhuizen, die tot de beste van de wereld behoren, geld te verdienen op buitenlandse markten.