Nieuws/Financieel
1380018147
Financieel

Column: Samen de lucht in voor 5G

De wereld bereidt zich voor op de vijfde generatie mobiele netwerken, opvolger van de huidige 4G. Het belangrijkste verschil tussen 4G en 5G is dat er veel meer en snellere data-overdracht mogelijk is, de reactietijd veel korter is en verbindingen betrouwbaarder zijn.

Bovendien kunnen antennes van basisstations met 5G meer apparaten tegelijkertijd met elkaar verbinden. Ook verbruiken apparaten met 5G minder energie voor het zenden en ontvangen.

Scala aan toepassingen

Deze eigenschappen van 5G zorgen ervoor dat 5G niet alleen de toenemende vraag naar mobiele data kan opvangen, maar ook een scala aan nieuwe toepassingen mogelijk maakt. Denk hierbij niet alleen aan ziekenhuizen die opereren op afstand, zelfrijdende auto’s, artificiële intelligence (AI), virtual reality (VR) en Internet of Things (IoT), maar bijvoorbeeld ook aan drones die pakketjes afleveren en verregaande automatisering en robotisering van industriële productieprocessen als volautomatische containerterminals.

Kortom, een toekomst waarbij meer apparaten zullen samenwerken. Het is goed voor te stellen dat bij tussentijdse vertragingen in de verbinding grote problemen kunnen ontstaan. Denk hierbij bijvoorbeeld aan artsen die met behulp van robots een operatie op afstand uitvoeren of een autonoom bewegend voertuig dat belangrijke gegevens niet op tijd verwerkt.

Bandbreedte

5G zal gebruikmaken van nieuwe en bestaande 4G-zendmasten. Er zullen kleine antennes (bijvoorbeeld in de vorm van kleine kastjes die ’small cells’ worden genoemd) bijkomen. Die antennes zullen nodig zijn omdat 5G hogere frequenties gebruikt om meer bandbreedte te kunnen bieden.

Op die hogere frequenties is meer ruimte en daardoor kan er sneller veel meer data worden verzonden. Er moeten dus netwerken gebouwd worden die hogere frequenties aankunnen. Echter de golven op hogere frequenties hebben minder c.q. een korter bereik en dringen minder goed binnen in gebouwen.

Antennes

5G vereist daarom een intensievere dichtheid (’grid’) van antennes. De bestaande 4G-antennes staan te ver uit elkaar en met antennes op daken wordt vertraging in het signaal door die afstand te groot. Voor 5G moet in de openbare ruimte (zowel in stedelijke ruimte als buiten de bebouwde omgeving) gedacht worden aan een ’grid’ van 200 à 250 meter. Een direct 5G-signaal vergroot het bereik van het 5G-netwerk. Er treedt eveneens minder verstoring op.

Dekking in gebouwen door de hoge frequenties blijkt nog lastiger. Wat 5G naast al die futuristische beloftes daarom ook als consequentie heeft: heel veel antennes die zichtbaar in het straatbeeld ergens op, aan of onder bevestigd moeten worden en die allemaal verbonden moeten worden met glasvezel en stroom.

Masten

Ondernemingen die producent zijn van bijvoorbeeld masten, torens en opstelpunten kunnen hiervan profiteren. Deze worden heel belangrijk bij 5G en er zullen nog duizenden opstelpunten bij moeten komen. De mobiele aanbieders worden geconfronteerd met enerzijds enorme extra investeringen in netwerken en hoge kosten voor de veilingen van de nieuwe frequenties en anderzijds met een dalende opbrengst per gebruiker.

Naar verwachting kunnen de operators de enorme investeringen in de netwerken niet alleen bekostigen. Daarom zullen derden moeten bijspringen om die kosten te delen. Dat zullen onder andere de genoemde bezitters van fysieke infra zijn en zij niet alleen: bezitters van objecten als lantaarnpalen (door sommige partijen om die reden al aangekocht), reclamezuilen, prullenbakken, putdeksels, bushokjes zullen eveneens in trek zijn net zoals laadpalen van elektrische auto’s of andere objecten in de publieke ruimte.

Veiligheid

Hieraan kunnen de ’small cells’ bevestigd worden. Dit delen van netwerken zou weleens heel interessante nieuwe investeringsmogelijkheden kunnen opleveren. Het gaat niet alleen over de fysieke netwerken maar ook over netwerk management en veiligheid.

Snel internet, voor iedereen beschikbaar voor vast en mobiel: het zal nog wel op z’n minst een jaar of vijf duren voordat het zover is. Het potentieel is echter dusdanig groot dat het loont te onderzoeken waar de gezamenlijke kansen liggen en wie met wie het 5G wil en zal delen.

Martine Hafkamp is algemeen directeur Fintessa Vermogensbeheer.