1565894
Financieel

Vermeend en Van der Ploeg

Column: FNV is de weg kwijt

Vorige week presenteerde de FNV een plan waarmee „een einde gemaakt moet worden aan het afbraakbeleid van regering en werkgevers”. Deze toonzetting maakt al duidelijk dat de bond op het oorlogspad is.

Met dit vier jaar durende actieplan, onder de naam ‘Offensief’, wil de FNV de politieke agenda domineren en Nederland fundamenteel veranderen. Dit moet vooral gerealiseerd worden door bekende stokpaardjes van de bond, zoals het afremmen van flexibele arbeidscontracten, een hoger minimumloon, hogere sociale uitkeringen en geen aantasting van het ontslagrecht. Daarnaast wil de bond hogere belastingen voor bedrijven, hogere inkomens en aandeelhouders.

Voor het terugdringen van flexibele arbeidscontracten kiest de FNV voor een radicale oplossing: flexibele arbeidsrelaties moeten tot 40% duurder worden dan vaste arbeidscontracten. Om ‘Offensief’ te kunnen financieren zullen de belastingen en sociale premies die bedrijven en werknemers nu betalen, fors verhoogd moeten worden.

Negatieve effecten

Het is opvallend dat de vakbond daarover zwijgt en ook over de negatieve effecten van deze gigantische extra lastendruk: afbraak van werkgelegenheid en minder koopkracht voor veel werknemers. In de kern komt ‘Offensief’ neer op een verdere verhoging van de nu al torenhoge belasting- en premiedruk in ons land. Zou de FNV daar eerlijk over zijn geweest, dan zou ‘Offensief’ al voor de start zijn gestrand.

De FNV wil ook niets weten van het feit dat Nederland op dit moment behoort tot de welvarendste landen van de wereld, met een sterke economie, een relatief lage werkloosheid en de beste stelsels op het terrein van sociale zekerheid, pensioenen en zorg. Omdat deze feiten niet passen bij het actieplan, schetst de vakbond een eigen, zeer negatief beeld van de situatie in ons land. Het is hier een puinhoop en de FNV gaat daar wat aan doen.

Einde poldermodel

De afgelopen zestig jaar hebben regeringen en werkgevers- en werknemersorganisaties altijd samen overleg gevoerd over het sociaaleconomische beleid in ons land. Dit zogenoemde poldermodel heeft tientallen akkoorden opgeleverd die hebben geleid tot extra economische groei, banen, sociale rust op de arbeidsmarkt en tot welvaart.

De FNV heeft daaraan een belangrijke bijdrage geleverd. Met ‘Offensief’ heeft deze bond dit succesvolle model van redelijk overleg ingeruild voor een ramkoers die niet in het belang van werknemers is. Deze radicale koerswijziging heeft te maken met het dalende en vergrijzende ledental van deze vakbond, het enorme verlies aan machtsposities in alle bedrijfssectoren en interne ruzies binnen het bestuur van de FNV over de wijze waarop de bond weer ‘machtig’ kan worden.

Ontmaskerd

Met ‘Offensief’ dat al snel ontmaskerd zal worden als een forse lastenverzwaring voor burgers en bedrijven zal dit niet lukken. Ook al niet omdat de komende jaren onze arbeidsmarkt door digitalisering en automatisering, onherkenbaar zal veranderen. In de sterke bedrijfssectoren die daar de dienst uitmaken, zoals de zogenoemde smart industry (waaronder ICT), telt de FNV nu al niet meer mee.

Bij jeugdige werknemers is dat ook het geval. Ze zijn opgegroeid in het internettijdperk en kijken met verbijstering toe hoe het oude vakbondskader tekeer gaat tegen innovatieve technologische ontwikkelingen en deze wil afremmen met een robotbelasting. Dit kader toont ook een afkeer van zzp‘ers en wil daar het liefst werknemers van maken.

In de wereld van startende en kleine bedrijven die belangrijk zijn voor innovaties en toekomstige werkgelegenheid in ons land, wordt de FNV gezien als een vervelende stoorzender uit het verleden. Deze bedrijven moeten in hun groeifase veelal gebruik maken van flexibele arbeidscontracten en als de FNV zijn zin krijgt, worden deze contracten getroffen met een forse strafheffing waardoor ze zo duur worden dat ze voor deze bedrijfjes onbetaalbaar worden.

Rutte III aan zet

Vanwege de radicale koers kon de FNV het vorig jaar niet eens worden met de werkgeversorganisaties over het zogenoemde arbeidsmarktdossier dat vier cruciale punten omvat. Het ontslagrecht, de loondoorbetaling bij ziekte, de positie van zzp’ers en het pensioenstelsel. De FNV wil bij deze punten zoveel mogelijk vasthouden aan bestaande regelgeving en tegelijk zzp‘ers het leven zuur maken. Vooral door deze houding kwamen werkgevers en bonden niet tot afspraken en kwam er geen polderakkoord.

Voor Rutte 3 ligt hier nu de uitdaging om met evenwichtige voorstellen te komen, waarbij niet het verleden, maar de toekomst van Nederland centraal staat. Daarbij moet de nadruk liggen op slim en groen. We moeten vooroplopen bij digitalisering en innovatieve technologieën en een groene economie. Het kabinet en werkgevers moeten nu laten zien dat ze de FNV niet nodig hebben om aan de wens van werknemers tegemoet te komen voor een betere werkzekerheid.

Jobkillers

De meeste werknemers willen het liefst een vast arbeidscontract. Deze wens kun je niet vervullen door flexibele arbeidscontracten duurder of met bureaucratische regels onaantrekkelijker te maken. De praktijk laat zien dat de meeste werkgevers flexcontracten niet gaan vervangen door dure vaste contracten.

Ze zoeken naar omwegen om binnen hun bedrijven flexibiliteit te behouden die ze nodig hebben vanwege de grote onzekerheden over hun (toekomstige) omzet. De beste oplossing is vaste arbeidscontracten flexibeler en minder duur te maken.

Die vier grootste belemmeringen (jobkillers genoemd), voor werkgevers om vaste arbeidscontracten te sluiten zijn:

1. De hoge werkgeverslasten ( oplopend tot circa 30% van het brutoloon)

2. De extreem lange duur van doorbetaling bij ziekte die kan oplopen tot meer dan 2 jaar.

3. Ingewikkelde en dure ontslagprocedures bij vaste contracten.

4. De bureaucratie en inflexibiliteit, vooral bij cao’s.

Vooral voor kleine bedrijven zijn vaste arbeidscontracten financieel niet haalbaar. Rutte III moet met regelgeving vaste contracten niet alleen minder duur maken, maar ook meer flexibiliteit mogelijk maken.

Geen lastenverzwaring

Nederland telt veel internationale bedrijven die flexwerk nodig hebben vanwege pieken en dalen in hun omzet en de scherpe concurrentie met het buitenland. Maar voor werknemers moeten de bezwaarlijke kanten van dit werk worden weggenomen.

Het belangrijkste is meer werkzekerheid ( bijvoorbeeld vijfjaarscontracten) en een scholingsbudget voor betere kansen op de arbeidsmarkt. Voor Rutte III is de opgave zowel vaste als flexibele contracten voor werkgevers en werknemers aantrekkelijker te maken.

Ten overvloede: geen lastenverzwaringen, maar verlagingen.