Nieuws/Financieel

Column: De daling voor aandelen is nog maar net begonnen

Door Ron van der Does

Met een verlies van 5,8 procent vorige week op de AEX zijn wij weer terug bij af. Of eigenlijk meer dan dat, de AEX staat op verlies dit jaar.

Het ging hard nadat hogere lonen in de Verenigde Staten de angst voor inflatie deed oplopen. Met alle gevolgen van dien. Dank zij een goede sluiting op vrijdag bleef het week verlies voor de Dow Jones nog steken op 5,21 procent en noteert de beurs sinds de start van het jaar iets meer dan 2 procent lager. Het voelt echter alsof Wall Street een groter verlies heeft geïncasseerd dan de Europese beurzen.

Angst

Toch vreemd dat het verlies op Wall Street procentueel minder is dan op de Europese beurzen. De angst voor inflatie bestaat namelijk in de Verenigde Staten en niet in Europa. In de Eurozone blijft de geldontwaarding nog steken rond 1,5 procent. En dat is volgens ECB voorzitter Mario Draghi nog niet voldoende te stoppen met het opkoopprogramma van schuldpapier om al niet te spreken over het verhogen van de rente. Die angst op de Europese beurzen is dus ongegrond zou men denken. Dat het anders werkt blijkt uit het koersverloop van de afgelopen week. Of zouden beleggers in Europa toch ook stiekem angst voor inflatie krijgen? En waarom is er eigenlijk angst voor inflatie? Als we Draghi horen praten, wil hij de geldontwaarding alleen maar hoger zien. In ieder geval dicht bij zijn doelstelling van 2 procent. U en ik zitten er echter niet op te wachten dat we straks minder voor onze euro kunnen kopen dan op dit moment.

Loonontwikkeling

En toch zouden wij in Europa ook angst voor inflatie moeten hebben. Olieprijzen zijn namelijk flink opgelopen de laatste maanden en dat zal binnenkort duidelijker te zien zijn in het inflatiecijfer. Maar belangrijker is dat de lonen ook in Europa stijgen. Een duidelijk voorbeeld hiervan is IG Metall, de grootste industrievakbond van Duitsland. Zij bereikten vorige week na dagenlange stakingen een akkoord met werkgevers over een loonsverhoging van 4,3 procent per 1 april. Weliswaar geldt het akkoord alleen nog voor werknemers in de Zuid-Duitse deelstaat Baden-Württemberg, maar men kan er op rekenen dat het als blauwdruk wordt gezien voor de rest van Duitsland.

Dichter bij huis stelde ABNAMRO de vakbonden een loonsverhoging van 2 procent in 2018 voor en nog eens 2 procent in 2019. Eerder verwierpen diezelfde vakbonden nog een aanbod van 2 keer 1 ½ procent. Kort geleden sprak ik met iemand die een eigen onderhouds- en klussenbedrijf had. Hij vertelde mij dat hij zijn uurloon met 25 procent had verhoogd. Na de malaise in de bouw- en woningsector heeft hij de opdrachten nu voor het uitkiezen. Dat zijn verhogingen die ver boven de huidige inflatie liggen.

Het is dan ook merkwaardig te lezen dat notabene ABNAMRO zelf de ECB pas diep in 2019 de rente ziet verhogen. En ABNAMRO staat daar niet alleen in. Die visie wordt gebaseerd op uitlatingen van Mario Draghi. Wat dat betreft bespeelt de ECB voorzitter de financiële markten formidabel. Draghi geeft analisten namelijk de indruk dat de rente pas ver nadat het opkoopprogramma is gestopt omhoog kan. En dat opkoopprogramma loopt in ieder geval tot september dit jaar.

Euro

Wat de inflatie inderdaad niet helpt is de oplopende euro. Hierdoor wordt onze import namelijk goedkoper. Al vaker heb ik geageerd tegen dit crisisbeleid van de ECB. Een beleid dat is ingevoerd om deflatie en stagnatie te voorkomen. Dat gevaar is al tijden volledig verdwenen, maar de ECB, lees Draghi, houdt standvastig de inflatiedoelstelling in het vizier alvorens tot actie komen. Hier mogen overigens Klaas Knot (De Nederlandsche Bank) en Jens Weidmann (Bundesbank) op afgerekend worden. Zij zouden Draghi er allang van overtuigd moeten hebben dat dit beleid niet meer past bij de economische omstandigheden.

De geharmoniseerde consumentenprijzen in de Eurozone zijn gestegen van 0,2 procent in 2016 naar 1,4 procent op dit moment. De economische groei bedraagt 2,7 procent op jaarbasis, terwijl de werkloosheid al een jaar lang een sterk dalend patroon laat zien. Bij dergelijke omstandigheden past geen rente van 0 procent meer, om al niet te spreken van een negatieve depositorente. Dit laatste om banken te stimuleren het geld uit te lenen. De cijfers van banken laten zien dat het met de kredietontwikkeling wel goed zit. Zowel bij particulieren als bij bedrijven.

Alternatief

Maar terugkerend naar de aandelenmarkt en wat zich vorige week afspeelde kunnen wij ons de vraag stellen of er sprake is van een technische correctie, dan wel een fundamentele verandering. Vaak hoorde ik de term “technische correctie”. En als je alles vanuit die hoek beredeneert kom je er altijd wel mee weg dat de daling technisch van aard is. Natuurlijk, de beurzen waren extreem “overbought” en daar moest een keer een reactie op komen. Wie dus niet in januari een deel van zijn winst op de aandelenportefeuille “te gelde” heeft gemaakt om later weer in te stappen mag de hand in eigen boezem steken. De bomen groeien immers wel hoog, maar aan alles komt een eind. En dat putopties duurder zijn dan callopties werd de afgelopen week weer eens duidelijk. Vertrouwen komt namelijk te voet en gaat te paard. Ofwel een stijging gaat in de regel een stuk minder snel dan een daling.

Maar belangrijker, er wordt momenteel een alternatief gevormd op de aandelenbeurs die er tijden niet is geweest. Namelijk rentedragende producten. Obligaties zijn daar het beste voorbeeld van. En als rendementen op staatsobligaties weer boven 3 procent stijgen dan is dat alternatief wel degelijk aanwezig. “Treasuries”, zoals Amerikaans overheidspapier wordt genoemd, bieden bij een looptijd van 30 jaar momenteel weer een rendement van 3 procent.

Met een beperkt risico, wat Amerikaans staatspapier toch wel is, heeft een fondsmanager al snel zijn besluit genomen. Hij zal een deel van de aandelenportefeuille liquideren en omzetten naar rentedragende producten. Dat alternatief had hij niet in de afgelopen tijd. En daarom kan het zo maar zijn dat de huidige daling meer is dan een technische correctie en deze nog wel even kan voortduren. De alternatieven van Trump om beleggers vertrouwen in te boezemen beginnen namelijk ook op te raken.

Wat dat betreft is de trend nog steeds “your friend” en kan het nog wel even duren voor wij de recordhoogtes van de laatste tijd weer hebben geëvenaard.