Nieuws/Financieel

Gezocht: Transparantie in Japan

De effectenbeurs van Tokyo (JPX) is een belangrijke aanjager van hogere corporate governance standaarden bij Japanse bedrijven. Onze reis naar Japan maakt het mogelijk om te kijken hoe de praktijk zich de afgelopen tijd heeft ontwikkeld en of de druk van de beurs effect heeft gehad. Wij bezochten verschillende bedrijven, zoals Don Quijote en Softbank. Met name de taalbarrière bleek een probleem te zijn.

Onder Japanse beursbedrijven is het hebben van belangen in andere (genoteerde) bedrijven heel normaal. Zo hebben leveranciers belangen in het aandelenkapitaal van klanten en andersom. De onderlinge verwevenheid van banken met bedrijven, maar ook die van bedrijven onderling, is bijzonder groot.

Lodewijk van der Kroft

Lodewijk van der Kroft

antoinedoyen.net

Cijfers van de beurs wijzen op een omvang van deze onderlinge kruisverbanden die gelijk is aan maar liefst 14,8% van de totale Japanse beurskapitalisatie. Een enorme verwevenheid dus, maar toch aanzienlijk minder dan voorheen. Begin jaren ’90 bedroeg dit percentage nog 50%.

Engels probleem

Een punt van zorg van de Japanse beurs is de beperkte aandacht voor minderheidsaandeelhouders en de geringe bereidheid om in het Engels te communiceren.

Een van Japans mooiste bedrijven was tot recent helemaal niet geïnteresseerd in de mening van haar minderheidsaandeelhouders, terwijl de grootaandeelhouder juist de dienst uitmaakte. Pas in december 2015 werden we als belegger voor het eerst uitgenodigd om langs te komen bij Fanuc, een fabrikant van gerobotiseerde productieprocessen.

De oorzaak was eenvoudig, haar grootaandeelhouder Fujitsu was in de problemen gekomen en was als gevolg daarvan gedwongen haar belang af te bouwen. Fanuc had, op basis van haar aandeelhoudersregister, geconstateerd dat wij al lang een stabiele aandeelhouder waren en wilde graag vernemen wat wij vonden dat het bedrijf beter kon doen haar communicatie: pas toen de onderlinge verwevenheid minder werd, deed het bedrijf de luiken open en ontdekte dat er nog andere partijen waren die van belang zouden kunnen zijn.

Hoge scores

Beursautoriteit JPX hanteert een aantal standaarden en verwacht dat bedrijven deze toepassen of anders aangeven waarom ze niet aan die standaard kunnen voldoen. Een van de hoogste scores waarop Japanse bedrijven volgens JPX afwijken van de norm is op het vlak van elektronisch stemmen/Engelstalige documentatie (zoals uitnodigingen voor de aandeelhoudersvergadering).

JPX stelt dat het voor met name kleinere en nationaal georiënteerde bedrijven niet direct duidelijk is waarom het verstandig is om Engelstalige documentatie ter beschikken te stellen. Het argument is dan meestal dat er geen of nauwelijks sprake is van buitenlandse aandeelhouders in het aandelenregister. Maar de beurs doorziet dit argument en merkt terecht op dat het ontbreken van buitenlandse aandeelhouders juist een direct gevolg kan zijn van het ontbreken van Engelstalige publicaties.

Don Quijote

Dat een focus op Japan niet allesbepalend hóeft te zijn voor de mate van transparantie, bleek toen we op bezoek waren bij discount retailer Don Quijote. Hoewel de CFO met ons communiceerde in het Japans en een tolk, is dit winkelbedrijf met 368 vestigingen en een miljoen m2 aan vloeroppervlak een toonbeeld van transparantie richting aandeelhouders. Met uitzondering van 14 vestigingen in het buitenland (Hawaii en Californië) is dit bedrijf alleen in Japan actief met een winkelconcept dat zich nog het best laat vergelijken met Action in Nederland.

De opzettelijk vrij rommelig en drukke winkels voeren een enorm breed pallet van tienduizenden merk- en merkloze producten variërend van levensmiddelen tot luxe horloges. Allerhande cijfermateriaal werd ons ter beschikking gesteld en elke vraag werd zeer consequent beantwoord.

Softbank

Aanzienlijk minder transparant waren onze gesprekspartners bij Softbank. Dit voormalige telecombedrijf is uitgegroeid tot ook op de internationale markten zeer grote investeerder in beursgenoteerde en private technologiebedrijven (opnieuw dus kruisverbanden). Beleggers hebben, niet geheel ten onrechte, moeite met het waarderen van het bedrijf.

De marktwaarde van Softbank (meer dan $80 miljard) bedraagt minder dan haar belangen in beursgenoteerde bedrijven als Alibaba, Sprint en Yahoo Japan gecombineerd (ultimo 2017: $ 145 miljard). In een poging om deze waarde voor aandeelhouders te ontsluiten heeft Softbank het afgelopen jaar geprobeerd om het Amerikaanse telecombedrijf Sprint te laten fuseren met T-Mobile USA. Maar daar kwamen beide partijen niet uit.

Op onze vragen wat het bedrijf nu wil doen met haar positie in Sprint, waren de medewerkers van Softbank opvallend vaag. Later die avond, na onze aankomst in Korea, bleek uit het laatste financiële nieuws waarom: de fusiegesprekken met T-Mobile USA waren zojuist weer nieuw leven ingeblazen. Soms zijn er dus goede redenen waarom bedrijven niet al te transparant kunnen zijn…

Lodewijk van der Kroft, partner bij Comgest, doet deze week verslag voor DFT van een beleggersdelegatie naar Japan en Korea. Hij en zijn reisgenoten spreken in Tokyo en Seoul met diverse analisten, bedrijven en politici om een betere indruk te krijgen van de kansen en bedreigingen voor Japanse en Koreaanse bedrijven. Comgest is een beheerder van € 28,2 miljard (per ultimo 2017) aan toevertrouwd vermogen.