1911527
Financieel

Geldverstrekkers kiezen voor ’lage’ of ’hoge’ hypotheken

Amsterdam - Geldverstrekkers specialiseren zich steeds meer in ’lage’ of ’hoge’ hypotheken. De lage hypotheek, met veel eigen ingebracht geld, wint aan populariteit.

In 2018 is bijna de helft van alle aanvragen zo’n lage hypotheek, weet de Hypotheekshop. Daarbij ligt de hypotheeksom een stuk lager dan de waarde van het huis. Daardoor kan de geldverstrekker een stuk lagere rente rekenen, want de kans op een restschuld bij een gedwongen verkoop is kleiner en een lage hypotheek vereist voor banken een kleinere kapitaalbuffer.

De Hypotheekshop neemt als rekenvoorbeeld een huis met een waarde van €200.000 waarop een hypotheek van €100.000 wordt genomen. Dan kan de rente - afhankelijk van hoe lang die wordt vastgelegd - 0,5 tot 0,6 procentpunt lager zijn dan bij een hypotheek van €200.000.

Geldverstrekkers specialiseren zich

Uit een marktscan van de Hypotheekshop blijkt dat geldverstrekkers zich ook specialiseren in lage of juist hoge hypotheken. Vooral regiepartijen, die met het kapitaal van externe partijen hypotheken aanbieden, zitten sterk in de hypotheken met een laag risico. Denk aan Syntrus Achmea en Munt Hypotheken, dat hypotheken verstrekt met het geld van pensioenfondsen.

Aan de andere kant staan verzekeraars als Aegon, ASR en NN Group die vooral de hoge hypotheken kiezen. Waar regiepartijen gaan voor zekerheid, kiezen de verzekeraars voor de hypotheken met iets meer risico, maar ook een hoger rendement.

Grootbanken vallen grotendeels in de neutrale categorie en hebben in een paar gevallen een lichte voorkeur voor lage hypotheken.