Financieel/Geld
1990723169
Geld

CBS: woonlasten huurders en eigenaren jarenlang stabiel

Protestdemonstratie tegen hoge huurprijzen in Amsterdam.

Protestdemonstratie tegen hoge huurprijzen in Amsterdam.

Amsterdam - Huurders hadden het de afgelopen jaren niet zo zwaar als je zou denken, zo blijkt uit onderzoek van het CBS. Volgens het statistisch bureau zijn hun woonlasten van 2015 tot en met 2021 gemiddeld gelijkgebleven. Ook de woonlasten van eigenaren bleven stabiel. Beide groepen hielden zelfs meer geld over.

Protestdemonstratie tegen hoge huurprijzen in Amsterdam.

Protestdemonstratie tegen hoge huurprijzen in Amsterdam.

Vorig jaar betaalden huurders gemiddeld €723 aan maandelijkse woonlasten, 11% meer dan in 2015. „Gecorrigeerd voor inflatie bleven de woonlasten van huurders min of meer gelijk in deze periode”, aldus het CBS in het donderdag gepubliceerde woononderzoek Nederland (WoON) 2021, een driejaarlijkse enquête onder ruim 47.000 Nederlanders.

Inmiddels is de situatie natuurlijk wel flink anders. De explosieve stijging van de energielasten treft zowel huurders als eigenaren, terwijl die laatste groep ook te maken krijgt met de sterke stijging van de hypotheekrente. De cijfers van het CBS dateren echter van voor de verandering van het economische klimaat.

Inkomen

In 2021 waren huurders nog 36% van hun besteedbaar inkomen kwijt aan wonen. Huiseigenaren waren gemiddeld 23% van hun besteedbaar inkomen kwijt.

Deze zogeheten woonquotes namen in de onderzochte periode af voor zowel huurders als eigenaren. Oftewel: wonen werd relatief goedkoper. De woonquote van huurders is sinds 2015 gemiddeld met 2,3% afgenomen. De woonquote van eigenaren laat een nog gunstiger beeld zien; een afname van 3,8%.

Met name in de periode 2018-2021 nam de woonquote voor woningeigenaren fors af. De woonuitgaven van eigenaren bleven in deze periode met ruim €900 min of meer stabiel, terwijl hun gemiddelde inkomen steeg.

Huurders van een particuliere verhuurder waren met gemiddeld 42% een veel groter deel van hun inkomen kwijt aan woonlasten dan huurders van corporatiewoningen, waarvoor de woonlasten gemiddeld een derde van het inkomen vormden. Daarnaast ontvingen zij, vergeleken met huurders van corporatiewoningen, minder compensatie via de huurtoeslag.

Hypotheekuitgaven

De woonuitgaven van woningeigenaren bedroegen in 2021 gemiddeld €919 per maand, vergelijkbaar met 2015. De maandelijkse bruto hypotheekuitgaven namen en opzichte van 2015 met ruim €90 af. De dalende rentestand speelde hierbij een rol. Anderzijds lossen woningeigenaren door de strengere regelgeving rond hypotheken steeds meer af op hun hypotheek.

In de laagste inkomensgroep bedroegen de woonlasten, zowel voor eigenaren als huurders, gemiddeld 45% van het inkomen. Huurders in deze groep waren in 2021 maandelijks gemiddeld €533 kwijt aan woonlasten. Voor woningeigenaren was dat gemiddeld €562.

De woonsituatie van huishoudens verschilt sterk per inkomensgroep. In de laagste inkomensgroep huurt 80% van de mensen, in de hoogste is dat 8%.