2023822
Financieel

Column: De ondergang van het klimaatbeleid

Willem Vermeend en Rick van der Ploeg

Willem Vermeend en Rick van der Ploeg

In december 2015 spraken 195 landen en de EU in de Franse hoofdstad af dat rond het jaar 2200 de opwarming van de aarde ten opzichte van 1990 ruim onder 2 graden Celsius moet blijven. Om dit zogenoemde klimaatakkoord te realiseren, is het nodig dat de wereldwijde netto-uitstoot van broeikasgassen (vooral CO2) in de tweede helft van deze eeuw nihil is. Lukt dit niet, dan zullen we wereldwijd te maken krijgen met een toename van de negatieve effecten van de verdere opwarming van de aarde, zoals extreem weer, overstromingen, maar ook droogte en in veel landen lagere economische groeicijfers.

Willem Vermeend en Rick van der Ploeg

Willem Vermeend en Rick van der Ploeg

De zorgen daarover nemen toe. Er verschijnen steeds meer internationale publicaties waarin wordt voorgerekend dat de doelstellingen van Parijs met het bestaande beleid bij lange na niet gehaald zullen worden. In de meeste landen bestaat dit beleid uit een pakket van klassieke maatregelen, zoals belastingheffing op de uitstoot van CO2, overheidssubsidies voor het opwekken van duurzame energie en energiebesparing. Daarnaast wordt in veel landen vervuilend verkeer en vervoer aan banden gelegd en staat de sluiting van kolencentrales op het klimaatprogramma.

Bezwaren klimaatpakketten

Naast het feit dat de maatregelen in deze pakketten volstrekt onvoldoende zijn om het klimaatakkoord van Parijs te realiseren, komen inmiddels ook de bezwaren en nadelen daarvan in beeld. De voornaamste zijn:

a. Een forse verhoging van de lastendruk op burgers en bedrijven, waarbij vooral de lagere inkomens de rekening betalen. Deze hogere lastendruk remt de economische groei en werkgelegenheid. Deze druk kan worden verminderd door andere belastingen te verlagen.

b. Bureaucratische (subsidie)regelingen met hoge administratieve lasten voor overheden, burgers en bedrijven.

c. Landen komen erachter dat deze pakketten de schatkist veel geld kosten en bij burgers leiden tot klachten over de oplopende lasten. Dit zien we ook in ons land. Deze kosten en de verdeling daarvan over burgers en bedrijven worden de komende jaren in de Haagse politiek een hoofdpijndossier.

d. Concurrentievervalsing tussen landen. Landen die niet meedoen met Parijs, zoals de VS, of achterblijven bij het klimaatbeleid, bevoordelen hun burgers en bedrijven met lagere lasten. Daardoor bestaat de kans dat bedrijven en werknemers in landen met een hoge lastendruk verhuizen naar landen die voordeliger zijn. President Trump is van mening dat het klimaatakkoord van Parijs de groei van de Amerikaanse economie afremt en doet daarom niet mee. Hij lokt Europese ondernemingen naar de VS waar ze geen last van het klimaatakkoord hebben.

e. Bij de energietransitie van fossiel naar duurzaam, worden landen geconfronteerd met een afname van de stabiliteit en betrouwbaarheid van hun stroomvoorzieningen.

Draagvlak

Door deze nadelen en bezwaren die ook steeds meer op de voorpagina’s verschijnen, is de oorspronkelijke euforie over het Parijse akkoord in veel landen weggeëbd. Daardoor neemt ook het maatschappelijke en politieke draagvlak af voor deze noodzakelijke energietransitie. Als we de aardbol willen redden, zullen de ondertekenaars van Parijs uit een ander vaatje moeten tappen. Op dit moment heeft het klimaatbeleid bij veel bedrijven en burgers een slecht imago. Het wordt vooral beschouwd als een beleid van lastenverzwaringen, extra voorschriften en nieuwe bureaucratie. Een hogere lastendruk geldt ook als bezwaar tegen een zogenoemde CO2-taks die voor het klimaatbeleid op zich effectief kan zijn. Dit bezwaar kan worden verminderd met compenserend verlagingen van andere belastingen. Maar deze taks moet wel op Europese of wereldschaal worden ingevoerd om effectief te zijn.

Opgave

Voor de ondertekenaars ligt hier de opgave om dit beeld bij te stellen. In de eerste plaats moet, veel meer dan nu, duidelijk worden gemaakt dat we bezig zijn onze aardbol te redden; we hebben er maar één. Benadrukt moet worden dat het hier gaat om een reddingsoperatie waarvan de kosten en de verdeling beter zichtbaar gemaakt moeten worden. Daarnaast moeten de huidige klimaatpakketten kritisch worden doorgelicht, waarbij de kosteneffectiviteit en de verdeling van de lasten over burgers en bedrijven centrale elementen zijn.

In een eerder column hebben wij betoogd dat de economie van de toekomst slim en groen is. In de klimaatpakketten dienen de inzet van nieuwe technologieën en onderzoek en ontwikkeling op dit vlak centraal te staan. Daaraan moeten we veel extra geld uitgeven; ze leveren hoge groene rendementen op. Alleen met behulp van deze inzet is de aardbol te redden. Het gaat daarbij onder meer om het gebruik van kunstmatige intelligentie, het internet of things, robotica, 3d-printen, nanotechnologie, waterstof enz. Met deze innovatieve technologieën kunnen we onder meer energiearme productieprocessen realiseren, maar ook de rendementen van duurzame energie sterk laten toenemen. Wij hebben al eerder geschreven dat onze aardbol alleen kan worden gered met zogenoemde doorbraak technologie; ook wel aangeduid als smart green tech. Daarmee kan de energie-transitie van fossiel naar duurzaam worden versneld.

Waterstof

Deze versnelling is ook mogelijk met de grootschalige inzet van schone waterstof. Technische knelpunten en hoge kosten die tot voor kort barrières opwierpen voor dit gebruik, bijvoorbeeld als brandstof voor verkeer en vervoer en andere sectoren zoals de chemische sector, zijn voor een belangrijk deel opgelost. Mits voor een voldoende schaalgrootte wordt gekozen, maken deze ontwikkelingen het mogelijk de overgang van een fossiele economie naar een schone waterstofeconomie aanzienlijk te versnellen. Een voorbeeld zien we in Japan.

Een wenkend groen perspectief

Het klimaatbeleid krijgt een ander gezicht als landen de nadruk gaan leggen op de inzet van innovatieve technologieën waarmee ze de energietransitie van fossiel naar duurzaam gaan versnellen. Deze inzet creëert tegelijk een extra duurzame economische groei en nieuwe banen. Maar ook een groenere economie met een gezondere leefomgeving. Met dit wenkende perspectief wordt klimaatbeleid inspirerend en leuk en neemt het maatschappelijke draagvlak toe. En voor landen die niet meedoen aan Parijs is de simpele boodschap: jullie hebben geen toekomst. Het is duurzaam groeien of helemaal niet groeien!