Nieuws/Financieel

Groen licht medicijn Kiadis nabij

Amsterdam - Topman Arthur Lahr van Kiadis Pharma heeft er vertrouwen in dat zijn medicijn Atir101 volgend jaar op de Europese markt wordt toegelaten. Dat zou goed nieuws zijn voor zowel leukemiepatiënten als aandeelhouders van het Amsterdamse biotechbedrijf.

Acute leukemie en andere vormen van bloedkanker worden veelal met chemotherapie behandeld. Dit werkt echter niet voor alle patiënten. Voor hen kan een allogene stamceltransplantatie uitkomst bieden. Hoewel alleen ons land al ruim tweehonderdduizend donors telt, is het niet eenvoudig om een goede match te vinden. Ook tussen familieleden zoals ouder en kind is gewoonlijk hooguit sprake van een halve match. Juist bij hen zorgt het gebruik van Atir101 ervoor dat een transplantatie veel effectiever en veiliger kan plaatsvinden, zo wijzen de door Kiadis uitgevoerde patiëntenstudies uit.

Het wachten is nu op toestemming van de EMA en Lahr acht de kans groot dat deze er in het vierde kwartaal daadwerkelijk komt. „In dit stadium is de kans gemiddeld genomen 80%. En wij denken hier nog wat boven te zitten, gezien de aard van de vragen die de EMA ons heeft gestuurd.”

Terwijl kleine biotechnologiebedrijven de marketing en verkoop van hun medicijn veelal uitbesteden aan een geneesmiddelenfabrikant, zet Kiadis zelf een commerciële infrastructuur op. „De transplantaties vinden vrij geconcentreerd plaats, voor wat betreft de vijf grootste EU-landen in 70 klinieken. Met enkele daarvan werken we nu al samen. De productie gebeurt op dit moment in Duitsland maar in de toekomst zal dit ook worden gedaan op onze locatie vlakbij het AMC in Amsterdam”, meldt Lahr.

Concurrentie ondervindt Kiadis vooral van het Amerikaanse Baltimore-protocol, waarbij chemotherapie na de transplantatie van een voor de helft gematchte familiedonor plaatsvindt. „Afgaande op de literatuur en onze fase 2-studie lijkt de overlevingskans vergelijkbaar, maar bij ons product lijkt het risico kleiner dat de ziekte weer terugkomt. Er is ook minder risico dat het immuunsysteem van de donor de patiënt aanvalt”, stelt Lahr.

Terwijl de topman erop vertrouwt dat Kiadis in het derde kwartaal van 2019 met de verkoop van Atir101 in Europa kan beginnen, laat de marktintroductie in de VS langer op zich wachten, aangezien voor de VS nog een zogenaamde fase 3-studie nodig is. „Ik geef geen prognose over de timing. Wel is het zo dat van de 50.000 patiënten in beide continenten die jaarlijks baat zouden kunnen hebben bij ons product, de meerderheid in Europa woont. De VS hebben we ook niet per se nodig om winstgevend te kunnen worden.”

Bekijk meer van