Nieuws/Financieel
2088912
Financieel

Column: Wat nu ECB?

De anti-establishment-beweging Vijfsterren en de nationalistische Lega gaan in Italië een nieuwe regering vormen. De in het regeerakkoord aangekondigde plannen leiden tot onzekerheid op de financiële markten. Zeker omdat bij deze coalitie de niet openlijk uitgesproken maar wel aanwezige wens bestaat om te zijner tijd de Europese Unie te verlaten.

Daar steekt de Italiaanse president in ieder geval voorlopig een stokje voor nu hij de benoeming van één euro-sceptische minister heeft gedwarsboomd.

De 54-jarige professor zonder enige politieke ervaring Giuseppe Conte die de nieuwe premier zou worden, heeft daarop z’n opdracht teruggegeven. De financiële markten verkeren in onzekerheid. De rente op de Buono de Tesoro Pollienale (BTP; de tienjaars Italiaanse staatslening) liep op en het verschil met de Duitse tienjaars staatslening is lang niet meer zo hoog geweest.

Ingrijpende maatregelen

Analisten maken zich vooral zorgen over de mogelijke introductie van zogeheten minibots. Dit zijn kortlopende, verhandelbare obligaties waarmee de Italiaanse overheid zijn schuldeisers wil betalen.

Andere plannen zijn het terugdraaien van de verhoogde pensioenleeftijd, het invoeren van een basisinkomen van 780 euro, het afschaffen van een verhoging van de BTW en een vlaktaks. De Lega wilde een belastingtarief van 15 procent. Deze belofte is maar half overeind gebleven. Het wordt 15 en 20 procent voor personen en bedrijven. Bedenk dat het huidige tarief 23 procent bedraagt.

Alles bij elkaar zal het de Italiaanse overheid minstens 100 miljard euro kosten.

Italië is veel groter dan Griekenland en het heeft met 130 procent van het BNP de op-één-na-hoogste staatsschuld van de Europese Unie. Het gaat om een bedrag van 2.260 miljard euro. Dat is 37.380 euro per hoofd van de bevolking.

Vergeleken met Nederland is dat veel, maar afgezet tegen het Amerikaanse financiële kaartenhuis valt het mee. Amerikanen hebben een schuld van ruim 65.000 dollar per hoofd van de bevolking.

Wat staat ons te wachten?

De grote vraag is wat ons op de financiële markten en verder met betrekking tot de economie van de Europese Unie te wachten staat. Italië is niet alleen groot, maar ook een van de zes grondleggers van wat later de Europese Unie is geworden.

Het is natuurlijk de vraag hoe lang deze enigszins bizarre coalitie standhoudt. In Italië hebben coalities nooit de neiging stand te houden tot het einde van hun zittingsperiode.

Beide partijen vinden elkaar weliswaar in hun afkeer van het Italiaanse establishment en de Europese Unie. Verder hebben ze echter weinig gemeen. De Lega is ooit opgericht met als doelstelling om het rijke noorden af te splitsen van het arme zuiden.

Het was de afgelopen 25 jaar eveneens een belangrijke pion achter het populistische beleid van Silvio Berlusconi. De Vijfsterrenbeweging heeft zijn voornaamste basis juist zitten in dat arme zuiden.

Een financiële macht

De coalitie zal ook te maken krijgen met een macht waar in het verleden al velen hun tanden op hebben stukgebeten: de financiële markten. De rente op tienjaars staatsleningen loopt op.

Voor deze onzalige combinatie tot stand kwam bedroeg deze nog 1,70 procent in Italië. Dat was ongeveer gelijk aan de rente die de Noorse staat moet vergoeden. Bedenk daarbij dat Noorwegen geen staatsschuld heeft, maar juist een spaarpot van ongeveer 1.000 miljard euro.

Voor de invoering van de euro betaalde Italië doorgaans rond de 12 tot 14 procent op deze staatsleningen. Italië heeft dus veel te danken aan de euro en de Europese Unie.

De ECB, die ondertussen zo’n kwart van de Italiaanse staatsschuld op de balans heeft staan speelt daarin een voorname rol. De ECB geeft beleggers voldoende vertrouwen alle Italiaanse strapatsen voor lief te nemen en op grote schaal BTP’s te kopen. Overigens is 23 procent van de Italiaanse staatsschuld in handen van buitenlandse beleggers.

Bluf?

De nieuwe Italiaanse regering moet eerst nog geformeerd worden. Niet alleen moet de strijd met de Italiaanse president worden aangegaan maar ook met de financiële markten. Een eerste wake-up call is er al geweest. Nu betaalt Italië (nog) gemiddeld minder dan 2 procent over de gehele uitstaande staatsschuld.

Voor het uitbreken van de kredietcrisis was dat 4,4 procent. Doorvoeren van het aangekondigde zou tot een forse verhoging van de rente leiden, om nog maar te zwijgen over de te verwachten enorme kapitaalvlucht. Dat leidt tot een explosie van schuld en geldontwaarding leiden met alle ellende van dien. De economische schade zou niet te overzien zijn.

Aan de nieuwe coalitie de keuze. Zal er blufpoker worden gespeeld of zal men inbinden? Ook de bezitter van een kwart van alle uitstaande Italiaanse schuld staat voor een aantal moeizame besluiten. Wat nu, ECB?

Martine Hafkamp is algemeen directeur van Fintessa Vermogensbeheer