Nieuws/Financieel
2129819535
Financieel

Column: Hollands welvaren op de tocht

Nederland dreigt op verschillende vlakken de boot te missen.

Nederland dreigt op verschillende vlakken de boot te missen.

In de internationale economische wereld wordt zowel in de politiek als het bedrijfsleven veel belang gehecht aan de jaarlijkse wereldranglijstjes waarop landen met elkaar worden vergeleken op basis van hun ’prestaties’ op verschillende beleidsterreinen. Daarbij gaat het onder meer om economische groeicijfers, hun concurrentiekracht, hoe innovatief ze zijn, de lastendruk voor burgers en bedrijven, het vestigingsklimaat, maar ook het onderwijsniveau, de sociale zekerheid en welvaart. Nederland scoort op deze wereldlijstjes hoog.

Nederland dreigt op verschillende vlakken de boot te missen.

Nederland dreigt op verschillende vlakken de boot te missen.

We hebben vaak een plek in de top tien van best presterende landen en ons land haalt soms de internationale media met een plaats in de wereld top vijf. Zo maakte het gezaghebbende World Economic Forum (WEF) recent bekend dat Nederland op de vierde plaats staat op de wereldranglijst van landen met de sterkste economische concurrentiekracht. Omdat wij als handelsland voor onze economische groei en werkgelegenheid sterk afhankelijk zijn van onze export naar andere landen en investeringen van buitenlandse bedrijven in Nederland, is dat een prachtige score.

Concurrentiekracht

Daarbij moeten we bedenken dat onze huidige welvaart voor een belangrijk deel te danken is aan goede exportprestaties; en daarvoor heb je concurrentiekracht nodig. Maar ook aan grote internationale bedrijven die zich in Nederland vestigen en hier investeren mede vanwege onze uitstekende concurrentiepositie en het aantrekkelijke bedrijfsvestigingsklimaat.

De hoge scores van Nederland op de internationale ranglijstjes zijn in hoofdzaak behaald met ’oud’ beleid van de opvolgende regeringscoalities en de zogenoemde poldersamenwerking met werkgevers en vakbonden. Dat beleid raakt uitgewerkt, terwijl tegelijkertijd de wereld om ons heen razendsnel aan het veranderen is.

Die ontwikkelingen hebben ingrijpende gevolgen voor onze groei, werkgelegenheid en welvaart. Zo verhult de mooie vierde plaats de onderliggende cijfers die laten zien dat Nederland aan het wegzakken is op het terrein van innovatie. Op ander lijstjes zien we ook dat Nederland de boot dreigt te missen, zoals op het terrein van digitalisering en nieuwe technologieën, zoals kunstmatige intelligentie en het internet of things, maar ook op het terrein van het beste hogere onderwijs.

Waarschuwing

Deze week kreeg ons land een nieuwe waarschuwing. Volgens het zogenoemde Doing Business-report van de Wereldbank is Nederland de afgelopen tien jaar op deze internationale ranglijst gedaald van plek 29 naar 42. Daarbij gaat het om een lijst van landen waar bedrijven het best zaken kunnen doen. Daaruit blijkt bijvoorbeeld dat in Europa de beste zakenlanden zijn: Denemarken (op plaats 4 ), het Verenigd Koninkrijk (8), Noorwegen (9) en Zweden (10).

Een ander verontrustend lijstje voor ons land is dat van de zogenoemde collectieve lastendruk; de jaarlijkse optelsom van belastingen en premies die door burgers en bedrijven worden betaald. Nederland behoort, mede door de stijging van de afgelopen jaren, internationaal tot de kopgroep van landen met de hoogste lastendruk en dat pakt slecht uit voor onze economische ontwikkeling.

Lastendruk

In steeds meer Europese landen staat de druk van belastingen en premies hoog op de politieke agenda. Dat heeft te maken met de internationale concurrentie tussen landen, maar ook met de inzakkende economische groei. Veel landen, waaronder Nederland, krijgen de komende jaren te maken met lagere groeicijfers en daarom willen ze hun economie aanjagen met belastingverlagingen. Daarnaast heeft de Amerikaanse president, Donald Trump, Europa wakker geschud met een historische verlaging van de belastingdruk voor burgers en bedrijven en zijn America First beleid. Ook tegenstanders erkennen inmiddels dat Trump daarmee in eerste instantie economische successen heeft geboekt.

Naast de hoge lastendruk krijgt de Nederlandse open economie steeds meer last van de mondiale trend waarbij de internationale handel wordt belemmerd door zogenoemde protectionistische maatregelen. Een toenemend aantal landen volgt het beleid van Trump en neemt maatregelen waarbij het eigen bedrijfsleven en de eigen werknemers worden beschermd en bevoordeeld en buitenlandse bedrijven en werknemers uit andere landen buiten de deur worden gehouden. Daardoor vertraagt de groei van de wereldeconomie. Omdat wij ons brood voor een belangrijk deel verdienen met internationale handel, is dit een funeste ontwikkeling die ten koste gaat van de welvaart in Nederland.

Kloof

Ons land krijgt ook te maken met andere internationale trends. Daarbij gaat het vooral om het aanpakken van de kloof tussen arm en rijk en meer mensen die kiezen voor meer en beter overheidsbeleid. Maar ook voor een eerlijker verdeling van de belastingdruk tussen bedrijven en burgers. En in een toenemend aantal landen vinden kiezers dat de klimaatambities moeten worden opgeschroefd.

Als we naar deze ingrijpende ontwikkelingen kijken dan zullen politieke partijen in Nederland in hun nieuwe verkiezingsprogramma’s belangrijke fundamentele keuzes moeten maken. Partijen die voorstander zijn van een grotere publieke sector met hogere uitgaven voor zorg, onderwijs, sociale zekerheid, meer en beter betaalde ambtenaren en een ambitieus klimaatbeleid, hebben geen financiële ruimte voor lagere belastingen voor burgers en bedrijven. Die voorstanders zijn alleen geloofwaardig als ze er eerlijk bij vertellen dat aan een grotere collectieve sector wel een prijskaartje hangt: extra belastingen en premies.

Prijskaartje

Verschillende politieke partijen, vooral op links, willen de extra kosten voor een grotere overheid en het klimaatbeleid neerleggen bij de werkgevers. Ondernemers zouden meer belastingen en premies moeten betalen. Alleen multinationals extra belasten, zoals deze partijen aangeven, is onwerkbaar en levert ook onvoldoende op.

Berekeningen wijzen uit dat door dit voorstel vooral werkgevers in de mkb-sector, onze banenmotor, zwaarder belast worden. Bij deze ’linkse’ keuze moet dan ook het eerlijke verhaal verteld worden dat veel mensen daardoor hun baan gaan verliezen en dat een aantal bedrijven Nederland zal verlaten.

Partijen die straks belastingverlagingen beloven, moet eerlijk melden dat ze die alleen kunnen betalen door te snijden in overheidsuitgaven en dat betekent dat ze met bezuinigingsprogramma’s moeten komen.