Nieuws/Financieel
2132267911
Financieel

Voor ruim helft boerenbedrijven dreigt einde

Melkveebedrijven vinden het gemakkelijkst een opvolger.

Melkveebedrijven vinden het gemakkelijkst een opvolger.

Boeren hebben steeds meer moeite een opvolger te vinden voor hun bedrijf. Zes op de tien landbouwers van 55 jaar of ouder heeft niemand om het bedrijf over te nemen. Voor kleinere agrarische bedrijven is helemaal geen toekomst meer.

Melkveebedrijven vinden het gemakkelijkst een opvolger.

Melkveebedrijven vinden het gemakkelijkst een opvolger.

Dat blijkt uit cijfers van de Landbouwtelling 2020 van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS). Afgelopen jaar telde Nederland 52.000 landbouwbedrijven, waarvan 27.000 met een bedrijfshoofd van 55 jaar of ouder. Van deze oudere agrariërs hadden er zo’n 11.000 een opvolger en 16.000 niet. Sinds 2012 loopt de interesse in de overname van een agrarisch bedrijf iets achteruit.

Voor grote landbouwbedrijven met een opbrengst van meer dan een half miljoen blijkt nog wel interesse te zijn. Zeven op de tien boeren vanaf 55 jaar met een groot landbouwbedrijf had in 2020 een bedrijfsopvolger. Bij middelgrote bedrijven met een opbrengst van tussen de €100.000 en €50.000 was dit iets minder dan de helft.

Kleintjes

Kleine bedrijven met een jaaromzet lager dan een ton laten jonge ondernemers links liggen. Het gaat hier om bedrijven die bij elkaar goed zijn voor 3% van de totale Nederlandse landbouwgrond en minder dan 1% van de landbouwproductie. Voor slechts 29% van deze kleine boerderijen staat er een nieuwe eigenaar klaar.

Melkveebedrijven zijn het populairst. Op bijna twee derde van de melkveebedrijven met een bedrijfshoofd van 55 jaar of ouder was er in 2020 een bedrijfsopvolger. Daarmee is de animo voor melkveebedrijf anderhalf keer zo groot als een doorsnee bedrijf. Schapenbedrijven zijn het minst populair. Nog niet een op de vijf schapenboeren heeft een opvolger klaarstaan.

Friesland

In de provincies met ruimte is duidelijk gemakkelijker een opvolger te vinden dan in overige provincies. In Friesland en Flevoland is de opvolging het best geregeld. Daar hebben respectievelijk 76% en 55% van de bedrijven een opvolger. In Limburg is met een derde van de landbouwbedrijven het aantal opvolgers het laagst.