Nieuws/Financieel

Belasting van 60% op vermogen ’niet buitensporig’

DIJKSTRA BV

Amsterdam - Twee mensen die 60% belasting moesten betalen over het rendement op hun spaargeld hebben niet buitensporig veel af te hoeven dragen. Dat komt voort uit twee proefprocessen tegen de ’spaartaks’.

DIJKSTRA BV

Het gaat in de zaken om twee mensen die ongeveer 3 ton aan vermogen (box 3 in de belastingaangifte) hebben waarover belasting geheven moet worden. Een zaak gaat over 2013 en een over 2014. De Belastingdienst ging er in die jaren vanuit dat mensen 4% rendement over hun vermogen zouden boeken en hief daar dan 30% belasting over.

In het geval van deze mensen kwam het er daarom op neer dat zij bedragen van ongeveer €3300 en €3500 mochten afdragen aan de Belastingdienst. Maar daar stond een opbrengst uit de spaarrente van ongeveer €2700 en €4000 tegenover. In het eerste geval was de belasting dus hoger dan wat de rente opleverde.

’Niet buitensporig’

Toch vindt het gerechtshof ’s-Hertogenbosch niet dat er hier sprake is van een te hoge belasting. Het hof erkent wel dat 4% rendement misschien wat te hoog gegrepen was in 2013 en 2014.

Maar de rechter vond ook dat 2% rendement nog best wel te halen was. Met het belastingtarief uit die jaren zou dat leiden tot een belastingdruk van 60% over het behaalde rendement en daarvan ’kan niet worden gezegd dat zij ertoe leidt dat belastingplichtigen worden geconfronteerd met een buitensporig zware last’, concludeert het hof. Dat de belastingdruk in werkelijkheid voor deze mensen nog veel hoger ligt, doet er niet toe.

Creatief

Fiscalist Monique Ligtenberg van Fiscaal up to Date heeft wat vraagtekens bij de redenering van het hof. „Deze gedachtegang is nieuw en op zijn minst creatief. Feit is immers dat het belastingtarief in box 3 30% is en niet 60%. Wij zijn erg benieuwd hoe het Hof zou aankijken tegen een maximaal haalbaar rendement van 1%. Om op dezelfde 1,2% uit te komen, moet dan een belastingtarief van 120% worden toegepast.”

„Tegen de tijd dat we dat weten, zijn we vast al toe aan procedures over 2017 waarin de systematiek is gewijzigd, en kan het spel weer van voren af aan beginnen”, zegt Ligtenberg, die vreest voor een ellenlang kat-en-muis-spel tussen de Belastingdienst en belastingbetalers: „Zolang we moeten uitgaan van fictieve en niet van reële rendementen, zullen er vermoedelijk procedures zijn over de heffing in box 3.”

Voortaan automatisch via de mail nieuws over geld, hypotheek of pensioen ontvangen? Abonneer u dan hier gratis op de DFT Nieuwsbrief