2615054
Financieel

Column Vermeend en Van der Ploeg

Klimaatbeleid ontploft

Willem Vermeend (l.) en Rick van der Ploeg

Willem Vermeend (l.) en Rick van der Ploeg

In december 2015 spraken 195 landen en de EU in Parijs af dat aan het eind van deze eeuw de opwarming van de aarde ten opzichte van 1990 beperkt moet blijven tot onder de 2 graden Celsius. Daarvoor is het nodig dat de wereldwijde netto-uitstoot van broeikasgassen (vooral CO2) in de tweede helft van deze eeuw nihil is.

Willem Vermeend (l.) en Rick van der Ploeg

Willem Vermeend (l.) en Rick van der Ploeg

Het kabinet Rutte III pronkt met een ambitieuzer klimaatbeleid waarmee het internationaal koploper wil worden. De Nederlandse CO2-uitstoot moet voor 2030 met 49% zijn teruggedrongen en in 2050 95% lager liggen ten opzichte van 1990. Dat jaar moet er ook sprake zijn van een elektriciteitsproductie die volledig CO2-neutraal is.

Om deze ambities te realiseren heeft het kabinet voor een polderaanpak gekozen. Een bont gezelschap van vertegenwoordigers uit het bedrijfsleven, de milieu-organisaties, de vakbonden, werkgevers en deskundigen werd opgetrommeld om als klimaatonderhandelaars plaats te nemen aan vijf zogenoemde ‘klimaattafels’. De onderhandelaars moesten aan deze ‘tafels’ klimaatmaatregelen bedenken op de volgende terreinen: Industrie, Verkeer en Vervoer, Elektriciteit en Energie, Bebouwing en Landbouw. Elke tafel kreeg van klimaatminister Eric Wiebes de opdracht om een maatregelenpakket op te stellen waarmee een vooraf vastgestelde CO2-reductie gerealiseerd kan worden.

Vaagheid

Afgelopen vrijdag maakte het Planbureau voor de Leefomgeving (PBL), de rekenmeester voor het klimaatbeleid, bekend dat de pakketten die de tafels hebben ingeleverd, zodanig vaag zijn dat het niet mogelijk is adequate rekensommen te maken over de kosten en klimaateffecten. Dit was geen verrassing. Aan de tafels zaten onderhandelaars met “clubbelangen” en ook eigen klimaathobby’s en dat levert veelal waterige compromissen op waarmee het klimaat niet gediend is.

De Boer en Oudshoorn(VNO-NCW) hebben dan ook gelijk als zij in het economenblad ESB schrijven dat het kabinet de fout heeft gemaakt de regie aan de klimaattafels te geven. De klimaatdoelstellingen moeten onder regie van het kabinet vooral gerealiseerd worden door een aantal grote nationale duurzame projecten, bijvoorbeeld een economie die ‘draait’ op groene waterstof en daarnaast door een CO2-taks (zie hieronder).

Een effectief beleid

Bedacht moet ook worden dat een effectief klimaatbeleid alleen kan worden vormgegeven op basis van harde criteria als doelmatigheid, doeltreffendheid en de ‘beste’ beleidsinstrumenten. Omdat het hierbij gaat om een beleid dat vele decennia omvat, moet daarom rekening worden gehouden met de komst van nieuwe beleidsinstrumenten waarmee effectiever en goedkoper dan met de huidige maatregelen C02-reducties gerealiseerd kunnen worden. Een deel van deze instrumenten is nu al beschikbaar, maar ze worden nog onvoldoende ingezet.

In een eerdere column hielden wij een pleidooi voor een CO2-taks voor bedrijven. Deze prikkelt ondernemers, via de inzet van nieuwe technologieën, tot een beter klimaatbeleid. Om de concurrentiepositie van Nederland niet in gevaar te brengen zou de opbrengst van deze taks gebruikt kunnen worden om bedrijven voor deze lastenverhoging te compenseren, bijvoorbeeld via lagere werkgeverslasten of een lagere winstbelasting.

Doelstellingen niet gehaald

Volgens recente internationale publicaties zullen deze met het huidige beleid niet worden gehaald. In de meeste landen bestaat dit uit klassieke maatregelen, zoals belastingheffing op de uitstoot van CO2, overheidssubsidies voor het opwekken van duurzame energie, energiebesparing en milieuvoorschriften Daarnaast wordt in veel landen vervuilend verkeer en vervoer aan banden gelegd en staat de sluiting van kolencentrales op het klimaatprogramma. Deze maatregelen zijn volstrekt onvoldoende om het klimaatakkoord van Parijs te realiseren.

Bovendien wordt in de praktijk steeds duidelijker dat aan deze maatregelen grote nadelen kleven, zoals een forse verhoging van de lastendruk op burgers en bedrijven en de introductie van bureaucratische (subsidie)regelingen met hoge administratieve lasten. Daarnaast zien we in verschillende landen heftige discussies over de verdeling van de klimaatkosten over bedrijven en burgers en een toenemende aandacht voor concurrentievervalsing tussen landen die niet meedoen met Parijs, zoals de VS, of achterblijven met hun klimaatbeleid.

Lastenverzwaringen

Vooral door energiebelastingverhogingen heeft het klimaatbeleid bij veel bedrijven en burgers een slecht imago. Het wordt beschouwd als een beleid van extra lasten, extra voorschriften en nieuwe bureaucratie. Ook Nederland hanteert deze klassieke klimaatmaatregelen en dat zal de komende jaren tot politiek vuurwerk in Den Haag leiden. Gezien de vertraging die nu in het klimaatbeleid is opgetreden en de belangrijke verkiezingen voor de Provinciale Staten in maart 2019, is de kans groot dat Rutte III pas na deze verkiezingen daadwerkelijk met het klimaatbeleid aan de slag gaat.

Beste oplossing

Het komende decennium zullen onze maatschappij en economie te maken krijgen met revolutionaire veranderingen. Onze huidige, veelal fysieke economie, aangeduid als 3.0 verandert in een nieuwe economie, 4.0, die gekenmerkt wordt door digitalisering van productie- en bedrijfsprocessen en nieuwe technologieën als kunstmatige intelligentie, het Internet of Things (IoT), 3D-printen, robottechnologie enz. Het valt op dat aan de klimaattafels een klimaatbeleid is ontwikkeld dat vooral is gebaseerd op de oude economie en niet op de wereld van 4.0.

De meest effectieve methode om de doelstellingen van Parijs te realiseren is het gebruik van digitalisering, nieuwe technologieën en extra R&D op dit vlak. Dit gebruik kun je stimuleren met een CO2-taks. Zo kunnen de energietransitie van fossiel naar duurzaam en energie-arme productieprocessen versneld worden. Dit is ook de boodschap die is opgenomen in The Exponential Climate Action Roadmap. Volgens dit rapport, medio september in San Francisco gepresenteerd tijdens The Global Climate Action Summit, kan met de huidige toepassingen op het terrein van digitalisering en nieuwe technologieën de wereldwijde uitstoot van CO2 in 2030 met ongeveer 50% worden verminderd. Door technologische innovaties en zogenoemde doorbraaktechnologie in de jaren daarna zou het mogelijk zijn Parijs te realiseren.

Groen perspectief

Door volop gebruik te gaan maken van digitalisering en innovatieve technologieën en deze als overheid te stimuleren, kan de energietransitie van fossiel naar duurzaam een extra impuls krijgen. Deze inzet creëert tegelijk een duurzame economische groei en nieuwe banen. Maar ook een groenere economie met een gezondere leefomgeving. Met dit wenkende perspectief wordt het klimaatbeleid inspirerend en neemt het maatschappelijke draagvlak toe. Rutte III kan alleen met de inzet van 4.0-instrumenten zijn klimaatambities waarmaken.