Nieuws/Financieel
263471131
Financieel

Column: onze economie dreigt in Europese achterhoede te belanden

Nederland heeft een nieuw economisch verdienmodel nodig. Het huidige model is ongeschikt voor de economie van morgen. In het nieuwe model staan onder meer digitalisering, robotisering, nieuwe technologieën centraal , maar ook een klimaatbeleid dat stoelt op klimaattechnologie en R&D. Daarnaast moet Nederland weer tot de Europese koplopers gaan behoren als het gaat om het ‘beste’ bedrijfsvestigingsklimaat.

De afgelopen maand voorspelden denktanks voor de meeste economieën zwarte scenario’s. Dit jaar krijgen we mondiaal te maken met krimpende economieën en een oplopende werkloosheid. Hoewel er voor 2021 zicht is op economisch herstel, gaan deze denktanks er vanuit dat veel landen ook de komende jaren kampen met een lage economische groei, een hoge werkloosheid en een oplopende staatsschuld.

Deze week kwam het Internationaal Monetair Fonds (IMF) met de meest sombere voorspelling tot op heden. Als gevolg van de coronacrisis zal de wereldeconomie in 2020 krimpen met bijna 5%, de zwaarste klap sinds de jaren dertig van de vorige eeuw. Het IMF schat de wereldwijde schade van deze crisis op 12.000 miljard dollar, terwijl de mondiale handel in 2020 zal afnemen met bijna 12%. Deze denktank is tevens bang dat de overal fors gestegen bedrijfsschulden en schulden van huishoudens onbetaalbaar worden en tot een financiële crisis kunnen leiden.

Onze handel getroffen

De eurozone zal in 2020 krimpen met circa 10% en de Amerikaanse economie met ongeveer 8%. De Chinese economie doet het met een lage groei van ruim 1% beter. Het IMF gaat er wel vanuit dat de mondiale krimp in 2020 wordt gevolgd door een snel economisch herstel in 2021. Maar deze groei is onvoldoende om de klap van 2020 goed te maken. Het IMF verwacht dit jaar voor Nederland een krimp van bijna 8%. Als handelsland wordt ons land extra zwaar getroffen door de forse daling van de wereldhandel.

Steunoperaties

In de meeste landen, waaronder Nederland, proberen regeringen het bedrijfsleven en de werkgelegenheid zoveel mogelijk overeind te houden met behulp van vele tientallen miljarden aan financiële steunoperaties en noodplannen waarbij bedrijven, zzp’ers en werknemers uit de schatkist met speciale financiële regelingen worden ondersteund. Maar deze operaties bieden geen perspectief voor de toekomstige economische groei en werkgelegenheid.

Het nadeel is ook dat binnen sommige bedrijven de urgentie afneemt om weer volledig op eigen benen te gaan staan. Daarom zien we dat steeds meer regeringen in combinatie met het versoepelen van de zogenoemde lockdown-maatregelen al gestart zijn met het aanjagen van hun economieën. In een eerdere column gaven we als voorbeeld Duitsland waar de overheid in samenwerking met het bedrijfsleven vele tientallen miljarden investeert in digitalisering, nieuwe technologieën, infrastructuur en klimaat.

Nederland mist de boot

Om een aantal redenen dreigt onze economie in de Europese achterhoede te belanden. In de eerste plaats omdat politiek Den Haag tot op heden nog steeds geen concrete maatregelen heeft getroffen om de Nederlandse economie aan te jagen en gereed te maken voor de uitdagingen van morgen. Daarnaast onderschat Den Haag de gevolgen van de wereldwijde trend van de-globalisering en anti-vrijhandel. Door de corona crisis is deze trend verder versterkt.

We zien dat ieder land voor zichzelf kiest en dat er overal sprake is van de opmars van nationale belangen en protectionistische maatregelen om het eigen bedrijfsleven en de eigen burgers tegen het buitenland te beschermen. Omdat wij als handelsland een belangrijk deel van onze groei, werkgelegenheid en welvaart in het buitenland verdienen, moeten we hoe dan ook ons verdienmodel gaan aanpassen. Daarom wordt het hoog tijd dat de Haagse politiek in samenwerking met werkgevers en werknemers (ons poldermodel) met de economische toekomst van morgen aan de slag gaat.

Bedrijfsvestigingsklimaat

Daarnaast dreigt het internationale bedrijfsvestigingsklimaat van Nederland, dat de afgelopen jaren door verschillende ontwikkelingen is verslechterd, door een oplaaiende belastingconcurrentie opnieuw klappen op te lopen. Een goed klimaat is voor onze economie en werkgelegenheid van groot belang. Het bevordert de komst van nieuwe bedrijven en investeerders, maar ook de groei van bestaande bedrijven in Nederland. Andere landen hebben Nederland hier ingehaald en een mogelijke belastingoorlog werkt verder in ons nadeel.

De afgelopen jaren is er binnen de OESO en in EU-verband gewerkt aan een wereldwijd akkoord over de verdeling van de winstbelasting van multinationals. Voor ons land, dat internationaal als winstbelastingparadijs onder vuur ligt, zou dit een mooie oplossing zijn. Vorige week heeft de VS zich

uit deze onderhandelingen teruggetrokken. De Amerikanen menen dat de EU, maar ook andere deelnemende landen er op uit zijn om extra belastingen op te leggen aan hun techbedrijven zoals Google, Facebook en Apple.

Belastingoorlog

De kans is groot dat deze Amerikaanse stap tot een internationale belastingoorlog zal leiden. Steeds meer landen willen op dit terrein geen samenwerking meer, maar kiezen voor eigen nationale belastingmaatregelen, waarbij lage tarieven een visitekaartje zijn. Dit zien we ook bij het internationale klimaatbeleid. Regeringen kiezen ook daar voor nationale belangen. Daarbij staan lage lasten voor burgers en bedrijven en minder knellende klimaatregels voorop.

Economie van morgen

De politiek zou op dit vlak in ieder geval kunnen kijken naar de koplopers in het internationale bedrijfsleven. Daar zien we dat digitalisering, robotisering en het gebruik van nieuw technologieën, zoals kunstmatige intelligentie, versneld worden, ook in de zorg en het onderwijs is dit nodig., Daarnaast komt bij een toenemend aantal bedrijven een duurzame bedrijfsvoering voorop te staan: klimaatneutraliteit wordt een must. Daarnaast krijgt thuiswerken een impuls en zal er meer digitaal vergaderd worden. Sommige bedrijven streven ook naar een beperking van leveranciers, zodat ze minder afhankelijk van derden worden.

Niet alleen bedrijven, maar ook landen willen minder afhankelijk worden van één land of leverancier en over essentiële voorzieningen op verschillende terreinen, zoals op het terrein van de gezondheidszorg en innovatieve technologieën zelf kunnen beschikken. Nu al zien we een toename van staatsdeelnemingen en wettelijke maatregelen tegen vijandige overnames van cruciale en strategisch belangrijke ondernemingen binnen hun eigen land.

Bedacht moet wel worden dat Europese samenwerking op dit vlak vaak effectiever en goedkoper is. Uit een gezond economisch eigenbelang heeft Nederland belang bij een goede samenwerking binnen de EU en ook behoefte aan meer politieke en economische vrienden binnen de Unie.

Hoewel politieke tegenstanders al decennia lang de ondergang van de EU voorspellen, zien we dat binnen de EU-landen een ruime politieke meerderheid nog steeds voorstander van de Unie is. Deze voorstanders willen wel minder Brussel en meer eigen soevereiniteit!