2696099
Financieel

Korten raakt niet alleen gepensioneerde

Werkende ook de klos bij kortingen pensioen

Amsterdam - „Niet gerust op verdergaand herstel” en „de kans op korten is nog steeds reëel aanwezig”. In de pensioensector is men nog altijd bang dat het mes in de pensioenen moet. Dat raakt gepensioneerden, maar ook mensen die nog in de opbouwfase zitten.

De vijf grote pensioenfondsen maken donderdag hun kwartaalcijfers bekend. En zoals woensdag al te lezen was in deze krant, op basis van eigen berekeningen, ziet het er voor sommige fondsen nog bepaald niet rooskleurig uit.

Dat geldt vooral voor PME en PMT. Om te kijken hoe het ervoor staat met de fondsen, wordt er gekeken naar de actuele dekkingsgraad en de beleidsdekkingsgraad. De actuele dekkingsgraad laat zien hoeveel een pensioenfonds in kas heeft ten opzichte van de verplichtingen. Zijn de verplichtingen €100 en zit er €110 in kas, dan is de dekkingsgraad 110%. De beleidsdekkingsgraad is het gemiddelde van de actuele dekkingsgraden van de afgelopen twaalf maanden.

Dekkingsgraad

Voor pensioengerechtigden bij PME en PMT dreigen eind 2019 al kortingen. Die komen er echt als beide dekkingsgraden eind volgend jaar onder 104,3% staan. Staat alleen de beleidsdekkingsgraad eronder, maar de actuele dekkingsgraad boven die grens, dan krijgen de fondsen nog een jaartje uitstel.

De fondsen zelf houden daar nog altijd rekening mee. „De kans op korten is nog steeds reëel aanwezig”, zegt PMT-voorzitter Jos Brocken. Hij noteert in oktober een beleidsdekkingsgraad in de gevarenzone (102,5%) en een actuele dekkingsgraad daarbuiten (104,6%). PME-voorzitter Eric Uijen zegt ’nog steeds serieus rekening te houden met een verlaging van de pensioenen in 2020’. PME staat nog geheel in het rood met een actuele dekkingsgraad van 103,4% en een beleidsdekkingsgraad van 101,8%.

Iedereen geraakt

De angst voor kortingen leeft vooral bij gepensioneerden. Logisch: zij merken het direct in de portemonnee omdat hun pensioen ook hun inkomen is. Maar de dreigende kortingen wegen ook zwaar voor mensen die nog gewoon aan het werk zijn. Misschien zelfs wel iets zwaarder.

Bij hen gaat de korting namelijk over het pensioen dat ze hebben opgebouwd. Daar merk je als werkende nu nog niks van, je salaris wordt er immers niet anders door. Maar op de lange termijn doet het wel pijn. Er blijft namelijk door de korting minder pensioen over waarop rendement kan worden gemaakt. De korting dreunt dus nog jaren door en komt pas binnen als je met pensioen gaat. Daar staat tegenover dat er wel meer jaren over zijn waarin de korting kan worden hersteld bij goede prestaties van het fonds.

Pensioenakkoord

De pensioensector zit al jarenlang in de problemen. Dat wordt vooral veroorzaakt door de lage rente. Een pensioenfonds moet een toezegging in de toekomst nu al beleggen. Hoeveel moet worden belegd om die toezegging te kunnen waarmaken hangt af van de rente waarmee mag worden gerekend, de zogeheten rekenrente die wordt voorgeschreven door toezichthouder De Nederlandsche Bank.

Hoe belangrijk de rente is, blijkt uit het eenvoudige rekensommetje. Als een fonds over 20 jaar €1.000 wil uitkeren moet bij een verwachte jaarlijkse rente van 1,5% nu ongeveer €750 worden belegd; als de verwachte rente echter 2,5% is, dan hoeft maar €610 worden belegd. Oftewel, hoe hoger de rente, hoe minder geld een fonds beschikbaar moet hebben en dat is gunstig voor de dekkingsgraad.

De vijf grote fondsen vroegen enkele weken geleden aan de politiek om haast te maken met een nieuw pensioenstelsel en lossere regelgeving onder meer om de rekenrente vast te stellen. Een hogere rekenrente geeft de fondsen financieel meer lucht.