Nieuws/Financieel
2762038
Financieel

Bedrijven vaker slimmer na samenwerking

Ook het Nederlandse high techsuccesverhaal ASML zoekt parters op voor samenwerking in research & development.

Ook het Nederlandse high techsuccesverhaal ASML zoekt parters op voor samenwerking in research & development.

Amsterdam - Het Nederlandse bedrijfsleven werkt steeds vaker samen met andere partijen bij het verrichten van research & development inspanningen.

Ook het Nederlandse high techsuccesverhaal ASML zoekt parters op voor samenwerking in research & development.

Ook het Nederlandse high techsuccesverhaal ASML zoekt parters op voor samenwerking in research & development.

Dat schrijft VNO-NCW in zijn jaarlijkse innovatiebarometer, die is gebaseerd op een enquête en gesprekken met de r&d-directeuren van 17 grote bedrijven.

Onder de twintig ondervraagde bedrijven, die samen goed zijn voor 42% van de Nederlandse r&d-uitgaven, is een stijging te zien van uitgaven aan innovatie met 3%, schrijft VNO-NCW. Van de €3,2 miljard die de onderzochte bedrijven in Nederlands research & development staken, werd er €1,5 miljard in samenwerkingsverbanden gespendeerd. Wereldwijd staken de ondervraagde ondernemingen €17 miljard in onderzoek en ontwikkeling.

Samenwerken moet

„Het tempo waarmee technologische ontwikkelingen elkaar opvolgen en de complexiteit, zeker bij maatschappelijke vraagstukken, zorgen ervoor dat bedrijven zich bewust zijn dat ze het alleen niet kunnen”, zegt Thomas Grosfeld, verantwoordelijk voor innovatie en wetenschapsbeleid bij de lobbyorganisatie van het Nederlandse bedrijfsleven. „De tijd dat je in het Natlab rustig ging zitten studeren is voorbij.”

Om snelheid te maken, zoeken grote bedrijven samenwerking met elkaar, het mkb en start-ups maar ook met kennisinstellingen als universiteiten en TNO. „ASML is daarvan een goed voorbeeld. Dat werkt in de regio Eindhoven samen met het mkb aan innovatie, maar werkt ook samen met TNO en zit met de Universiteit van Amsterdam in het onderzoeksinstituut ARC.NL. Ook zie je interessante clusters ontstaan rond Wageningen, waar Friesland Campina en Unilever met de universiteit samenwerken”, zegt hij.

Steken laten vallen

Grosfeld is niet bang dat focus op snelheid ertoe leidt dat fundamenteel onderzoek, waaruit bedrijven als ASML en NXP konden ontstaan, in de toekomst niet meer in Nederland wordt verricht. „Vaak gebeurt juist in die samenwerkingsverbanden fundamenteel onderzoek en daar komen vaak interessante technologieën uit. Uit de universiteiten komen nu initiatieven rond fotonica, waarmee nog snellere chiptechnologie ontwikkeld kan worden.”

Als het gaat om het doorontwikkelen tot productie heeft Nederland recent echter een aantal opvallende steken laten vallen. „Er gaat veel aandacht uit naar kennisontwikkeling en start-ups. Maar zodra er wordt opgeschaald tot productie, laten we het liggen. Zo is onlangs de productie van een door ASML ontwikkelde technologie voor de diagnose van kanker met medische isotopen naar België gegaan, net als eerder de fabriek van biochemiebedrijf Avantium”, merkt Grosfeld op. „Dat is jammer, want dat zijn net vindingen met grote maatschappelijke impact.”

Knelpunt dat de 17 grote bedrijven zien, blijft het gebrek aan voldoende gekwalificeerd technisch personeel. Daarnaast ervaren directeuren het overheidsbeleid als ’zwalkend’, zegt Grosfeld, waarbij hij verwijst naar het ’rommelen’ aan de toeslag voor publiek private samenwerking.