Nieuws/Financieel
2834488
Financieel

Column: Ons leven en werken gaan revolutionair veranderen

Willem Vermeend en Rick van der Ploeg (r)

Willem Vermeend en Rick van der Ploeg (r)

Het komende decennium zal ons leven en werken door revolutionaire ontwikkelingen ( digitaliseren, nieuwe technologie en klimaatverandering) spectaculair gaat veranderen. Nederland moet daarom volop investeren in digitalisering, nieuwe technologieën en innovatieve projecten op het terrein van het klimaatbeleid.

Willem Vermeend en Rick van der Ploeg (r)

Willem Vermeend en Rick van der Ploeg (r)

Lagere groeicijfers

Het afgelopen jaar zagen we een toename van signalen die wereldwijd wijzen op lagere economische groeicijfers. In de deze week verschenen Economic Outlook van de OESO wordt deze trend bevestigd. Ten opzichte van 2018 wordt voor 2019 en 2020 een lagere groei van de wereldeconomie voorspeld en dat geldt ook voor de economische groei van de meeste landen. Zo valt op dat voor de VS in 2020 een groeicijfer wordt geraamd van 2,1%, terwijl voor dit jaar de prognose nog 2,9% is. Ook voor de Europese landen zien we een afnemende groei.

De OESO-cijfers voor Nederland zijn 2,9% in 2018, 2,5% in 2009 en 2,1% in 2020. Ook in de beleggerswereld zien we dat de verwachtingen worden getemperd. Tijdens een conferentie in Londen waarschuwde vermogensbeheerder Schroders dat beleggers de komende jaren rekening moeten houden met lagere rendementen; het feest is voorbij, zo luidde de duidelijke boodschap. Als we afgaan op een recente studie van het Centraal Plan Bureau (CPB) dan geldt deze waarschuwing ook voor de werknemers in Nederland. Feestelijke loonsverhogingen komen pas in zicht als de arbeidsproductiviteit toeneemt en ons bedrijfsleven innovatiever wordt.

Geen hogere lonen

De afgelopen jaren heeft Nederland een economie gehad die goed draaide. Daardoor werd er van veel kanten gepleit voor loonsverhogingen. In economen kringen in Nederland rees de vraag waarom deze loonimpuls maar niet kwam. Er werden verschillende verklaringen gegeven, zoals de gedachte dat de toename van de productiviteit wordt ’ingepikt’ door de eigenaars van kapitaal. In een rapport dat afgelopen vrijdag verscheen concludeert het CPB dat de lage loonstijgingen in ons land voor een belangrijk deel te maken hebben met een beperkte groei van de arbeidsproductiviteit. Afgelopen vrijdag hebben Jorn Jonker en Martin Visser in deze krant aan deze conclusie een helder artikel gewijd. Wij voegen daaraan somber toe dat er in Nederland onvoldoende signalen zijn die wijzen op een sterke toename van de productiviteit en de noodzakelijke innovaties. Onze overheid en bedrijfsleven lopen internationaal niet voorop als het gaat om snel in te spelen op de ingrijpende veranderingen in de wereldeconomie. En dat zou, met het oog op het behoud van werk en welvaart, wel moeten.

Revolutie

Wereldwijd zien we dat de economie revolutionair aan het veranderen is. Iedereen krijgt te maken met digitalisering, nieuwe technologieën en klimaatmaatregelen. Deze ontwikkelingen leiden tot een economie waarin digitaliseringsprocessen, robots en kunstmatige intelligentie een hoofdrol spelen. De nieuwe economie wordt aangeduid als 4.0 en maakt een ’einde’ aan onze huidige economie 3.0 die van oudsher vooral gebaseerd is op de fysieke wereld. De opmars naar de wereld van 4.0 leidt tot revolutionaire maatschappelijke en economische veranderingen. In het internationale bedrijfsleven wordt deze wereld gedomineerd door de Amerikaanse internet- en techgiganten, zoals Apple, Google, Facebook, Amazon, Microsoft en door de Chinese reuzen Alibaba en Tencent. Deze bedrijven zijn op veel terrein actief, maar hebben wel een gemeenschappelijk kenmerk: het zijn digitale platforms, waar ze ontwikkelaars, aanbieders, afnemers van goederen en diensten en informatie met elkaar verbinden.

Platformeconomie

Ze verdienen hun geld als digitale doorgeefkanalen en zijn de koplopers bij de opmars van de zogenoemde 4.0-platformeconomie. Het ’bedrijfskapitaal’ van deze platforms bestaat vooral uit informatie en digitale commerciële netwerken. De economische efficiëntie en hun rijkdom is ongekend, mede doordat personeel laag wordt betaald. Daardoor zijn ze in staat bestaande 3.0-bedrijven met hun ’ouderwetse’ verdienmodellen uit de markt te drukken, maar ook een geweldige invloed uit te oefenen op de economieën van landen en regeringen naar hun hand te zetten. Het Europese bedrijfsleven heeft zitten slapen, staat op grote achterstand en wordt onder de voet gelopen.

Andere voorbeelden van de platformeconomie zijn Uber, dat de taxiwereld ontwricht, Booking.com, dat overal reisbureaus uit het straatbeeld heeft verdreven verdwenen en Airbnb, dat delen van de hotelmarkt heeft overgenomen. De grote internetplatforms beschikken over vele miljarden om concurrenten en veelbelovende start-ups en scale-ups over te nemen en hun positie wordt nog sterker doordat ze de beschikking hebben over waardevolle persoonlijke gegevens van mensen die het platform gebruiken. Deze Big Data vormen een goudmijn die ze kunnen gebruiken om klantprofielen te bouwen en te verkopen, maar ook om nieuwe diensten te ontwikkelen, zoals kunstmatige intelligentie en softwareprogramma’s op allerlei terreinen.

Conflicten

Vooral de afgelopen jaren zien we een sterke stijging van internetplatforms op allerlei gebieden, zoals in de financiële wereld, op het terrein van verkeer en vervoer, maar ook op de arbeidsmarkt, waar digitale platforms vraag en aanbod bij elkaar brengen. Van de 100 grootste digitale platforms in de wereld komen er 70 uit de VS, 25 uit China en 5 uit Europa. Vooral de giganten uit de VS en China beschikken over zo veel geld dat ze op hun platforms grote kortingen kunnen aanbieden, waar veelal niet tegen op te boksen valt.

Regelgeving

In veel landen laat de praktijk zien dat overheden niet opgewassen zijn tegen de platformeconomie. De conflicten over regelgeving nemen toe. Zo is de huidige fiscale en sociale wetgeving in de meeste landen vooral geschreven voor het klassieke bedrijfsleven en dat geldt ook voor de arbeidsmarktregels. Veel platforms menen dat deze wetgeving niet zonder meer op hen van toepassing is. Zo heeft Uber in verschillende landen te maken met juridische procedures omdat het zich niet houdt aan de bestaande taxiregels en arbeidsmarktwetgeving. Lokale overheden leggen Airbnb aan banden door te bepalen dat huiseigenaren slechts voor een beperkte tijdsduur hun huis via Airbnb mogen verhuren. Facebook wordt in verschillende landen geconfronteerd met procedures omdat het privacyregels zou hebben geschonden.

Andere platforms zijn in Europa betrokken bij belastingzaken en mededingingsprocedures. De eindbeslissingen laten nog op zich wachten, maar het is al wel duidelijk dat ze op basis van de huidige wetgeving moeilijk aan banden zijn te leggen. Daarom wordt het hoog tijd dat Europa met regelgeving komt waarmee deze dominante economische machtsposities worden ingeperkt. Zelfs in de VS zien we een toenemende steun voor deze gedachte.

Voor Nederland is ons advies: volop investeren in digitalisering, in nieuwe technologieën en innovatieve klimaatprojecten