Nieuws/Financieel
285688598
Financieel

Wall Street opnieuw behoorlijk onderuit

New York - De aandelenbeurzen in New York gingen dinsdag weer behoorlijk omlaag, na de koersverliezen op maandag. President Donald Trump wakkerde de handelszorgen bij beleggers op Wall Street verder aan door te zeggen dat hij het sluiten van een handelsdeal met China mogelijk over de Amerikaanse presidentsverkiezingen van volgend jaar heen wil tillen.

De Dow-Jonesindex noteerde in de tussentijdse handel 1,3 procent lager op 27.434 punten. De brede S&P 500 zakte 0,9 procent tot 3085 punten en de technologiegraadmeter Nasdaq verloor 0,9 procent tot 8491 punten.

Trump liet weten dat het tekenen van een deal met China van hem afhangt. Volgens de president staan de Chinezen juist te popelen om te tekenen. Volgens Trump is het "in bepaalde opzichten beter" om pas na de verkiezingen een deal te sluiten. Welke opzichten dat zijn, zei hij niet. Trump zei verder na te denken over meer heffingen tegen Frankrijk. Daarmee slaat hij terug voor een zogeheten digitaks die Frankrijk oplegde aan Amerikaanse techbedrijven.

Apple

Handelsminister Wilbur Ross zei dat nieuwe importheffingen tegen China deze maand waarschijnlijker zijn geworden. Op 15 december beslist het Witte Huis of heffingen op 160 miljard dollar aan goederen uit het Aziatische land van kracht worden.

Bedrijven die gevoelig zijn voor de handelsperikelen werden lager gezet. Machinebouwer Caterpillar zakte 2,2 procent in het rood. In de chipsector leverden Advanced Micro Devices (AMD), Micron Technology en Nvidia tot 2,3 procent in. Apple moest een verlies slikken van 2,2 procent. Zakenbank Goldman Sachs had ook een lastige dag met een min van 3 procent.

Overnamenieuws

Verder was er overnamenieuws. Staalbedrijf AK Steel wordt voor 1,1 miljard dollar overgenomen door ijzerertsproducent Cleveland-Cliffs. AK Steel ging 4 procent vooruit, maar Cleveland-Cliffs kelderde ruim 11 procent. Chips- en frisdrankmaker PepsiCo (min 0,8 procent) maakte bekend snackproducent BFY Brands over te nemen, voor een onbekend bedrag.

De euro was 1,1086 dollar waard tegen 1,1087 dollar in Europa. Een vat Amerikaanse olie kostte 0,6 procent meer op 56,28 dollar. Brent werd 0,3 procent duurder op 61,12 dollar.