2879253
Financieel

Bloedrode beursdag op Wall Street

New York - De aandelenbeurzen in New York beleefden een bloedrode dinsdag. Vooral de uitverkoop van bankaandelen sprong in het oog. Beleggers maakten zich zorgen over de ontwikkeling van de rentetarieven. Die wakkerden zorgen over de economische omstandigheden aan. De handelshoop van een dag eerder, na de ontmoeting tussen president Donald Trump en zijn Chinese collega Xi Jinping, verdween ver naar de achtergrond.

De Dow-Jonesindex sloot met een verlies van 3,1 procent tot 25.027,07 punten. De S&P 500 eindigde 3,2 procent lager op 2700,06 punten en techgraadmeter Nasdaq verloor 3,8 procent tot 7158,43 punten.

JPMorgan verloor 4,5 procent. Naast zorgen over de economie speelden tegenvallende vooruitzichten de bank parten. Branchegenoten als Bank of America, Wells Fargo, Goldman Sachs en Morgan Stanley verloren tot 5,4 procent.

Apple-toeleverancier

Ook pakketbezorgers stonden onder druk. Volgens kenners gaan bedrijven als UPS (min 7,4 procent) en FedEx (min 6,3 procent) de concurrentie voelen van Amazon. Vooral de luchtvaartplannen van het bedrijf spelen de pakketbezorgers parten. Amazon zelf verloor 5,9 procent onder druk van mogelijke tariefverhogingen door staatspostbedrijf US Postal Services.

Zwakke vooruitzichten van Apple-toeleverancier Cirrus Logic (min 1,9 procent) prikkelden de zorgen over de vraag naar iPhones. Cirrus is niet de eerste Apple-partner die de verwachtingen temperde. Eerder deden Qorvo en Lumentum, die meer dan 5 procent aan beurswaarde inleverden, dat ook. Het aandeel Apple verloor mede door een adviesverlaging 4,4 procent.

Gedaalde olieprijzen

Onder druk van de mindere prestaties van Toll Brothers (min 1,6 procent) gingen ook huizenbouwers onderuit. Branchegenoten als Lennar, DR Horton en KB Home verloren in het kielzog tot 5,7 procent.

Luchtvaartmaatschappij Delta Air Lines verloor 5,3 procent. Het bedrijf kwam met zwakke vooruitzichten, ondanks de meewind die het geniet door de stevig gedaalde olieprijzen van de laatste tijd.

Een vat Amerikaanse olie kostte 0,2 procent minder op 52,87 dollar. Brentolie verloor 0,1 procent in prijs, tot 61,61 dollar per vat. De euro was 1,1339 dollar waard, tegen 1,1348 dollar bij het slot in Europa.