Financieel/Geld
2993704
Geld

Column: Wanneer ga je met pensioen?

Hoe vaak wordt niet bij een borrel of verjaardag de vraag aan de orde gesteld: hoe lang moet jij nog? Daarbij wordt er op gedoeld wanneer iemand met pensioen mag.

Inderdaad: ’mag’. Want er is vaak de mogelijkheid van een flexibele pensioendatum of uittreedleeftijd. In de meeste arbeidsovereenkomsten is vaak voorzien in een flexibele uittreding en dat geldt ook voor de meeste pensioenregelingen.

En toch gaat het soms dan nog mis. Zoals ook in de kwestie waarover de rechtbank zich recent heeft gebogen. Wat was er namelijk aan de hand? De werknemer had in het begin van het jaar, hij was al 64 jaar, bij de werkgever aangegeven dat hij eigenlijk wel van plan was om in de zomer vervroegd uit te treden. Hij had nog wat oud levensloop-spaartegoed staan en wilde dat dan inzetten om in zijn inkomen te voorzien.

Afscheid

De werknemer was al vanaf 1999 in dienst bij de werkgever en in een gesprek wat ze in het begin van het jaar hadden had de werknemer aangegeven dat hij mogelijk wel eens van het leven wilde gaan genieten met zijn echtgenote en daarbij zijn pensioen wat eerder wilde laten ingaan en zijn levensloopregeling wilde laten ingaan. Dat was althans waar hij in gedachten mee speelde en die gedachte had hij besproken met zijn werkgever.

De werkgever zag 1 juli met vreugde tegemoet: er kon afscheid genomen worden van de werknemer. Zo gezegd, zo gedaan.

Blijven werken

Helaas, de werknemer wilde niet meer en wilde blijven werken. Zijn echtgenote was inmiddels in een verzorgingstehuis opgenomen en dat maakte mede dat hij niet meer eerder uit wilde treden, maar gewoon aan de slag wilde blijven.

De werkgever bleef er echter bij, dat er overeenstemming was met de werknemer dat deze eerder uit zou treden en met vervroegd pensioen zou gaan. De werkgever weigerde de werknemer dan ook de toegang tot het werk en betaalde het loon niet meer uit.

De werknemer was dan ook gedwongen om een kort geding te starten. Wat zei de rechter over de door de werkgever gestelde overeenstemming? De werknemer stelde zich op het standpunt dat hij niet meer dan een intentie had uitgesproken en daar niet aan gehouden kon worden. Hij wilde werken en loon.

Niet meer dan een intentie

De rechter oordeelde dat de vraag of een partij gebonden is aan een intentieverklaring volgens de Hoge Raad afhangt van wat beide partijen over en weer hebben verklaard en uit elkaars verklaringen en gedragingen mochten afleiden, overeenkomstig de zin die zij daaraan in de gegeven omstandigheden redelijkerwijs mochten toekennen.

Werkgever had wel feiten en omstandigheden gesteld die erop leken te wijzen dat werknemer per 1 juli 2018 gebruik wil maken van de levensloopregeling, maar op grond van de stukken en de verklaring bij de zitting kon naar het oordeel van de rechter nog niet worden vastgesteld dat het verder was gekomen dan een intentie.

Niks ondertekend

Zo was het voor het ingaan van de levensloopregeling bedoelde formulier niet ondertekend en ingediend en er waren ook geen andere zaken in gang gezet om de levensloopregeling in te laten gaan. Noch de werkgever, noch de werknemer had na het gesprek in het begin van het jaar nog verder enige actie ondernomen.

De rechter oordeelde ook dat bijvoorbeeld de werkgever een en ander wel vast had mogen leggen. Het vertrek van een werknemer heeft immers consequenties voor de onderneming. Daarnaast had de werknemer nog de situatie met zijn echtgenote aangevoerd als wijziging van zijn omstandigheden. En ook dat liet de rechter meewegen.

Terug aan het werk

Het uiteindelijke oordeel was dan ook dat er niet meer was dan een intentie en geen overeenstemming, zodat de werknemer weer moest worden toegelaten tot het werk en het loon moest worden doorbetaald. Voorlopig althans, want het was een kort geding en daarin kan geen definitief eindoordeel worden geveld. Partijen moeten dat in een bodemprocedure aan de rechter voorleggen. Of het zover komt is de vraag natuurlijk.

Van belang is om met een werknemer gemaakte afspraken goed en helder vast te leggen en niet te varen op mondelinge afspraken. Zeker als het zo’n belangrijk moment betreft als met pensioen gaan. Juist dan is het van belang zaken goed te regelen. Een werknemer kan immers niet zomaar met pensioen gestuurd worden als hij of zij dat nog niet wil. Behoudens natuurlijk rondom de AOW-leeftijd op grond van de wettelijke bepaling, maar dat geldt alleen als er helemaal geen andere zaken zouden zijn afgesproken. Zoals uit bovenstaande blijkt geldt ook bij een intentie al dat oplettendheid geboden is.