3020782
Geld

Waar twee exen vechten om een koophuis

Amsterdam - Een man die na een scheiding met zijn nieuwe geliefde in het huis wilde gaan wonen waar hij eerder 33 jaar met zijn ex-echtgenote had doorgebracht, kreeg nul op het rekest. De exen stonden tegenover elkaar in de rechtbank van Oost-Brabant.

De twee gingen begin 2017 uit elkaar en legden in mei dat jaar in een echtscheidingsconvenant vast dat het koophuis zou worden verkocht aan een derde.

Biedingen

Een eerste bod van €235.000 werd door beide partijen afgewezen. De vrouw wilde minimaal €240.000, de man €245.000. Hun vraagprijs was €250.000.

Later bedacht de man, die in het huis was blijven wonen, echter dat hij het huis liever wilde overkopen. Hij deed een bod van €225.000, wat de vrouw afwees.

De man frustreerde vervolgens pogingen om het huis aan een derde te verkopen. Zo weigerde hij een te koop-bord in zijn tuin en wilde hij geen nieuwe foto’s laten maken. Toen toch een voor de vrouw acceptabel bod van €265.000 binnenkwam, bood de man €265.250.

Rechtszaak

De man stapte naar de voorzieningenrechter om ervoor te zorgen dat zijn vrouw dit hogere bod zou accepteren en haar handtekening zou zetten.

De vrouw had echter het convenant in de hand, waarin beide exen hadden afgesproken het huis te verkopen aan een derde. Zij vindt het erg vervelend dat haar ex en zijn nieuwe geliefde in haar oude huis wonen.

Oneerlijk

De rechter geeft de vrouw gelijk. De man heeft de afgesproken verkoop van de woning diverse keren gefrustreerd. Bovendien is zijn bod van €265.250 oneerlijk, omdat hij wist dat er een bod van €265.000 was binnengekomen.

Met de uitspraak van de rechter in de hand kan het huis worden verkocht aan de partij die €265.000 bood. De man krijgt een dwangsom van €1000 per dag opgelegd als hij niet meewerkt.