Financieel/Ondernemen
3081928
Ondernemen

Column: De ’ondernemertjes’ van Nederland

D66 praat altijd over onderwijs. Dat het de bakermat is van álles. Eerlijk is eerlijk; het is iets waar je het niet mee oneens kunt zijn. Toch twijfel ik…

Op dit moment reis ik door Nieuw-Zeeland en Australië. Ik doe dat met een Samsonite rolkoffer, mijn van binnen strak georganiseerde laptoprugtas en vele hotelboekings-apps op mijn smartphone.

Ongekend veel jongeren uit Nederland doen dit ook, echter zij hebben niet veel meer dan een miniem rugzakje en een Working Holiday Visa. Van hostel naar hostel, van gastgezin naar gastgezin en dus van klus naar klus. Er zijn immers talloze bemiddelde Australiërs die iemand zoeken die elke dag om vier uur de hond uitlaat. In de horeca is er ook volop werk en dan heb ik het nog niet eens gehad over het ‘farmwork’ dat wordt gecombineerd met het ophalen van de kinderen uit school. Ook in de zorg veel jonge Nederlanders hier.

Klusjescolonne

Vooral aan de oostkust van Australië zie je de rondtrekkende klusjescolonne. Al die jongeren, soms net van het VWO af, anderen al afgestudeerd aan HBO of universiteit, weten letterlijk niet waar ze de volgende maand zijn en wat voor werk ze doen. En, wie hun nieuwe collega’s zijn. Ze noemen zichzelf gekscherend ‘ondernemertjes’.

Netwerken doen ze als de beste. Ze attenderen elkaar op WhatsApp-groepjes waardoor ze precies weten waar wat te doen is. Er wordt in de hostels flink met elkaar gebabbeld. Dat kan ook als je met z’n tienen op een kamer slaapt.

Leuk en zelfverzekerd

Het zijn overigens niet de nouveau-riche-kids uit het statige Haren, de villa’s van Wassenaar, de bungalows uit het Gooi of de herenpanden van Amsterdam-Zuid, die dit alles ondernemen. De kids uit die contreien zouden deze ontberingen downunder niet eens aankunnen. Daar zijn ze te fragiel en te gepamperd voor. De jongeren van deze Oost-Australische klusjescolonne komen stuk voor stuk uit normale Nederlandse gezinnen met hardwerkende ouders, die zéker niet in staat waren om de vliegtuigtickets voor hun kroost naar de andere kant van de wereld zomaar te financieren.

Nee, al die jongens en meiden die ik sprak, zijn leuk, zelfverzekerd, zonder kapsones en niet bang voor onzekerheid. Ook flexibiliteit zit in hun genen. Ik sprak twee weken geleden een jongedame van 24 jaar (afgestudeerd bedrijfskundige), die voor een nieuwe klus een busreis van 36 uur over had, van Alice Springs naar Townsville in het oosten. Ook iets met een hond uitlaten ’s ochtends vroeg. Hup, rugtas ingepakt en op weg. Geld voor een low-budget-flight had ze niet. Daarom nacht, dag en nacht opeengepakt met dronken Aboriginals dwars door de snikhete woestijn.

Waarom ik u dit allemaal vertel?

Het is de beste leerschool voor Het Echte Leven. Op jezelf aangewezen zijn. Papa en mama vér uit de buurt. Leren snel te schakelen. Effectief netwerken. Handig met je geld omgaan. Een ander wat gunnen zodat jou ook wat wordt gegund. Soms écht niet weten hoe je moet rondkomen maar tegelijkertijd wil je niet anders. Weten wat aanpakken is. Een appèl doen op je eigen creativiteit. Oplossingen zoeken waar anderen afhaken.

Geen enkele onderwijsinstelling, bij wat voor studie dan ook, kan zo een leerzame en avontuurlijke situatie simuleren. Geen enkele onderwijsinstelling kan tippen aan de prikkelende wereldwijsheid die hier wordt vergaard.

Al die kids ontwikkelen competenties waar op school in Nederland nooit aandacht aan wordt besteed. Ze zeggen hier ook allemaal dat ze na slechts twee maanden downunder méér levenservaring en motivatie hebben opgedaan dan vier jaar slaapverwekkende colleges en nep-praktijkopdrachten in het onderwijs. Deze jongeren komen er dus wel.

Ze hoeven wat mij betreft overigens niet per se ondernemer te worden. Maar ondernemend denken en handelen zit dus wél in ze. Uiteraard ook een pré als ze ooit ergens in dienst treden. Interessant. Want, precies dát aspect hebben we keihard nodig in ónze samenleving, die steeds sneller verandert en waar businessmodellen dagelijks onder vuur liggen door disruptive concurrenten. Je kunt het je niet meer veroorloven om in de standaard te denken.

Conclusie?

We moeten ophouden met het romantiseren van het onderwijs in Nederland. Het drammerige dogma van D66 blijkt anno 2019 wereldvreemd.

Het gaat nu om wereldwijsheid.