3121745
Financieel

Column: Het januari-effect op de rente

De lange rente is gedaald in het nieuwe jaar. Over koersbewegingen in de eerste maand van het jaar, en belangrijker de gevolgen hiervan voor de rest van het jaar zijn boeken vol geschreven. Vooral met betrekking tot aandelen hoor en lees je vaak over dit zogenaamde januari-effect, of zoals ze op Wall Street zeggen: ‘So goes January so goes the year’. Het lijkt me leuk om te zien of dit ook voor de rente geldt.

Over het hoe en waarom van de voorspellende kracht, die er aan koersbewegingen in de eerste maand wordt gegeven, heb ik niets substantieels kunnen vinden. De enige reden, die ik kan verzinnen, is dat een kalenderjaar voor een handelaar of belegger de gefixeerde periode is waarbinnen hij/zij rendement moet maken voor zichzelf, zijn werkgever of zijn klanten.

Aan het einde van deze periode wordt afgerekend over beslissingen die aan het begin van deze periode zijn genomen.

Ook in een sportwedstrijd zie je vaak vanaf het begin de intenties van de sporters. Als een ploeg een wedstrijd moet winnen dan zal er vanaf het begin met een aanvallende tactiek worden gestart. Zo zullen ook beleggers vanaf het begin hun posities innemen toewerkende naar het eindpunt waarnaar ze streven.

Geen goede voorspeller

Om te zien of de rentebewegingen in deze maand januari gevolgen hebben voor de rest van het jaar, vergelijk ik de veranderingen op de tien jaars Nederlandse staatsrente vanaf 1991. Hieronder is zichtbaar dat eenentwintig keer de beweging in de maand januari zich doorzet tot aan het eind van het jaar.

Zeven keer is de maand januari geen goede voorspeller geweest. Met andere woorden: de kans is drie keer zo groot dat de beweging in de eerste maand van het jaar de trend voor de rest van het jaar goed aangeeft.

In 2019 begon het jaar met een een tien jaars Nederlandse staatsrente van 0.39%. Inmiddels is deze gedaald tot 0.25%. Als het januari-effect ook werkt in 2019 kan de vraag worden gesteld: Wordt 2019 van nog lagere lange rentes. Er zijn redenen waarom de lange rente zou kunnen dalen. Deze factoren zijn onder andere een dalende economische groei, de dalende overheidsschulden van Nederland, de Amerikaanse centrale banken die stopt met zijn rente te verhogen.

Vlucht veilige havens

Maar de voornaamste reden is naar mijn mening toch de vlucht naar veilige havens die beleggers opzoeken in tijden van onrust. Deze veilige havens zijn onder andere staatsobligaties van Nederland, wat een triple A rating heeft. En onrust is er zolang er bijvoorbeeld geen bevredigende oplossing is voor Brexit.

Daarnaast is de Europese Monetaire Unie nog niet compleet zolang er bijvoorbeeld nog steeds een directe koppeling is op landenniveau tussen banken en staatschuld. Hier waren de begrotingsperikelen in Italië in 2018 een voorbeeld van.

Fundamenteel blijf ik van mening dat een belegger gecompenseerd wil worden voor de inflatie, en met een inflatie van 1,5% en een tienjaars staatsrente van 0,25% is dat niet het geval bij Nederlandse staatsleningen.

Dit was in het verleden wel zo, daarom verwacht ik dat als de politieke situatie rustig wordt en er voortgang plaatsvindt in het Europese integratieproces de lange rentes kunnen normaliseren en dus stijgen.

Erik Bakker is directeur van OHV Vermogensbeheer