Financieel/Geld
3173989
Geld

Flinke maar fictieve stijging door huizenbubbel

Vermogen NL’er stijgt met 6000 euro

Als de waarde van het eigen huis niet wordt meegenomen, blijft het vermogen helemaal niet zo gegroeid.

Als de waarde van het eigen huis niet wordt meegenomen, blijft het vermogen helemaal niet zo gegroeid.

Amsterdam - Onze vermogens groeien als kool. In 2017 had een gemiddeld huishouden 28.300 euro, ruim 6000 euro meer dan in het jaar ervoor. Deze toename komt vooral doordat huizen meer waard zijn geworden. „Die stijgende lijn zet nog wel even door.”

Als de waarde van het eigen huis niet wordt meegenomen, blijft het vermogen helemaal niet zo gegroeid.

Als de waarde van het eigen huis niet wordt meegenomen, blijft het vermogen helemaal niet zo gegroeid.

Het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) komt met cijfers over de vermogens van Nederlandse huishoudens. Het vermogen is de waarde van het eigen huis plus geld op de bank, het belang in eventuele bedrijven, aandelen en onroerend goed. Daarvan worden schulden zoals de hypotheek en studieschuld afgetrokken.

Het vermogen van huishoudens zit weer in de lift, maar is nog lang niet op het niveau van 2008. Toen had een gemiddeld huishouden meer dan 40.000 euro.

Doordat huizen steeds duurder worden, verwacht CBS-hoofdeconoom Peter Hein van Mulligen dat de vermogens doorgroeien. „Maar het is natuurlijk wel een papieren werkelijkheid. Als de huizenprijzen weer dalen, kan het vermogen ook zo weer verdampen.”

Niet daadwerkelijk rijker

Als de waarde van het eigen huis niet wordt meegenomen, blijft het vermogen door de jaren heen redelijk gelijk. In 2017 was het 14.100 euro.

Bijna zes op de tien huishoudens heeft een koophuis. Dat huizenkopers sinds een paar jaar maximaal 100 procent van de woningwaarde kunnen lenen en moeten aflossen als zij gebruik willen maken van hypotheekrenteaftrek, zal ervoor zorgen dat zij meer vermogen opbouwen.

De cijfers zijn overigens licht vertekend omdat het CBS bij spaar- en beleggingshypotheken het gespaarde deel niet meeneemt als vermogen. Deze hypotheek wordt volledig als schuld gezien. Ook opgebouwd pensioenvermogen bij pensioenfondsen wordt niet meegerekend.

Daarentegen worden de studieschuld ieder jaar hoger. In 2017 was deze schuld gemiddeld 8100 euro, zevenhonderd euro meer dan het jaar ervoor. Dat komt onder andere door het leenstelsel. Studenten krijgen sinds 2015 geen basisbeurs meer.

Rijken

Een klein aantal huishoudens heeft een erg groot vermogen. Daarom rekent het CBS niet met het gemiddelde, maar kijkt het naar de mediaan. De helft van de huishoudens heeft meer dan 28.300 euro, de andere helft minder.

Vermogen is erg ongelijk verdeeld: de rijkste tien procent van de huishoudens heeft twee derde van het vermogen. Bij hen bestaat dit vaker uit bedrijfsvermogen en aandelen, vertelt Van Mulligen. „Het eigen huis maakt daar maar 30 procent van het vermogen uit.”

Drie op de tien huishoudens hebben een negatief vermogen: zij hebben meer schulden dan bezittingen. Dat zijn vooral jongeren. Van huishoudens waarbij de hoofdkostwinner nog geen 25 is, heeft meer dan 40 procent een negatief vermogen.