Nieuws/Financieel
3333240
Financieel

Column: Internetgiganten liften gratis mee

De beurs kijkt uit naar de beursgang van nieuwe internetgiganten: taxibedrijf Lyft komt naar de beurs, Uber zal volgen. Hier in China is maaltijdenleverancier Meituan net een paar maanden genoteerd. Allemaal bedrijven die een agressieve strategie van landjepik hebben gevoerd in de afgelopen jaren. Veel subsidies geven aan de consument en ze gewend laten raken aan een uitstekende service tegen een lage prijs.

Dat is allemaal mogelijk gemaakt door de drukpersen van de centrale banken en de lage rentes van het afgelopen decennium. Beleggers gingen op zoek naar alternatieven die meer rendement beloofden. Grote pensioenfondsen zijn steeds meer gaan beleggen in zogenaamde ‘alternatives’ : beleggingen die niet gemakkelijk verhandelbaar zijn, maar wel kans op hoge rendementen bieden. Uiteindelijk word je voor risico nemen nog steeds beloond. Een deel van dit geld is terechtgekomen bij Private Equity-fondsen die belangen in groeiende bedrijven kochten.

Nieuwe groeiers

Ze vielen over elkaar heen om een stukje te kopen in de nieuwe groeiers, die allemaal twee dingen gemeen hebben: ze verkopen hun diensten via het internet en ze hebben te kampen met behoorlijke aanloopverliezen. Maar zoals sommige internetgiganten hebben laten zien, als consumenten eenmaal gewend zijn aan het kopen via de website, dan kan je langzamerhand goede prijzen gaan berekenen. En met de grote omzetten die daarbij horen ook grote winsten behalen. Alles wat je nodig hebt zijn grote computers om de data op te slaan en een snelle internetverbinding die de diensten kan leveren en de data laat binnen komen.

Deze service wordt mogelijk gemaakt dankzij de investeringen van de telecombedrijven die u maandelijks een paar tientjes laten betalen om aan deze wondere wereld van het internet te kunnen deelnemen. Je zou denken dat die telecombedrijven, dankzij de enorme vlucht die dataverkeer heeft genomen, een geweldige belegging moeten zijn geweest: hoge groei en beperkte concurrentie.

Telecomsector Azië presteert slecht

Het omgekeerde is waar. De telecomsector is in Azië over de afgelopen tien jaar de slechtst presterende sector op de beurs geweest. Torenhoge prijzen voor het mobiele spectrum, megahoge investeringen in omvangrijke netwerkverbeteringen en voortdurende druk van de regelgever (en in China zelfs van president Xi) op de tarieven. Overheden vinden terecht dat toegang tot het internet een eerste levensbehoefte is en dus zo goedkoop mogelijk moet worden aangeboden. Zelfs nutsbedrijven hebben een beter rendement laten zien dan telecombedrijven. Zij hebben in het algemeen afspraken met regelgevers dat ze een bepaald rendement mogen verdienen. In de snel veranderende wereld van telecom is dat nog niet het geval.

Veiling van 5G

In een artikel over de veiling van het 5G spectrum in Duitsland viel de volgende uitspraak van een topman van de internetmodewinkel Zalando mij op: “Het is heel belangrijk dat de digitale infrastructuur van Duitsland verbeterd wordt. Er zijn nu momenten dat onze klanten toegangsproblemen hebben met onze app”. Dat zal best waar zijn maar heeft Zalando ooit iets betaald voor dat netwerk? Nee. Internetbedrijven liften mee op de investeringen die door telecombedrijven gedaan zijn. Terwijl de winst van internetgiganten bijna explodeert, staan de telecombedrijven nu nog ongeveer op dezelfde jaarwinst als tien jaar geleden.

De internetgeneratie zit achter de computer mooie webpagina’s en naadloze winkelervaringen te programmeren, maar de telecomreuzen moeten met de regelgever in de slag om überhaupt de kosten van hun zendtorens en graafwerkzaamheden terug te verdienen. Dat wrikt wat mij betreft toch ergens. Wanneer zullen de internetgiganten mee moeten investeren in de telecom-infrastructuur waar ze zelf volop van profiteren?

Arnout van Rijn (1965) woont en werkt in Hong Kong. Hij is fondsmanager van Robeco Asia Pacific Equities sinds 2007. Hij werkt sinds 1990 bij Robeco en is voormalig fondsmanager van Rolinco en Robeco Emerging Markets Equities.