Nieuws/Financieel
3409264
Financieel

Oproepkrachten minder tevreden over hun werk

Twee op de drie oproepkrachten hebben niet het idee dat ze hun eigen werktempo kunnen bepalen.

Twee op de drie oproepkrachten hebben niet het idee dat ze hun eigen werktempo kunnen bepalen.

DEN HAAG - Een op de tien oproep- en invalkrachten heeft moeite financieel het hoofd boven water te houden. In het algemeen werken ze meestal onder minder gunstige omstandigheden dan werknemers met een vast dienstverband. Het aantal oproep- en invalkrachten dat tevreden is over hun werk, neemt dan ook af, meldt onderzoeksinstituut TNO.

Twee op de drie oproepkrachten hebben niet het idee dat ze hun eigen werktempo kunnen bepalen.

Twee op de drie oproepkrachten hebben niet het idee dat ze hun eigen werktempo kunnen bepalen.

Gaf in 2007 nog 45 procent aan dat ze hun eigen werktempo konden bepalen, tien jaar later was dat nog maar 32 procent. Een op de drie (32 procent) oproep- en invalkrachten vindt dat te hard of te snel moet worden gewerkt, in 2007 was dit nog 21 procent.

Eén op de vijf (20 procent) heeft meerdere banen en in ruim de helft van de gevallen is dat om financiële redenen. Het gemiddelde onder werkende Nederlanders is 4 procent.

Nederland telt volgens TNO steeds meer flexwerkers, waaronder ook steeds meer mensen met een oproep- of invalcontract. In de periode 2005 tot en met 2017 is hun aandeel toegenomen van 4 procent (292.000 werknemers) naar 8 procent (546.000) van de werknemers in Nederland.