Nieuws/Financieel
3426916
Financieel

Gemengd beeld op Wall Street

New York - De aandelenbeurzen in New York lieten woensdag halverwege de sessie een gemengd beeld zien. Beleggers op Wall Street verwerkten het weinig verrassende rentebesluit van de Europese Centrale Bank (ECB) en cijfers over de inflatie in de Verenigde Staten. Daarnaast werd uitgekeken naar de notulen van de meest recente beleidsvergadering van de Federal Reserve.

De Dow-Jonesindex stond omstreeks 19.30 uur (Nederlandse tijd) iets lager op 26.143 punten. De breed samengestelde S&P 500 steeg 0,2 procent tot 2884 punten. Technologiegraadmeter Nasdaq won 0,4 procent tot 7944 punten.

De ECB hield de rente onveranderd en herhaalde dat er zeker tot en met eind dit jaar geen rentestap volgt. ECB-preses Mario Draghi zei in een toelichting dat er de komende tijd nog een aantal risicofactoren blijven, waardoor de groei van de economie in de eurozone afzwakt. Het risico op recessie blijft volgens hem klein.

Inflatie

De inflatie in de VS steeg in maart naar 1,9 procent op jaarbasis, van 1,5 procent in februari. Daarmee kwam de inflatie iets hoger uit dan verwacht. De kerninflatie zwakte wel wat af. Het inflatiecijfer heeft invloed op het rentebeleid van de Fed, al kondigde de koepel van centrale banken in de VS eerder aan ook niet te hard van stapel te zullen lopen.

Bij de bedrijven in New York steeg Delta Air Lines 1,2 procent na sterke kwartaalresultaten. De partner van Air France-KLM verhoogde ook zijn verwachtingen voor het hele jaar.

Boeing

Boeing verloor 0,6 procent. Aandeelhouders slepen de vliegtuigbouwer voor de rechter vanwege de problemen rond de 737 MAX die betrokken was bij twee dodelijke vliegtuigrampen in korte tijd. Ze claimen dat het bedrijf winstgevendheid en groei boven veiligheid en eerlijkheid heeft gesteld.

Ook jeansmaker Levi Strauss (plus 5,1 procent) opende de boeken. Beleggers konden de winst en omzetgroei van het bedrijf, dat recent zijn rentree maakte op de aandelenbeurs, wel waarderen.

De euro noteerde op 1,1276 dollar, tegen 1,1269 dollar bij het slot van de Europese beurzen. Een vat Amerikaanse olie werd 0,9 procent duurder op 64,57 dollar. Brentolie klom 1,5 procent in prijs tot 71,70 dollar per vat.