Nieuws/Financieel
3444393
Financieel

Prijsstijging gaat harder dan bij bestaande bouw

Nieuwbouw weer duurder

Nieuwbouw wordt het snelst duurder.

Nieuwbouw wordt het snelst duurder.

Amsterdam - Nieuwbouwkoopwoningen waren in het vierde kwartaal van 2018 maar liefst 11,3 procent duurder dan een jaar eerder. De prijzen van bestaande koopwoningen stegen in dezelfde periode met 9,0 procent. Dit blijkt uit nieuwe cijfers van het CBS en het Kadaster.

Nieuwbouw wordt het snelst duurder.

Nieuwbouw wordt het snelst duurder.

De prijs van nieuwbouwkoopwoningen steeg weliswaar minder hard dan in het kwartaal ervoor, maar het is inmiddels al het vijfde kwartaal op rij dat nieuwbouwhuizen sneller in prijs stijgen dan bestaande koopwoningen.

Alle koopwoningen gezamenlijk, uitgedrukt in de huizenprijsindex (HPI), waren in het vierde kwartaal 9,3 procent duurder dan een jaar eerder. Hiermee blijven de prijzen van koopwoningen in Nederland ruim twee keer zo hard stijgen als gemiddeld in Europa.

„Nieuwbouw wordt aantrekkelijker, omdat mensen weten dat ze hun bestaande huis makkelijk kwijt kunnen in de bestaande markt. Vaak moet je een aantal maanden wachten op een nieuwbouwhuis. Tijdens de crisis moest je maar afwachten of je je huis kwijt kon en welke prijs je er voor zou krijgen”, zegt bouweconoom Maurice Van Sante van ING.

Een andere oorzaak zijn de stijgende bouwkosten. Veel aannemers werken met zelfstandige bouwvakkers, die door de aantrekkende bouw deze hogere prijzen kunnen vragen.

„De aannemers zien de hogere verkoopprijzen daardoor deels in hun eigen winstmarge terug”, zegt Van Sante.

Een derde factor is volgens de aannemers de duurdere grond. Hoewel veel gemeentebesturen de problemen op de woningmarkt signaleren, werken ze dat zelf in de hand doordat ze binnenstedelijk willen bouwen. Dit drijft de prijs op, omdat het duurder is om deze locaties te ontwikkelen. Het kost meer tijd om de grond schoon op te leveren in geval van bedrijventerreinen, bestaande bebouwing weg te halen en de bestemming te wijzigen. Daarbij zijn de gemeenten zelf deels speculant. De gemeentekas vaart wel bij de schaarse en daardoor duurdere grond.

Jaarlijks moeten er 75.000 woningen gebouwd worden om aan de bestaande vraag te voldoen, maar dat wordt niet gehaald.

Het Economisch Instituut van de Bouw voorspelt dat de nieuwbouw na 2021 zal aantrekken, maar de bouwbedrijven zijn daar pessimistischer over.