Nieuws/Financieel
3461555
Financieel

Wall Street blijft dicht bij huis

New York - De aandelenbeurzen in New York hadden woensdag moeite om richting te vinden. Beleggers kauwden op een aantal kwartaalresultaten en positiever dan verwachte cijfers uit China. Chipbedrijven reageerden daar positief op, maar bedrijven in de gezondheidszorg zakten juist weg uit angst voor ander beleid nu de presidentsverkiezingen naderen.

De Dow-Jonesindex stond rond 19.30 uur (Nederlandse tijd) een fractie lager op 26.447 punten. De brede S&P 500 daalde 0,2 procent tot 2901 punten. Techbeurs Nasdaq ging 0,1 procent omlaag en stond op 7993 punten.

Chinese cijfers over economische groei, industriële productie en detailhandelsverkopen waren beter dan verwacht. Chipbedrijven, die sterk afhankelijk zijn van China, kregen daardoor een zetje. Intel, Micron en Nvidia stegen tot 3,6 procent.

Qualcomm

Qualcomm ging 11,6 procent omhoog. Dat bedrijf profiteerde ook van een schikking met Apple (plus 1,8 procent) en het nieuws dat Intel stopt met het bouwen van mobiele communicatiechips.

Bedrijven in de gezondheidszorg gingen voor de tweede dag op rij omlaag. De angst voor meer regulering als de Democraten de verkiezingen van volgend jaar winnen beheerst de markt. UnitedHealth, Pfizer en Merck daalden tot 3,4 procent. Abbott Laboratories daalde 4,3 procent, ondanks dat het bedrijf beter dan verwachte kwartaalcijfers toonde.

PepsiCo

Frisdrank- en snackmaker PepsiCo (plus 3,5 procent) zette een hogere omzet en winst in de boeken. Vooral snacks en drankjes met minder suiker deden het goed. Zakenbank Morgan Stanley haalde een lagere winst, mede door minder inkomsten uit de handel in obligaties en aandelen. Het aandeel kreeg er 2,3 procent bij.

Vooruitzichten bij Netflix (min 1 procent) geven beleggers mogelijk reden tot zorg. Door prijsverhogingen verwacht de videostreamingdienst een dip in de aanwas van nieuwe abonnees, net nu film- en mediagigant Disney met een concurrerend platform komt. Technologieconcern IBM (min 3,7 procent) kende een tegenvallende start van het jaar, waarin de omzet en winst daalden.

De euro was 1,1298 dollar waard, net als bij het slot van de Europese beurzen. De prijs van een vat Amerikaanse olie daalde een fractie tot 64,03 dollar. Brentolie kostte 0,1 procent meer op 71,82 dollar per vat.