Nieuws/Financieel
3584447
Financieel

Column: Negatieve rentetarieven positieve verrassing

Het economisch vertrouwen in de eurozone daalde in april voor de tiende maand op rij. Uit een enquête onder fondsbeheerders blijkt dat men over het algemeen denkt dat Europese aandelen meer zullen dalen dan andere activa.

Obligatiebeleggers zien het zo somber in dat ze de Nederlandse rente bij een looptijd van 20 jaar hebben verlaagd tot 0,5% of lager. Duitse rendementen zijn reeds negen jaar lang negatief! Er is geen enkel ontwikkeld land in de eurozone met een driemaandelijkse rente boven de -0,2%.

Velen klagen steen en been over lage en negatieve rentes die spaarders en banken pijn doen. En terecht! Toch is er een verborgen lichtpuntje. De lage rentetarieven in Europa voeden de wereldwijde rentearbitrage en stimuleren groei wereldwijd, en daarmee dus ook in de eurozone. Voor Nederlandse en internationale aandelen is deze arbitrage uw redder in nood.

Geheim ingrediënt economische groei

En waarom? Bekijk de rentecurves wereldwijd eens, die de rentetarieven van overheden bij verschillende looptijden berekenen. Omdat banken geld lenen voor de korte termijn om langetermijnleningen te financieren betekent een oplopende rentecurve (langetermijnrente is hoger dan kortetermijnrente) dat lenen gunstig is. Dit geheime ingrediënt van economische groei zorgt ervoor dat er meer wordt geleend. Korte rentes die hoger zijn dan lange (een inverse curve) wijzen er vaak op dat kredietmarkten in gevaar zijn en dat er niet geleend wordt. Vandaar dat een inverse rentestructuur veelal een voorbode is van een recessie.

Experts roepen al maanden dat die eraan komt. In Amerika is het verschil (de spread) tussen de 10-jaars rente en de 3-maands rente vrijwel nihil: 0,08%. Dit verschil was in maart kortstondig negatief (inverse), wat een vloedgolf aan recessievrees teweegbracht. Dit is een foute veronderstelling. Krediet is wereldwijd. Geld stroomt moeiteloos heen en weer tussen de ontwikkelde landen. Grote internationale banken lenen geld voor een korte termijn daar waar de rente laag is, dekken daarmee valutaschommelingen af en lenen geld uit waar de rente hoog is. De wereldwijde rentecurve is dus veel belangrijker dan de curve van een enkel land op zich. Momenteel is die curve steil genoeg, deels vanwege de negatieve kortetermijnrente in Europa. En dat biedt kansen.

Van Europa naar Amerika

De omstandigheden zijn goed. In de ontwikkelde wereld zijn de financieringskosten lager dan die van Amerika. In Nederland en Europa zijn de rentes negatief, zo ook in Japan. Tegelijkertijd zijn de lange rentes in Amerika hoger dan in alle andere ontwikkelde landen, met uitzondering van Italië. Banken lenen nu dus in Europa of Japan, verstrekken kredieten in Amerika en profiteren van het verschil. Grote, niet-bancaire instellingen zoals Exxon of Google kunnen hun financiering overal vandaan halen. De kredietstroom houdt de Amerikaanse expansie gaande, waardoor de negatieve rentecurve voorkomen wordt.

Rentearbitrage wordt toegepast, maar verwacht niet dat banken hiermee te koop lopen. We hebben net jaren van kritiek op banken en financiële herregulering achter de rug. Nederlandse autoriteiten hebben ruim €40 miljard uitgegeven aan het redden van banken tijdens de crisis in de eurozone. Politici willen dat grote Nederlandse en eurozone-banken binnenlandse economieën financieren, en niet die van Amerika.Vandaar dat we daarover niets horen. Overigens kunnen politici misschien punten scoren bij kiezers door internationale bankactiviteiten te beperken of binnenlandse kredietquota's voor te schrijven. Sterker nog, de Targeted Long-Term Refinancing

Operations (TLTRO) van de ECB - waarvan een nieuwe ronde in maart is aangekondigd - zijn bedoeld om kredietverlening te stimuleren via goedkope financiering. Dit geldt echter alleen als er wordt geleend aan bedrijven in de eurozone.

Degenen die geld lenen houden zich ook koest. Een Google, Exxon of een andere grote Amerikaanse multinational weidt niet uit over zijn financieringsbronnen, want dat gaat niemand wat aan. Kredietverkrijgers en kredietverleners houden dus hun mond en daarmee is de wereldwijde rentearbitrage bijna een ongeoorloofde activiteit, zoals het ontwijken van sancties en heffingen door het herlabelen of verzenden via derde partijen. We weten allemaal dat het gebeurt, maar er zijn er maar weinig die het benoemen.

Eurozone profiteert

Zo leunt de Amerikaanse economie stilletjes op wereldwijde kredietverstrekking en zorgt het systeem ervoor dat Amerika steeds meer leent. Dit blijkt ook uit de 4,6% groei in april ten opzichte van het jaar ervoor, ondanks de vlakke rentecurve van Amerika. Daarom bleef de groei van M4 (de maatstaf voor de geldhoeveelheid in ruimste zin) in Amerika exponentieel toenemen sinds december. Het is dan ook geen verrassing dat het BBP van de VS in het eerste kwartaal op jaarbasis met 3,2% steeg.

Europa heeft daar echter profijt van. De eurozone leunt sterk op handel: de export beslaat zo'n 45% van het BBP. Amerika was vorig jaar goed voor 14,1% van de eurozone-export en voor 4,8% van de Nederlandse export. Dat betekent dat de VS en de eurozone economisch gezien nauw met elkaar verbonden zijn. Snellere groei in de VS betekent dat de vraag voor Amerikaanse import toe zal nemen. Deze wereldwijde arbitrage en met valuta afgedekte ’transporthandel’ is dus goed voor Amerika, Europa en Nederland.

Voor aandelen is dit onuitgesproken positieve effect pure magie: banken die globale rentearbitrage bagatelliseren zijn een signaal dat de kracht om de wereldeconomie te stimuleren niet volledig is ingeprijsd. Dit brengt een positief en verrassend effect met zich mee, aangezien er ruim krediet wordt verstrekt ondanks lage rentestanden. Houd dus vast aan aandelen en geniet van het spel.