Nieuws/Financieel
3613425
Financieel

Column: Voldaan aan de verwachtingen, of toch niet?

We zitten in het staartje van het cijferseizoen. Beursgenoteerde bedrijven wereldwijd hebben hun resultaten over het afgesloten eerste kwartaal gerapporteerd. Ongeveer driekwart hiervan kwam met beter dan verwachte resultaten naar buiten.

Op basis van een gemiddelde van de verwachtingen van de bedrijven die de boeken nog moeten openen en de reële resultaten van degenen die al gepubliceerd hebben zou er sprake zijn van een winstdaling van ongeveer 2,3 procent ten opzichte van het eerste kwartaal van vorig jaar.

Dat percentage is beter dan verwacht. Bij de start van het cijferseizoen gingen analisten nog uit van een daling van 3,9 procent. Dat zou de eerste keer geweest zijn sinds het tweede kwartaal van 2016 dat er sprake zou zijn van een winstdaling. Ondanks deze daling zetten de indices, en dan vooral die in de Verenigde Staten, de laatste weken toch weer nieuwe hoogste punten ooit neer. Afnemende winsten en stijgende koersen, hoe is dat met elkaar te rijmen?

Toekomstverwachtingen

Nou, dat zit zo. Beleggers hebben de neiging om bij hun investeringsbeslissingen vooral te kijken naar de toekomst. Op het moment dat je een aandeel aanschaft, koop je immers het recht om mee te delen in de toekomstige winst van een beursgenoteerde onderneming. De gerapporteerde winsten zijn eigenlijk niet meer dan geschiedenis. Natuurlijk vormt het recente verleden vaak een goede indicatie over de nabije toekomst. Dat de winsten in de Verenigde Staten dit kwartaal terug zouden vallen was breed verwacht. De vergelijkingsbasis was met de grote belastingverlaging van vorig jaar in het achterhoofd dan ook bijzonder ongunstig. Niet voor niets waren de koersen in het laatste kwartaal van vorig jaar met aanzienlijke koersdalingen hier al op vooruit gelopen.

Herstel

Nu (nog) gaan beleggers ervan uit dat de economie zich in de tweede helft van dit jaar zal herstellen. Daar lopen de aandelenkoersen momenteel op vooruit. Daardoor zijn voor beleggers vooral de uitgesproken verwachtingen van de ondernemingen voor de rest van het jaar van belang. En wat blijkt, vooralsnog duiden die inderdaad op een herstel en dan met name in de halfgeleidersector.

Er is echter meer. Weliswaar dalen de winsten in het eerste kwartaal ten opzichte van dezelfde periode vorig jaar, maar daar staat tegenover dat de omzetten gemiddeld genomen wel stijgen. Stijgende omzetten en dalende winsten tezamen duiden op een afnemende winstmarge. Het is een winsterosie die vooral het gevolg is van stijgende lonen en oplopende kosten voor grondstoffen en halffabricaten. Van de elf sectoren rapporteren er maar liefst tien dalende winstmarges. De enige sector waar de marges nog toenemen is die van de nutsbedrijven. Vooral in de sectoren technologie en energie dalen de marges.

Winstmarges onder druk

De financiële markten verwachten dus een herstel in de tweede helft van het jaar, mede mogelijk gemaakt door uitbodemende economieën in China en Europa. Voor het vierde kwartaal wordt zelfs een winstgroei van ongeveer 8,5 procent verwacht die zelfs moet oplopen naar ruim 11 procent in 2020. Dat zou hoger zijn dan het gemiddelde over de afgelopen vijf jaar.

Het is nog maar zeer de vraag of de toenemende druk op de winstmarges, en dan vooral op die in de meest winstgevende sectoren, een dergelijk winstherstel mogelijk maakt. Wellicht hebben we de top in de winstmarges al gezien. Dat zou niet zo verwonderlijk zijn. Immers, wanneer het goed gaat willen de werknemers uiteindelijk ook hun deel van de taart. Voor de aandeelhouders blijft er dan wat minder over.

Martine Hafkamp is directeur van Fintessa Vermogensbeheer.