Nieuws/Financieel

Toch rendement in obligaties

“Wat jullie doen, kan niet zonder dat je meer risico neemt.” We horen het wel vaker. Men doelt dan op het feit dat we ondanks de lage rente erin slagen om rendement in obligaties te maken. De halfjaarcijfers ondersteunen dat: twee derde van de relaties die in obligaties beleggen behaalde de eerste helft van 2016 een resultaat van tussen 3% en 6%. Het door ons beheerde vastrentende beleggingsfonds kwam uit op 4,95%.

Zaterdag kwam ik op een verjaardag een collega vermogensbeheerder tegen. Waar de portefeuilles voor onze relaties hoofdzakelijk uit vastrentende waarden bestaan, bestrijken zij het hele universum, dus zij beleggen voor hun cliënten zowel in aandelen als in obligaties.

Als obligatiebelegger was ik geïnteresseerd hoe de beheerder dan het vastrentende deel invulde. “Omdat de expertise ontbreekt, maken we voor dit deel een keuze uit obligatiefondsen, ook al levert dat in dit klimaat niet veel op”, antwoordde hij. De analyse en selectie van aandelen vond wel in eigen huis plaats.

Uitbesteden

Een vermogensbeheerder als deze zou natuurlijk het vastrentende deel van het vermogen achterwege kunnen laten of uitbesteden. Eigenlijk net zoals wij dat doen op het gebied van indexbeleggen. In dat segment zijn partijen actief die daar veel beter voor ingericht zijn en de dienst tegen lage kosten kunnen verzorgen.

Maar als je gaat uitbesteden, snij je jezelf in de vingers. Allereerst doe je jezelf financieel tekort. Je zegt niet tegen een klant die met een miljoen bij je binnenkomt dat je zes ton graag in aandelen en indextrackers wilt beleggen en dat hij/zij met het resterende bedrag maar naar een ander moet gaan. Dus vertel je dat je het hele pakket in huis hebt.

Het tweede aspect is dat je als beheerder in problemen komt met je beleggingsprofiel. Een klant die bij jou voor 100% in aandelen en trackers belegt, belandt automatisch in een offensiever profiel, waardoor je bij een conservatieve belegger klem kan komen te zitten met de doelstellingen. Omdat obligaties van nature meer als defensief beschouwd worden, hebben wij daar geen of weinig last van.

Specialisatie loont

Het is nu het zoveelste jaar dat we erin slagen om tegen de marktbeweging in bovenmodaal te scoren in obligaties. Kijken we naar de oorzaken achter dat succes, dan komen we uit op de volgende.

De keuze om ons te specialiseren is een bewuste. Door te adviseren in maar één beleggingscategorie hoef je ook niets steeds strategisch bij te sturen. Je hebt alle tijd om vooraf je huiswerk te maken zonder te worden afgeleid door de ontwikkelingen op de beurzen. Zo kunnen we ons volledig concentreren op de zoektocht naar ondergewaardeerde obligaties. Daardoor kunnen we snel toeslaan als de kansen zich aandienen.

Dat die er waren blijkt uit het feit dat er in 2016 slechts drie transacties (eigenlijk vijf) nodig waren om dit overrendement te realiseren: twee ruilingen plus de aankoop van een zwaar in koers gedaalde obligatie. Voor het overige laten we de altijd binnenstromende rente het werk doen.

Risicoparagraaf

Een andere troef is het gebruik van de OK-Score. Dit instrument behoedt ons ervoor dat we al te grote verliezen lijden. Zoals de collega vermogensbeheerder zaterdag ook al opmerkte, wordt het eerste geld met beleggen immers verdiend door het niet te verliezen. Behalve dat het oordeel van de OK-Score vele malen beter is dan dat van andere kredietbeoordelaars, merkt de Score al in een vroegtijdig stadium op dat er problemen kunnen optreden.

Het meest recente voorbeeld van zo’n aangekondigd beursdrama zagen we vorige week op de Duitse MKB-markt. De obligatiekoers van KTG Agrar, een investeringsfonds in Oost-Europese landbouwgrond, ging finaal onderuit en daalde in twee weken tijd van 95% naar 7,50%. De OK-Score waarschuwde ons al in 2011 voor onregelmatigheden in de boekhouding.

Tenslotte hebben we andere opvattingen over het begrip risico. Onze visie over alle mogelijke risico’s die van toepassing zijn op het beleggen in obligaties hebben we onlangs opgetekend in een document, de Risicoparagraaf (Deze kunt u hier downloaden).

Juiste gereedschap

Precies drie jaar geleden hebben we afscheid genomen van een cliënt die zich liet adviseren door een autoriteit op het gebied van vermogensplanning. Wat wij deden – beleggen in ‘high yield’, ‘distressed debt’ of hoe hij dat noemde – was voorbij, er viel geen rendement meer te behalen.

Het geld moest spannend belegd worden bij partijen in Londen en New York, want daar zaten mensen die er echt verstand van hadden. Weliswaar tegen hoge kosten, maar de kantoren in de City en op Manhattan moeten ergens van betaald worden.

Hoe het de klant vergaan is weten we niet. Wat we wel weten is dat zowel de AEX als de S&P500 sindsdien met 28% zijn gestegen, de Stoxx 50 index met 12%. Drie willekeurige portefeuilles renderen in dezelfde periode 20,68%, 22,35% en 22,75%. Conclusie: met het juiste gereedschap en de juiste instelling is er ook in obligaties altijd geld te verdienen.

Ron Boer is partner bij Het Effectenhuis Commissionairs B.V., een onafhankelijke specialist in de advisering en handel in obligaties en tevens beheerder van drie beleggingsfondsen: het OK Wereld Fonds (aandelen wereldwijd), het OK Magnificent Twenty (Amerikaanse aandelen) en het Wereld Rente Dividend Fonds (vastrentende waarden). Cliënten van Het Effectenhuis kunnen een positie hebben in de behandelde fondsen op het moment van publicatie. Mocht u tot koop of verkoop overgaan, overleg vooraf altijd met uw adviseur/beheerder.