Nieuws/Financieel
430302
Financieel

Dag van de Zzp’er

10 tips voor een beter LinkedIn-profiel

Voor de zzp'er is het opbouwen van een netwerk en opvallen bij opdrachtgevers cruciaal. En dat valt of staat bij de manier waarop hij of zij zich profileert, onder meer op LinkedIn: wie ben jij en waar ligt je kracht? Op de Dag van de Zzp'er geven LinkedIn en online personal branding expert Fiona Stoop 10 tips voor een goed online profiel.

1. Geen profiel? Geen optie!

Anno 2016 moet iedereen die actief is (of wil zijn) op de arbeidsmarkt een LinkedIn-profiel hebben, ongeacht de branche waarin je actief bent. Wees niet bang om jezelf neer te zetten en om informatie over jezelf prijs te geven.

2. Volledig en actueel

Hier verkoop je jezelf door het weergeven van werkvaring en skills. Een duidelijke samenvatting geeft een helder beeld van wie je bent, wat je doet en wat je ambities zijn. Gebruik hierbij keywords waarop je gevonden wilt worden door opdrachtgevers. Hoe vollediger het profiel, hoe beter vindbaar je bent op LinkedIn en in andere zoekmachines. Wees ook niet bang om je telefoonnummer erin te zetten.

3. Goede foto

Met een profielfoto wordt je pagina maar liefst veertien keer vaker bekeken dan als er een leeg vlak staat. Gebruik geen vakantiekiekjes of trouwfoto, zorg voor een beeld waarop je lacht en recht in de camera kijkt, dat schept vertrouwen. Weet je niet zeker of jouw foto geschikt is? Op photofeeler.com kun je hem laten beoordelen op competentie, sympathie en invloedrijkheid.

4. Pakkende headline

De headline krijgen bezoekers (samen met de foto) als eerste te zien. Ook is het de eerste hit in zoekresultaten. Zorg dus dat hij pakkend en onderscheidend is, en trefwoorden bevat waarop jij gevonden wilt worden. Alleen 'freelancer' volstaat niet, want daarvan zijn er 40.000 in Nederland. Maar ‘freelance tekstschrijver, zet technische teksten om in Jip en Janneke-taal’ zegt veel meer over de waarde die jij kunt toevoegen. Je benoemt de 'pijn van de klant'. Pas op dat je headline niet te creatief is: een 'spin in het web' zoekt niemand!

5. Updates

Wees actief! Door opdrachtgevers te laten zien waar je mee bezig bent, blijf je op de radar bij je netwerk. Bovendien krijgen je connecties inzicht in jouw werkzaamheden en projecten.

6. Netwerken

Breid je netwerk uit met (ex-)collega’s, leveranciers, klanten en opdrachtgevers. Maar ook met buren, de bakker op de hoek of de leden van de visvereniging waar je actief bent. Je weet immers nooit hoe een koe een haas vangt. Vergeet er geen persoonlijk bericht aan toe te voegen! Ook handig: je kunt al je LinkedIn-contacten naar Excel exporteren, te vinden op de my network/connections pagina, rechts boven onder het tandwiel: Export LinkedIn connections. Met naam, bedrijf, functie en emailadres.

7. Groepen

Sluit je aan bij bij zzp-gerelateerde groepen of groepen uit je bedrijfstak om je te mengen in relevante discussies met gelijkgestemden. Je vindt hier veel informatie en kunt vragen stellen. Daarbij vinden potentiële opdrachtgevers je sneller doordat leden van dezelfde LinkedIn-groep elkaar direct kunnen mailen.

8. Referenties

Vraag een tevreden opdrachtgever altijd om een aanbeveling voor op je pagina. Deze verspreiden zich snel omdat ze ook zichtbaar zijn voor het netwerk van de persoon die de aanbeveling heeft geschreven. Ze maken je betrouwbaar en geven een goede indruk van wie jij bent als professional.

9. Afbakenen

Zet op je profiel (en je visitekaartje) geen enorm breed pakket aan expertises neer. Het lijkt misschien interessant als je coach, hr-prof en mediator bent, maar het tegendeel is waar. Noem je jezelf bijvoorbeeld 'loopbaancoach voor twintigers en dertigers',hebben opdrachtegvers daar direct een beeld bij. Zo kun je ook gericht marketing en aquisitie doen.

10 Verschil met cv

Waar je op je cv kort en bondig relevante werkervaring neerzet, kan dit op Linkedin wat uitgebreider. LinkedIn is namelijk ook bedoeld om te netwerken met ex-collega's en als je oud-werkgevers/opdrachtegevers er niet bij zet, ben je voor hen ook niet vindbaar. Niet-relevante werkervaring zoals studentenbaantjes kun je eventueel toevoegen als je nieuw bent op de arbeidsmarkt.