Nieuws/Financieel
435542
Financieel

Gelderlandplein heropent voor derde keer

AMSTERDAM - Als een ware filmster loopt Lesley Bamberger door zijn vernieuwde winkelcentrum Gelderlandplein in Amsterdam.

Voor iedereen die hij tegenkomt heeft hij een vriendelijk praatje, een aai of een schouderklopje over. Hij heeft dan ook een erg leuk vooruitzicht. 'Zijn' Gelderlandplein heeft een metamorfose ondergaan. Na enkele jaren hard werken is het resultaat inmiddels aan het winkelcentrum af te zien. "Het is een hotspot geworden", laat Bamberger met zijn onafscheidelijke lach weten.

Over twee weken wordt het vernieuwde Gelderlandplein geopend door burgemeester Eberhard van der Laan. Hij wordt de derde burgemeester die het sinds de jaren zestig bestaande winkelcentrum opent, danwel heropent. Zijn voorgangers Schelto Patijn en Ivo Samkalden gingen hem voor.

Internationale allure

"Het Gelderlandplein is een winkelcentrum zoals we er geen ander hebben in Amsterdam, zegt vastgoed- en retaildeskundige Hans van Tellingen. "Na de binnenstad is er in Amsterdam geen winkelgebied dat er zo toe doet als het Gelderlandplein in Buitenveldert. Eindelijk krijgen we in de stad een winkelcentrum met internationale allure."

Vastgoedontwikkelaar Kroonenberg kocht het Gelderlandplein in 2008 van het Philips Pensioenfonds. "Die partij dacht helemaal niet mee met de winkels", zegt de retailspecialist. Toen al had directeur Bamberger het plan om een vernieuwingsslag te maken. Het winkelcentrum was een tikje stoffig en een tikje elitair geworden. "Het publiek was altijd wat bekakt", vult Van Tellingen aan.

Japans-Koreaanse supermarkt

Het Gelderlandplein was vooral bekend om de beste Albert Heijn van de stad. Maar, zo beloofde Bamberger zichzelf, het moest weer een levendige ontmoetingsplaats worden voor iedereen: met meer restaurants en een hotel erbij. En de eerste Japans-Koreaanse supermarkt van Nederland. "Het moest meer cachet krijgen. Dat vind ik gelukt."

De winkeliers zien uit naar de heropening, boegbeeld Rick Moorman voorop. Hij runt een mannenwinkel op het centrale plein in het centrum, een soort warenhuisje, maar hij verkoopt vooral pakken, maar heeft ook een barbier binnen zijn muren. Door de samenwerking met de kledinglijn van Humberto Tan is Moorman zelf inmiddels een bekende Nederlander geworden. Zijn zoon Dennis, opgegroeid tussen de maatpakken en de champagneflessen, loopt zich in de winkel al warm om Rick ooit op te volgen.

Concurrent van winkelcentrum in Amstelveen

Volgens Mark Rogge, die met een kledingzaak in het centrum is vertegenwoordigd gaan de zaken inmiddels goed. Als kind skateboarde hij in de jaren tachtig door het winkelcentrum. Toen zat er nog geen dak op. Hij opende in 2008 zijn winkel, het jaar waarin de recessie toesloeg. Maar alle tegenslagen zijn overleefd en heeft er vertrouwen in dat, mede door de nabijheid van de Zuidas, er potentie in het plein zit. "Dit wordt de grote concurrent van het winkelcentrum in Amstelveen", zo verwacht hij.

Om de aanloop naar het Gelderlandplein alvast wat te versnellen heeft Bamberger een opstapper, een soort buurtbus, ingehuurd die op en neer rijdt tussen de Zuidas en het winkelcentrum. Niemand hoeft lang te wachten op het busje. Er vertrekt er elke vijf minuten eentje. "Het werkt", zo bezweert hij. "We zien ongelooflijk veel mensen rondlopen op de Zuidas. Die zouden eigenlijk allemaal ook even naar het winkelcentrum moeten komen. En: er is in de hele wereld geen winkelcentrum die een eigen buslijn heeft."

Winkelcentrum is geen democratie

Maar het runnen van een winkelcentrum is geen democratie. Keizer Lesley regeert met ijzeren vuist. Hij beslist wie er wel en wie er geen winkel mag openen. Als een merk al ergens wordt verkocht, mag er geen tweede winkel komen die hetzelfde aanbiedt. Het is een enorme puzzel om voor variatie in de 80 winkels te zoeken. Naast alle chique winkels moet er bovendien plaats zijn voor een goede schoenmaker en een fijne visboer. "Die zitten hier dan ook."

Trots is de Kroonenberg-voorman onder andere op de wolwinkel van Marie-Madeleine Vink die al dertig jaar in het centrum zit. Omdat er in het onderwijs minder aandacht voor textiel kwam, is ze de winkel gestart. Zo is ze een ambassadeur voor het vak gebleven. "Ik wilde mijn passie blijven overbrengen", zegt ze, terwijl ze wijst naar haar collectie Italiaanse wol.

Breien is weer hip

Zelf draagt ze alleen nog maar door haar zelf gebreide kleding. "En breien is weer hip geworden", stelt ze tevreden vast. "Er komen steeds vaker jonge mensen. En ook mijn donderdagse brei-les loopt steeds beter."

Amsterdam is overigens nog lang niet van Bamberger af. Zo heeft hij ook de Kalvertoren gekocht. "Ook die gaat op de schop", zo kondigt hij aan. "Veel kan ik nog niet vertellen, maar wel weten we dat we de gehele eerste verdieping er helemaal uithalen. Het wordt een heel ander aanzicht."