Nieuws/Financieel

Boeing mag nieuwe ’Air Force One’ leveren

Door Van onze DFT-redactie

Amsterdam - De toekomstige president(e) van de Verenigde Staten vliegt opnieuw in een Boeing. De Amerikaanse vliegtuigbouwer mag twee nieuwe exemplaren van de ’Air Force One’ leveren, die waarschijnlijk na 2020 in gebruik worden genomen.

Boeing gaat nu aan de slag met de ontwikkeling van twee jumbo jets van het type 747-8 die straks als presidentieel vliegtuig gaan dienen, meldt The Wall Street Journal. Het bedrijf was de enige inschrijver op de opdracht. Wel zou de Amerikaanse overheid het onderhoud nog bij verschillende partijen willen aanbesteden.

Dat de opdracht naar Boeing zou gaan, was vorig jaar oktober al bekend. Nu is er officieel een eerste contract getekend van $25,6 miljoen, aldus de WSJ, wat feitelijk dient om te onderzoeken hoe Boeing aan de eisen van de overheid kan gaan voldoen. De twee vliegtuigen gaan de huidige vliegtuigen van het type Boeing 747-200 vervangen, die al zo’n 25 jaar dienst doen als het ’Witte Huis met vleugels’.

Wat de bouw van de twee vliegtuigen precies gaat kosten, is nog niet duidelijk, maar eerder gingen schattingen rond van $1,6 tot $3 miljard.

Details over allerlei nieuwe snufjes aan boord worden nog angstvallig geheimgehouden. Maar zeker is al wel dat er een nieuw antiraketsysteem in het vliegtuig wordt geplaatst en dat het toestel van alle moderne gemakken wordt voorzien. De verwachting is dat het commandocentrum aan boord verder wordt uitgebreid, zodat vanuit de lucht het werk ook ongestoord door kan gaan.