Nieuws/Financieel

 Meer keuze bij beleggingspensioen. Het ene risico inruilen voor het andere?

In het Nederlandse pensioenstelsel kan pensioen worden opgebouwd, waarbij premie wordt afgedragen tijdens de looptijd en de pensioenuitkering al vooraf gegarandeerd is en vast staat. Een zogenaamde uitkeringsovereenkomst. Een andere variant is dat er eveneens premie wordt afgedragen, maar op de pensioendatum een kapitaal ter beschikking komt waarmee op de pensioendatum een pensioenuitkering moet worden aangekocht. De op het moment van aankoop geldende (verzekerings-)tarieven en rentetarieven zijn dan mede bepalend voor de hoogte van de uitkering. Die staat dus niet tijdens de opbouwfase al op voorhand vast. Dit kan een behoorlijk risico voor de deelnemers impliceren. Daarin gaat nu verandering komen. Maar… realiseert u zich, niets is zonder risico. Het ene risico wordt ingeruild voor het andere risico. Dus kiest u maar!

Variabel

Deelnemers aan een premiepensioenregeling of een kapitaalovereenkomst krijgen, als de plannen doorgaan, meer mogelijkheden om te kiezen voor een variabel, risicodragend pensioen. Bij de Tweede Kamer is eind november 2015 het Wetsvoorstel variabele pensioenuitkering ingediend dat dit moet gaan regelen.

Kosten

Deelnemers aan een premiepensioenregeling moeten nu nog, zoals ik hierboven al aangaf, uiterlijk op de pensioendatum het opgebouwde pensioenvermogen omzetten in een levenslange vaste pensioenuitkering. Ze worden dan, vanwege het afdekken van het langleven-risico en fluctuaties in de marktrente, geconfronteerd met de door verzekeraars hiervoor in rekening gebrachte hoge kosten die ten koste gaan van de pensioenuitkering. Het wetsvoorstel ziet er op toe deelnemers aan een premieovereenkomst of een kapitaalovereenkomst de keuzemogelijkheid te bieden van een variabel, risicodragend pensioen.

Een variabel pensioen na de pensioendatum was altijd al mogelijk als de pensioenregeling die variant bood. Zo kan er bijvoorbeeld voor worden gekozen om het pensioen in een verhouding 100:75 te laten uitkeren. De eerste jaren na de pensionering is de vaste pensioenuitkering dan hoger en jaren daarna is de uitkering lager. De gedachte hierbij is dat mensen naarmate ze ouder worden minder kosten hebben en dus met minder inkomen toe zouden kunnen. Pas gepensioneerden reizen immers vaak meer en besteden meer inkomen aan vrijetijdsbesteding.

Variabel en risicodragend

Als de deelnemer in de nieuwe plannen kiest voor een variabel en risicodragend pensioen, varieert zijn pensioen na de pensioendatum mee met het beleggingsrisico, de ontwikkeling van de levensverwachting en het gerealiseerde resultaat op sterfte. Door het wegvallen van de garanties van de pensioenuitvoerder kan een groter deel van het vermogen in zakelijke waarden worden (of blijven) belegd en kunnen dergelijke beleggingen ook na de pensioendatum worden voortgezet. Dat biedt natuurlijk aanzienlijke voordelen, maar brengt dus ook (aanzienlijke) risico’s met zich mee. Echter, nu veel mensen na hun pensioendatum ook nog blijven werken (en dus extra inkomen genereren) kunnen zij mogelijk ook wat meer risico nemen met hun pensioengelden.

Flexibel

Het wetsvoorstel betreft overigens de uitwerking van de Hoofdlijnennota optimalisering wettelijk kader voor premieovereenkomsten (voor de liefhebbers: TK 2014-2015, 32 043, nr. 240) naar aanleiding van het onderzoek Optimalisering overgang van opbouw- naar uitkeringsfase en de inrichting daarvan in premie- en kapitaalovereenkomsten (TK 2014-2015, 32 043, nr. 226).

Hieruit kwam naar voren dat het inbouwen van meer flexibiliteit kán leiden tot betere pensioenresultaten bij aanvaardbare risico’s. Van belang is natuurlijk wel de communicatie met de deelnemers over de risico’s. In hoeverre is een werkgever dan nog verantwoordelijk voor de keuzes die de deelnemer maakt bij de ingang van het variabele en risicodragende pensioen?

Zekerheid versus risico

De deelnemer krijgt met het wetsvoorstel immers de mogelijkheid een eigen afweging te maken tussen zekerheid en risico. De mogelijkheid om een variabele uitkering te gaan ontvangen, biedt de deelnemer de keuze voor een risicovoller pensioen. Wel zijn in het wetsvoorstel aanvullende maatregelen opgenomen die te grote schommelingen in het pensioen moeten voorkomen. Mogelijk wordt dit nader uitgewerkt in de vorm dat een deelnemer op enig moment toch het risico weer kan verlaten en een vaste uitkering kan kiezen? Vergelijk dit met de hypotheek met variabele rente die ook kan worden ‘vastgezet’.