Nieuws/Financieel
477816603
Financieel

Bitcoinbedrijf Bitonic boekt overwinning

Gehekelde registratie-eis cryptoplatforms blijft overeind

Transacties op Nederlandse cryptoplatforms moeten voorlopig blijven voldoen aan de strenge eisen die toezichthouder DNB heeft neergelegd.

Transacties op Nederlandse cryptoplatforms moeten voorlopig blijven voldoen aan de strenge eisen die toezichthouder DNB heeft neergelegd.

Amsterdam - Cryptoplatforms blijven na een belangrijke rechtszaak gehouden aan nieuwe strenge eisen die toezichthouder De Nederlandsche Bank (DNB) stelt aan hun transacties in bijvoorbeeld bitcoins voor consumenten. Wel dient DNB zijn huiswerk over te maken: het moet binnen zes weken nader uitleggen hoe deze bedrijven die eisen tegen onder andere witwassen moeten uitvoeren.

Transacties op Nederlandse cryptoplatforms moeten voorlopig blijven voldoen aan de strenge eisen die toezichthouder DNB heeft neergelegd.

Transacties op Nederlandse cryptoplatforms moeten voorlopig blijven voldoen aan de strenge eisen die toezichthouder DNB heeft neergelegd.

Bitcoinplatform Bitonic vocht als eerste de regels aan. Het vond die onduidelijk en onwerkbaar. Zij vond de voorwaarden ook onevenredig streng.

Bitonic vroeg de Rotterdamse kortgedingrechter de eisen voor het controleren van klanten en hun transacties op te schorten. De rechter gaat in die eis niet in mee.

Wel moet DNB binnen zes weken nader in regels vastleggen waarom en hoe Bitonic en andere platforms bij een transactie de identiteit van zijn klanten zo uitvoerig moet controleren.

De waakhond eiste al dat aanbieders de identiteit van een klant nauwgezet vaststellen, dan nog eens controleren en bijvoorbeeld de identiteit leggen naast de ’sanctielijsten’, met onder andere fraudeurs en andere criminelen. Bitconic zegt al jaren niets anders te doen.

Extra controles

Munten als bitcoin zijn extreem populair, de toestroom van spaarders naar de cryptomuntenmarkt dijt uit. Waakhond DNB wil daarom met Europese toezichthouders eisen stellen aan die jonge markt.

Bij iedere aan- of verkoop van en naar een externe wallet, of digitale portemonnee, moeten de platforms vaststellen of de klant wel daadwerkelijk de ontvanger of verzender is.

Bitonic, met in zijn kielzog tientallen platforms voor wie de rechtszaak van belang is, stelt dat de eisen van DNB onterecht zijn. Ze zouden geen wettelijk basis hebben. Het zou bovendien praktisch onmogelijk worden om in Nederland nog cryptomunten te kunnen blijven verhandelen.

DNB zou de eisen die het ministerie van Financiën stelde bij invoering van de wet zelfstandig hebben opgerekt en verhard. De rechter is het eens met Bitonic eens dat het huidige registratiesysteem meer kenmerken heeft van een volledige vergunning dan van een registratie.

Klanten zouden door allerlei bijkomende eisen afhaken. De eisen, onder andere een video of screendump per transactie als bewijs dat de klant de rekening bezit, zouden nodeloos complex zijn. Ze zouden helemaal geen fraudeurs helpen vangen, zoals DNB denkt.

„Wat DNB wil kán niet bij bitcoin, zo werkt het systeem gewoon niet”, aldus Jouke Hofman van Bitonic eerder. Bovendien zijn de eisen volgens Bitonic in strijd met privacyregels.

Vlucht uit Nederland

Meerdere aanbieders zouden vanwege die eisen al over de grens zijn gegaan, waar het toezicht binnen dezelfde Europese regels veel minder streng zou zijn.

De Rotterdamse rechter heeft woensdag een deel van de bezwaren die het oudste crpyptoplatform van Nederland maakte wel toegewezen. DNB wordt verplicht binnen zes weken op die aanmerkingen van Bitonic in te gaan en moet de proceskosten betalen.

In november vorig jaar heeft DNB bij Bitonic de registratie verleend. Daarmee kan het actief zijn als aanbieder van diensten, zoals het wisselen van virtuele munten en aanbieden van digitale bewaarportemonnees.

Zonder deze DNB-registratie – iets anders dan een vergunning – kunnen platforms in Nederland niet open blijven.

’Buiten boekje’

De toezichteisen vloeien voort uit de Wet ter voorkoming van witwassen en financieren van terrorisme (Wwft). Volgens DNB is de noodzaak van strenge regelgeving nodig, omdat ook cryptomunten worden gebruikt bij witwassen en financiering van terrorisme.

Bitonic bestrijdt dat de eisen voortvloeien uit de Sanctiewet van 1977, zoals DNB aankaartte. De toezichthouder zou daarmee buiten zijn boekje handelen.

De rechter eist dat DNB nu de registratie-eisen verder moet motiveren. Het ’ligt in de rede’ dat DNB met Bitonic moet overleggen over hoe het platform haar verplichtingen op grond van de sanctieregelgeving kan naleven. Bitonic had eerder om dergelijk uitvoerig overleg gevraagd, maar DNB ging daar niet op in.

Volgens de uitspraak heeft de registratie voor platforms alle kenmerken van een vergunning, en is het geen registratie, zoals DNB in de rechtbank stelde.

Er loopt parallel nog een bezwaarprocdure van Bitonic tegen De Nederlandsche Bank. Daarin vraagt Bitonic een inhoudelijk oordeel van de rechter over de regelgeving in Nederland en de rol van DNB.

De centrale bank stelt in een verklaring, dat nadat zijn registratie-eisen overeind zijn gebleven, dit „bijdraagt aan de duidelijkheid voor zowel Bitonic als andere aanbieders van cryptodiensten met een registratie bij DNB.”