Nieuws/Financieel

China breekt

Iedereen kent wel van die wekkers die gemaakt zijn in China. De handleiding lijkt geschreven door een dyslectische dronkaard met een goed gevoel voor humor, de wekker zelf is niet bepaald een architectonische verrijking en het geheel ruikt enorm naar plastic.

Dit is tevens een mooie beschrijving van de Chinese economie, alleen moet de belegger niet wachten tot de wekker afgaat, want dan is het te laat.

Vier bubbels

Zoals de Bijbel de vier ruiters van de Apocalyps kent, zo kent China haar eigen versie. Het land heeft namelijk te maken met vier soorten onheil: een schuldenbubbel, een vastgoedbubbel, een loonbubbel en een aandelenbubbel.

Schulden

China heeft een enorme groei in schulden meegemaakt. Sinds 2007 zijn de schulden verviervoudigd. Medio 2014 stond de schuldverhouding ten opzichte van het BBP (bruto binnenlands product) op 282%. Niet alle statistieken zijn recent, noch precies, maar gezien het nieuws van afgelopen tijd ligt het percentage nu in 2015 nog een stuk hoger.

Nu zijn er landen met een hogere schuldquote, maar er moet hier wel gekeken worden waar de schulden voor gebruikt zijn (50% gerelateerd aan vastgoed) en of de verdienkracht om deze schulden te dragen voldoende aanwezig is. Door de grote schuldtoename is er ook veel in productiecapaciteit geïnvesteerd. Door haperende buitenlandse vraag, is er nu dus een overcapaciteit.

Gevolg is dan dat de prijzen voor deze producten zullen dalen waardoor er minder wordt verdiend door de Chinese bedrijven, wat weer nadelig uitpakt voor de draagbaarheid van de schulden (aflossing en rente op schuld blijven immers staan). In combinatie met slecht beheer, met name door een groot aandeel van schaduwbanken, zijn er genoeg beren op de weg waar te nemen.

Vastgoed

Een groot gedeelte van de schulden is dus aangewend om vastgoed te kopen. Deze geldinstroom werd gecomplementeerd door de carry trade die heeft plaatsgevonden. Een carry trade is niets minder dan lenen in een goedkope munt (dan wel depreciërende munt en/of zeer lage rente) en het geld investeren in een land waar hogere opbrengsten worden verwacht.

In dit geval werden dollars omgeruild voor renminbi en die werden dan, onder meer, in vastgoed gestoken. De omvang van deze carry trade wordt door velen geschat op $1 biljoen of meer. Met dat soort kapitaalsinstromen is het geen wonder dat de Chinese vastgoedmarkt in een bubbel verkeert.

Lonen

Doordat China zo hard is gegroeid de afgelopen jaren, heeft het meer en meer te maken gekregen met een stijgende loonspiraal. In den beginne is dit positief, met name voor de binnenlandse afzet, maar op termijn ondermijnt het de concurrentiekracht van de Chinese exportsector. Deze sector wordt nu geconfronteerd met overcapaciteit, dalende verkoopprijzen en een te dure Chinese munt. Dit is een triple whammy waar de Chinezen niet vrolijk van worden.

Aandelenmarkt

De schuldtoename en de grote carry trade hebben hun effect gehad op de Chinese aandelenbeurzen. Maar na record op record, zit nu de klad er een beetje in, ondanks dat de Chinese overheid in enkele maanden $1 biljoen in de aandelenmarkten heeft gepompt!

Maar is de pijn nu geleden? Met de economie onder druk en toenemende slechte schulden (faillissementen) lijkt het antwoord negatief te zijn. Temeer het er nu naar uitziet dat de Chinezen niets anders rest dan het devalueren van de munt. In dat geval zal de kapitaalvlucht juist toenemen, waardoor koersen verder zullen dalen. Doen ze geen devaluatie, dan gaat hun exportsector aan gort, waardoor de schulden die deze sector heeft opgebouwd verzuren, wat ook weer tot faillissementen zal leiden. China zit dus in een ware Catch 22.

Export deflatie

Het verhaal is niet meer zo vers als voorheen, maar dat er problemen zijn in China staat vast. Echter, twee derde van de markt ligt er niet echt wakker van, dus niet alle ellende is ingeprijsd. En de repercussies zijn niet alleen voor China, want deze situatie zorgt ervoor dat ze verdere deflatie naar het Westen exporteren.

Zo krijgen de centrale banken aldaar het niet makkelijk om het inflatieniveau te verhogen. Dit leidt weer tot meer QE onzerzijds, waardoor de Chinese munt weer te duur wordt. De hele situatie is dan ook niets minder dan een valutaoorlog. Beleggers doen er dus goed aan om de Chinese ontwikkelingen nauwlettend in de gaten te houden.