Nieuws/Financieel
481525
Financieel

Grafiekles 9: Fibonacci retracements

Ik pak de draad weer op van mijn serie Grafieklessen, waarin ik thans aandacht vraag voor een bekende en veel toegepaste charting tool, te weten de Fibonacci Retracements. Ik omschrijf drie charttechische situaties waarin dit steun- en weerstandmechanisme een waardevolle bijdrage levert bij het uitzetten van een koersroute.

ABC-tje

Hoe de bekende Fibonacci getallenreeks er uit ziet (1,1,2,3,5,8…etc) en hoe het is gesteld met de onderlinge verhoudingen tussen de getallen acht ik eigenlijk wel bekend bij mijn trouwe lezers. Hier is al meerdere keren over geschreven, de basiskennis veronderstel ik bekend. Mocht dit niet zo zijn, dan hoor ik dat graag, dan zal ik er alsnog een column aan wijden.

Het gaat mij nu om de toepassingen van de drie bekende retracementgrenzen 38,2%, 50% en 61,8%. Hiertoe introduceer ik het zogenaamde ABC-tje op de grafiek. De letter A is een significante top of bodem in de markt. Dit punt is het startschot voor een duidelijke koersbeweging liefst in een trendfase. Bij letter B (ook een significante top of bodem) houdt de koersbeweging op en start er een tegenovergestelde beweging, een reactie. Welnu, de AB beweging wordt in drie stukken geknipt, te weten een stuk van 38,2%, een stuk van 50% en een stuk van 61,8%. Dit zijn de drie stippellijnen die u straks ziet bij elke AB beweging. U raadt het al, letter C indiceert het einde van de reactiebeweging, veelal op één van de genoemde percentagegrenzen.  Een drietal praktische ABC-tjes om een en ander te illustreren.

Reactie in de uptrend

De meest bekende toepassing van de Fibonacci retracementgrenzen is het bepalen van een nieuwe hogere bodem in een uptrend of lagere top in een downtrend. Anders gezegd, als de koers een specifieke actiebeweging heeft afgelegd en er volgt een reactiebeweging, waar houdt deze countertrendbeweging dan op? Ik heb de weekgrafiek van KPN erbij gehaald als voorbeeld. Even ter zijde, de Fibo technieken kun je gebruiken op alle timeframes, van intraday tot maandgrafiek. Op elke meetlat past Fibo.

 

Je kiest een duidelijke bodem op de gemiddeldelijn of op een trendlijn, dit is letter A. Vervolgens kies je de significante top die daarna volgt, deze krijgt letter B. Dan zet het TA pakket dat ik gebruik voor mijn analyses (vele andere pakketten doen dit ook) netjes de stippellijnen op de grafiek, zodat ik kan inschatten waar de volgende hogere bodem komt. Je verwacht uiteraard de volgende bodem op de gemiddeldelijn ofwel sleepkabel, dat is logisch. Maar het is natuurlijk nog mooier als er bevestiging komt vanuit het ABC-tje. Welnu, in het voorbeeld van KPN kunt u letter C plaatsen rond de 50% retracementgrens. Bodemstampers zijn daar actief met bovendien bodysteun op de 61,8% Fibogrens, dus al met al een stevige steunzone voor de bulls, die in staat geacht moeten worden de koers op te stuwen van 3,20 naar krap 3,70.

Waar houdt de breakoutbeweging op?

Zolang de koers voortbeweegt in een stijgende trend fungeert de oplopende gemiddeldelijn als dynamische trendlijn of routebegeleider voor de bulls. Er is dus houvast aan het lijntje. Maar als het lijntje breekt, er is sprake van een sleepkabelbreuk, dan wordt het lastiger om referentiepunten te zien. Veel beleggers en analisten houden vast aan vroegere toppen en bodems in de zojuist gebroken trend. Ik vind dit minder raadzaam, want na een trendlijnbreuk gaat een andere fase van start, een overgangsfase waarin de koers in eerste instantie een breakoutbeweging start. Is deze beweging het begin van een nieuwe dalende trend? Is het een valstrik van de beer? Wordt dit het begin van een trading range? Dat weten we niet, daar is het te vroeg voor.

Geen referentiepunten, maar wel de Fibo niveaus om in te kunnen schatten waar de breakoutbeweging opdroogt.

 

Op de grafiek van ASML is een trendbreuk te zien toen de koers onlangs onder de gemiddeldelijn dook. Het beginpunt van de gehele trend wordt als A gelabeld, het eindpunt van de trend krijgt letter B toegekend. Vervolgens worden de drie retracementgrenzen ingetekend, zodat zichtbaar wordt op of rond welk niveau de breakoutbeweging een halt kan worden toegeroepen. In dit voorbeeld wordt letter C geplaatst rond de 61,8% retracementgrens. Letwel, de stippellijnen staan er dus op het moment dat de breakout gaande is, de vangnetten voor de bulls liggen er. In geval van ASML volgde na de breakout een pullback tot aan de gebroken sleepkabel. Thans luidt de vraag of de bulls weer boven 90,00 kunnen gaan koersen om daarmee een downtrend af te wenden.  

Waar stopt de pullback?

In mijn chart reading stappenplan start er na een sleepkabelbreuk een breakoutbeweging zoals in het voorbeeld hierboven is gepresenteerd. Na de breakout volgt een pullback beweging als reactie. De reactiebeweging moet de trendbreuk valideren, zodat er een nieuwe tegengestelde trend van start kan gaan.

 

In het bijgaande voorbeeld van Aegon is de pullback een opwaartse beweging met de intentie een lagere top neer te zetten onder de eerder gepasseerde gemiddeldelijn. Nu kun je rustig afwachten waar die top wordt geplaatst, maar je kunt ook de Fibo retracements inzetten om gespecificeerder aan te kunnen geven waar de pullbacktop wordt gevormd. Je zet weer een ABC-tje op de chart, waarbij A de start van de breakoutbeweging is en letter B het eindpunt. Vervolgens geven de drie stippellijnen aan waar de pullbackbeweging normaal gesproken opdroogt. De beweging is nog in volle gang, op moment van schrijven wordt er mogelijk getopt in de buurt van de 50% Fibogrens rond 6,00. Dit was ooit mooie steun, nu zou het weerstand kunnen worden. Binnenkort weten we of een dalende trend van start gaat.

Actie en reactie, toppen, bodems en zones

In de voorgaande drie cases heb ik uiteen gezet hoe mijns inziens de bekende Fibonacci retracementgrenzen praktisch kunnen worden ingezet. Heeft u als actieve belegger nog andere aantrekkelijke toepassingen, dan mag u die met mij delen.

Veelal vindt er top- of bodemvorming plaats op één van de genoemde grenzen. Echter, als de betreffende actie- en reactiebewegingen relatief klein zijn, is het raadzaam om de drie grenzen bij elkaar te nemen en dan te spreken over een retracementzone. Geef de beren en stieren dan de ruimte om overtuigend te toppen of te bodemen en pin ze niet vast op één lijntje.

Disclaimer:

Nico Bakker (www.nicoprbakker.nl) is directeur/eigenaar van BTAC Visuele Analyse en als zelfstandig consultant gelieerd aan BNP Paribas Markets (www.bnpparibasmarkets.nl).

De informatie in deze publicatie is niet bedoeld als individueel beleggingsadvies of als een individuele aanbeveling tot het doen van bepaalde beleggingen. Iedere belegging die u overweegt, dient u te toetsen aan uw persoonlijk beleggersprofiel of te bespreken met uw beleggingsadviseur. De waarde van uw beleggingen kan fluctueren. In het verleden behaalde resultaten bieden geen garantie voor de toekomst. De standpunten en vooruitzichten van Bakker geven zijn technische mening weer over het betreffende item in zijn hoedanigheid als technisch analist en consultant. Zijn beloning staat/stond/zal niet direct of indirect in relatie (staan) met zijn specifieke aanbevelingen of standpunten in deze publicatie.