Nieuws/Financieel
674816003
Financieel

Vraagtekens bij linkse rijkentaks

Column: wie gaat straks de crisis betalen?

De afgelopen weken zagen we in politiek Den Haag dat partijen al volop bezig zijn met de Tweede Kamerverkiezingen in maart volgend jaar. Het belangrijkste thema lijkt de vraag te worden wie straks de crisis gaat betalen en op welke wijze de neergang van onze economie wordt aangepakt. Belangrijke vragen zijn hoe we onze economische groei aanjagen en banen scheppen.

Ook de beloften van sommige partijen gaan een rol spelen, zoals van links om de collectieve sector verder te vergroten. Ze hebben hun kiezers nu al beloofd extra uitgaven te willen doen voor onderwijs, zorg en het klimaat. Daarbij rijst de vraag hoe ze deze wensen, die oplopen tot ongeveer 10 miljard structureel, met een lege schatkist gaan financieren.

Volgens recente ramingen van het Centraal Planbureau (CPB) heeft het nieuwe kabinet in 2021 te maken met een begrotingstekort van 4,7%, een staatsschuld van ruim 60% en een werkloosheid van circa 650.000 mensen (in 2020 rond de 450.0000). Als de recessie in Nederland harder toeslaat dan loopt de werkloosheid op tot 10% en neemt de staatsschuld toe tot ruim 75% van het bbp ( lager dan andere EU-landen)

Lage economische groei

Los van de tijdelijke recessie wordt voor de regeringsperiode 2021-2025 een magere structurele economische groei verwacht die ligt tussen 1% en 1,5% per jaar. Het valt op dat in de Haagse politiek nog geen zorgen zichtbaar zijn over rekensommen die laten zien wat de effecten zijn van deze lage groei. Door de verwachte stijging van de kosten van de overheid voor de zorg, AOW en pensioenen moet deze groei min of meer volledig worden uitgegeven aan deze ‘onvermijdelijke’ kosten die ‘automatisch’ leiden tot een door links gewenste grotere collectieve sector. Dit betekent dat een nieuw kabinet nauwelijks over geld beschikt voor extra koopkracht voor burgers, maar ook niet voor verbetering van ons onderwijs en een versterking van onze economie.

Geen bezuinigingen

Over het algemeen zijn de meeste politieke partijen van opvatting dat het in een recessie onverstandig zou zijn te gaan bezuinigen. De neergang van de economie wordt daardoor versterkt. Links, rechts en midden zitten hier min of meer op één lijn en zijn tegenstander van bezuinigingsoperaties. Bij de mogelijkheid om de lege schatkist te vullen met extra belastingen staat links alleen en botst het met rechts en het midden.

Extra belasting op rijken

Hoewel Nederland wereldwijd al een koploper is met een hoge lastendruk op burgers is links er voorstander van deze druk nog verder opvoeren. Zo stellen ze een zogenoemde rijkentaks voor waardoor onze economie verder wordt verzwakt.

De rijkentax heeft volgens links twee doelstellingen. In de eerste plaats om geld op te brengen voor het financieren van hun wensenlijstjes, maar ook om in Nederland de inkomens- en vermogensverschillen te verkleinen. Uit de cijfers van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) blijkt overigens dat de inkomensverschillen in Nederland reeds stabiel en relatief klein zijn. Uit een wereldwijde vergelijking blijkt ook dat ons land tot de landen behoort met de kleinste inkomensongelijkheid. Bij de vermogensverdeling zitten we rond de middenmoot.

Bij een linkse rijkentaks wordt gedacht aan twee vormen: een hogere inkomstenbelasting voor topinkomens en een hogere heffing op grote vermogens. Bij de laatste vorm worden in hoofdzaak ouderen en ondernemingshuishouden getroffen. De CBS-cijfers laten zien dat deze groep over de grootste vermogens beschikt. Verreweg het grootste deel van het vermogen bij de oudere generatie bestaat uit de eigen woning waarop de hypotheek (deels) is afgelost.

Bij ondernemingshuishoudens gaat het vooral om vermogen dat een rol speelt bij de bedrijfsfinanciering. Bovendien fluctueert het vermogen van deze groep sterk met de economische ontwikkelingen. Veel ondernemers hebben in de crisis van 2008-2009 forse vermogensverliezen geleden en dat zien we nu ook bij de coronacrisis. Het vermogen dat links extra wil belasten zit in hoofdzaak bij de oudere generatie en bij ondernemers die we hard nodig hebben voor onze banen. Gezien ook het feit dat de opbrengst voor de schatkist slechts een paar honderd miljoen is, zetten wij vraagtekens bij dit idee.

Rijkentax op hoge inkomens

In verschillende landen zijn met rijkentaksen op hoge inkomens slechte ervaringen opgedaan. In Europa is het bekendste voorbeeld de Franse rijkentaks van 75% die in 2013 door de socialistische president François Hollande werd ingevoerd. Deze heffing werd al snel weer afgeschaft. Ze leidde tot een belastingvlucht uit Frankrijk en leverde de schatkist daardoor weinig op en had ook tot gevolg dat investeerders Frankrijk gingen mijden.

In Nederland is door links al eerder een rijkentaks geopperd. Bij de doorrekening daarvan door het Centraal Planbureau (CPB) bleek dat door de negatieve effecten van deze belasting, de opbrengst per saldo zelfs negatief was.

Extra belasting op multinationals

In politiek Den Haag domineert de gedachte dat voorkomen moet worden dat de gemiddelde burger voor de crisis opdraait. Ook wij vinden dat van bedrijven een redelijke bijdrage mag worden verwacht. Bij links circuleren al ideeën voor een extra winstbelasting op multinationals. Dat kan door een verhoging van ons vennootschapsbelastingtarief, maar ook door het beperken van fiscale aftrekposten en maatregelen tegen het legaal ontgaan van belastingen. Aan een verhoging van het tarief kleven nadelen, zoals een verslechtering van ons bedijfsvestigingsklimaat dat toch al onder druk staat.

Recent heeft een commissie van fiscale experts op verzoek van de Tweede Kamer een gedegen rapport uitgebracht om multinationals effectiever te belasten. Dit kan een jaarlijks extra bedrag opleveren van circa 600 miljoen euro. Een hoger bedrag is mogelijk als de fiscale bevoordeling van bedrijfsleningen wordt ingeperkt. Eerder hebben wij al betoogd dat verreweg de beste oplossing voor deze bedrijven een Europese winstbelasting is.

Daarnaast kan overwogen worden de voorgenomen verlaging van het tarief van de vennootschapsbelasting te schrappen en deze te beperken tot het midden- en kleinbedrijf.

Aanpak crisis

De economische crisis moeten we oplossen en betalen met een omvangrijk herstelprogramma waarmee het verdienvermogen van onze economie wordt versterkt en de groei wordt aangejaagd. De Duitse aanpak waarbij digitalisering, nieuwe technologieën, innovaties, R&D en klimaatbeleid centraal staat kan als voorbeeld dienen.