Nieuws/Financieel

Grote zorgen over Turkije

Beleggers en buitenlandse investeerders maken zich veel zorgen over de pogingen van de Turkse president Erdogan om steeds meer macht naar zich toe te trekken.

De Turken stemmen vandaag voor een nieuw parlement en daarbij zal het er om spannen of de regerende AKP een tweede derde meerderheid behaalt. In dat geval kan de AKP eenzijdig de grondwet veranderen, waardoor ook de president meer macht zou kunnen krijgen.

Volgens Viktor Szabo, specialist opkomende markten bij vermogensbeheerder Aberdeen Asset Management, zou dat een gevaarlijke ontwikkeling zijn. „De pogingen van Erdogan om meer macht naar zich toe te trekken zijn alarmerend voor investeerders.”

De Turkse economie groeide sinds 2002 jaarlijks gemiddeld met bijna 5%, maar sinds 2013 zwakt de economische groei af (zie illustratie). Bovendien heeft de Turkse lira flink terrein verloren ten opzichte van de euro en de dollar en is het wereldwijd een van de slechts presterende munten. Verder ligt de inflatie nog steeds op een hoog niveau en is de werkloosheid toegenomen van 10,4% begin 2014 tot 11,2% in februari. De verwachting is dat Ankara dit jaar een groei van ongeveer 3% realiseert.

Econoom Rob Rühl zegt dat Turkije veel last heeft van de geopolitieke ontwikkelingen, zoals de oorlogen in Irak, de op een na grootste handelspartner, en Syrië. „We zien dat de onrust in de regio langer aanhoudt dan verwacht. Dat heeft negatieve gevolgen voor de export en de investeringen, waardoor de economische groei lager uitvalt.”

Maar ook het beleid van Erdogan heeft de economie geen goed gedaan. De Turkse president vecht een harde strijd uit met zijn voormalige compagnon Fethullah Gülen die verschillende bedrijven en media bezit. Onlangs werd de private bank Bank Asya, die gelieerd was aan de Gülen-beweging, overgenomen door de bankentoezichthouder BDDK . „Maar er zijn ook andere invallen geweest bij bedrijven die gelieerd zijn aan de Gülen-beweging”, zegt Rühl. „Dit zorgt voor terughoudendheid bij binnenlandse en buitenlandse investeerders.”

Verder is het zorgelijk dat Erdogan al bijna anderhalf jaar op ramkoers ligt met de Turkse centrale bank die begin 2014 de rente van 4,5 naar 10% verhoogde om de inflatie in toom te houden en de koersval van de lira te stoppen.

Het strikte monetaire beleid valt de Turkse president en verschillende ministers zwaar op de maag. „Dat leidde tot een reeks bizarre aanvallen op de centrale bank”, zegt Szabo. „En dat heeft de onafhankelijkheid van dit instituut aangetast.”

Volgens econoom Rühl hebben de voortdurende aanvallen op de centrale bank gezorgd voor onrust op de financiële markten. „En dan krijg je ook de rekening gepresenteerd. Beleggers worden nerveus en onrustig, dat zie je terug aan de koersval van de lira.”

Turkije staat na de verkiezingen voor de grote uitdaging om een aantal structurele hervormingen door te voeren, meent Szabo. „Een van de oorzaken van de afzwakkende economische groei is de lage spaarquote van Turkije, waardoor het land te afhankelijk is van buitenlands kapitaal.”

Rühl vindt dat Turkije onderliggend nog steeds enorme groeimogelijkheden heeft. „Het land kan veel beter, ze hebben er niet uitgehaald wat er in zit. Daarom is het van groot belang dat het bedrijfsvriendelijke klimaat wordt gehandhaafd.”