Nieuws/Financieel

Onderbuikgevoel

Kees* wandelt elke week door Paleispark het Loo. Hij gebruikt wandelstokken, want hij heeft last van zijn heupen. Zonder stokken kan hij ook prima wandelen, hij is dan alleen sneller moe. Tijdens zijn wandeling komt Kees een auto tegen van de Koninklijke Marechaussee (KMar). Hij en de Marechaussees groeten elkaar. Korte tijd later hoort Kees voetstappen achter zich. Het zijn de twee ambtenaren van de KMar.

Identiteitsbewijs

Eén van de marechaussees vraagt Kees om zijn ID-bewijs. Kees is verbaasd en zegt dat hij zijn identiteitsbewijs niet bij zich heeft. De marechaussee belt daarop met de meldkamer. Een paar minuten later blijkt dat alles in orde is.

Het zit Kees niet lekker. Hij wil graag weten waarom hij eigenlijk staande is gehouden en waarom er om zijn identiteitsbewijs is gevraagd. Hij dient een klacht in bij de KMar.

De betrokken ambtenaren vertellen dat zij een "onderbuikgevoel" hadden bij het observeren van Kees. Zij vonden het verdacht dat Kees eerst met wandelstokken liep en dat hij even later gemakkelijk zonder stokken liep. Ook vonden zij dat Kees schichtig om zich heen had gekeken.

Wandelstokken

Kees vindt het pijnlijk om te horen dat juist zijn wandelstokken tegen hem gebruikt worden. Na lang revalideren kan hij eindelijk zonder stokken lopen. De Marechaussee vindt de klacht van Kees niet gegrond. Omdat de Marechaussee moet waken over de veiligheid van leden van het Koninklijk Huis, mag zij daarom vragen naar identiteitsbewijzen van personen die opvallen gedrag vertonen.

Alert

Kees vraagt mij om mijn mening. Allereerst vind ik dat de marechaussees natuurlijk alert moeten zijn op opvallende situaties in de omgeving van een Koninklijk verblijf. Een opsporingsambtenaar moet een duidelijke reden hebben naar het ID-bewijs te vragen. Het was rustig in het bos en Kees viel al snel op. Het wel of niet gebruiken van de wandelstokken of schichtig om zich heen kijken, is onvoldoende om iemand om zijn ID-bewijs te vragen.

Ik vind het beter als de marechaussees eerst een praatje met Kees hadden gemaakt. Ze hadden dan een indruk gekregen met wie ze te maken hadden en of hun "onderbuikgevoel" juist was. Als het gedrag van Kees dan nog vragen had opgeroepen, hadden ze alsnog om zijn ID kunnen vragen.

*gefingeerde naam