Nieuws/Financieel
861160
Financieel

Fictief rendement Belastingdienst niet meer van deze tijd

Heeft u op dit moment meer spaargeld dan de heffingsvrije grens voor de vermogensrendementsheffing en staat dit op een vrij opneembare spaarrekening? Dan gaat bijna 90 procent van het rendement over het belastbare deel rechtstreeks naar de Belastingdienst. Voor wie hiervan nog niet genoeg geschrokken is: als u het spaargeld heeft ondergebracht bij ABN AMRO of Rabobank, gaat zelfs het volledige rendement naar de Belastingdienst.

Fictief rendement te hoog

Dat u zoveel belasting betaalt over uw spaargeld, komt voor een deel doordat de spaarrentes zo laag zijn. Maar belangrijker: de Belastingdienst gaat er nog steeds vanuit dat u 4 procent rendement behaalt over uw vermogen. Over dit veronderstelde rendement betaalt u 30 procent belasting, wat neerkomt op 1,2 procent vermogensrendementsheffing. Dat in werkelijkheid geen enkele bank meer 4 procent rente biedt, zelfs niet op de langlopende deposito’s, maakt de fiscus niet uit. De hoogste rente op een vrij opneembare spaarrekening is met 1,8 procent nog niet eens de helft van dit fictieve rendement. Het gevolg is dat u veel meer belasting betaalt over het rendement dan de door de fiscus veronderstelde 30 procent.

 

Commissie Dijkhuizen

Wordt het dan niet eens tijd dat de fiscus het fictieve rendement verlaagt, denkt u nu misschien. U bent hierin zeker niet de enige. De Commissie Van Dijkhuizen die in 2013 een rapport publiceerde over het Nederlandse belastingstelsel, adviseerde al om het fictieve rendement te verlagen. In de periode 2001 t/m 2011 heeft het daadwerkelijke rendement over spaargeld en beleggingen deze 4 procent immers nauwelijks weten te halen. De commissie stelde voor het fictieve rendement per 2014 te verlagen naar 3 procent en later naar 2,4 procent. Geld.nl maakte destijds een berekening die laat zien wat dit voorstel betekent voor de belasting over uw spaargeld. Die vindt u hier onderaan het artikel.

 

Spaarder in de kou

Toch laat de politiek de spaarder ernstig in de kou staan. Het rapport van de Commissie Dijkhuizen is gepubliceerd in juni 2013, maar toen had het Ministerie van Financiën geen tijd om hier op in te gaan. Er moesten namelijk belastinghervormingen worden doorgevoerd die de voorrang hadden. Nu, ruim een half jaar later, kan het ministerie nog steeds niet vertellen wanneer er een reactie komt op het rapport. ‘Ergens dit jaar’, luidt het antwoord.

Ondertussen dalen de spaarrentes maar verder en betaalt u in verhouding steeds meer belasting over uw spaargeld. Wie de schade nog enigszins wil beperken, kan kiezen voor een spaarrekening met een zo hoog mogelijke, stabiele rente. Banken als Argenta, MoneYou en Nationale Nederlanden staan bijvoorbeeld al lange tijd in de top van de renteoverzichten.

Een andere optie is een kortlopend deposito, bijvoorbeeld voor een jaar.  De hoogste rente hiervoor biedt LeasePlan Bank met 2,15 procent. Dit ligt nog steeds ver onder het fictieve rendement van 4 procent, maar het komt al een stukje dichterbij dan die 1,4 procent die u gemiddeld op een vrij opneembare spaarrekening krijgt. Een langlopend deposito biedt een hogere rente, maar dat is in gezien de lage rente op dit moment niet verstandig, omdat u hierbij het risico loopt dat als de spaarrentes weer gaan stijgen u hiervan niet kunt profiteren.