Nieuws/Financieel
885828
Financieel

Kalme handelsdag beurzen New York

De Amerikaanse beurzen zijn maandag na een rustige handelsdag gemengd gesloten. Net als in Europa reageerden beleggers in New York redelijk positief op de aankondiging dat de Europese Centrale Bank (ECB) bereid is om staatsleningen op te kopen om de economie te stimuleren. Daardoor werden de zorgen over de onverwachte recessie in Japan voor een deel naar de achtergrond verdreven.

De Dow-Jonesindex eindigde 0,1 procent hoger op 17.647,75 punten. De S&P 500 won 0,1 procent tot 2041,32 punten. De technologiebeurs Nasdaq daalde 0,4 procent naar 4671,00 punten.

ECB-president Mario Draghi zei in het Europees Parlement dat de ECB klaarstaat om ook staatsleningen op te kopen, mocht de economische situatie verder verslechteren en de huidige maatregelen onvoldoende blijken. Vooralsnog is de ECB bezig door onderpand gedekte obligaties op te kopen bij banken, later gevolgd door herverpakte leningen.

Japan

Eerder op de dag werd bekend dat de Japanse economie in een recessie is beland. Economen rekenden juist op economische groei. Bij de opening van de handel op Wall Street gingen de koersen daarom licht omlaag.

De toeleveranciers aan de olie- en gasindustrie Halliburton en Baker Hughes stonden in de belangstelling vanwege overnamenieuws. Halliburton (min 10,6 procent) heeft 34,6 miljard dollar over voor Baker Hughes (plus 8,9 procent).

Pfizer

De onderhandelingen tussen Hasbro en DreamWorks Animation SKG over een samengaan verlopen naar verluidt minder voorspoedig. De bedrijven zouden het niet eens kunnen worden over de structuur van het fusiebedrijf. DreamWorks zakte 14,3 procent.

Farmaceut Pfizer voorziet voor dit jaar een lagere winst dan eerder voorspeld. Pfizer werkt samen met branchegenoot Merck aan medicijnen tegen een aantal vormen van kanker en heeft een eerste aanbetaling gedaan aan het Duitse concern. Pfizer verloor een fractie.

Allergan

Allergan won 5,3 procent. De botoxproducent heeft een bod van 66 miljard dollar ontvangen van Actavis.

De euro was 1,2453 dollar waard, tegen 1,2457 dollar bij het slot in Europa. Een vat Amerikaanse olie kostte 0,3 procent minder op 75,50 dollar. Brent zakte 0,4 procent tot 79,12 dollar.