Nieuws/Financieel

Doemscenario’s door komst robots onterecht

Door door Willem Vermeend en Rick van der Ploeg

Minister Asscher slaat met zijn doemscenario’s over hogere werkloosheid en grote inkomens ongelijkheid, veroorzaakt door robots en internet de plank flink mis. Rutte 2 moet juist volop inzetten op digitalisering in combinatie met nieuwe technologie. Deze combinatie, aangeduid als economie 4.0, zal Nederland extra groei en welvaart brengen.

Deze week haalde Minister Lodewijk Asscher van Sociale Zaken het nieuws met een doemscenario over de toekomstige werkgelegenheid in Nederland. Volgens Asscher moeten we rekening houden met een toekomst waarin er voor veel werkzoekenden geen banen meer zijn. Door slimme robots en geavanceerde computers en andere vormen van (digitale) automatisering dreigt de komende decennia een aanzienlijk aantal bestaande banen te verdwijnen. Door arbeidsbesparende nieuwe technologie worden ze weggeautomatiseerd. Vooral administratieve functies worden door software programma’s overgenomen. Daarnaast zullen (industriële) robots eenvoudig routinematig werk in fabrieken gaan overnemen.

Minister Asscher noemt in zijn schrikbeeld melkrobots, zelfrijdende auto’s en de zogenoemde Packbots van Amazon waardoor er banen voor magazijnwerkers verdwijnen. Onze minister van Sociale Zaken baseert zich voor deze sombere voorspelling vooral op een studie van Oxford University. Daarin wordt gesteld dat over 20 jaar bijna 50% van de huidige banen verdwenen zijn, vooral in de middenklasse. Volgens de studie gaat het niet alleen om administratieve functies, maar ook om banen in de verzekeringswereld, de detailhandel, de onderzoekssector, bij telemarketing en in de logistieke sector. Zware klappen vallen er op het terrein van accountancy. Slimme computerprogramma’s nemen daar veel werk over. De minst bedreigde banen vinden we in de zorgsector, de techniek en de ambachtelijke sector.

Ook in het verleden zijn er stapels rapporten verschenen over de verwachte rampzalige gevolgen van nieuwe technologie. Inmiddels hebben we drie industriële revoluties achter de rug: de stoommachine, de verbrandingsmotor en staalindustrie en de opmars van de computer. Ze tonen aan dat er tegenover het verlies aan banen voldoende nieuwe zijn gecreëerd. De geschiedenis laat ook zien dat landen die voorop liepen bij technische revoluties extra econmisch groei, banen en nieuwe functies hebben gerealiseerd.

Economie 4.0

We staan aan de vooravond van een nieuwe economische revolutie, gekenmerkt door digitalisering en nieuwe technologie, ook wel samengevat onder de noemer economie 4.0. Opnieuw staan doemdenkers en optimisten tegenover elkaar. Uit een recente Amerikaanse studie onder internationale experts blijken positivo’s en somberaars elkaar in evenwicht te houden. De doemdenkers menen dat robots vooral leiden tot een hogere werkloosheid onder laaggeschoolden, grotere inkomensverschillen en sociale onrust. De andere helft van de experts schetst juist de zonnige kanten en stelt dat er niet alleen sprake is van een geweldige overschatting van de vaardigheden van robots, zeker in de komende decennia, maar wijst ook op de voordelen. Robots scheppen nieuwe banen (ontwerpers, bouwers, monteurs enz.).

Ze brengen werk dat in het verleden is verplaatst naar lageloonlanden weer terug naar de thuisbasis, zorgen voor een hogere productie en nemen veelal saai werk over. Maar ze zijn voorlopig niet in staat op een adequate wijze de rol van een ober of verzorger over toe te nemen en ook niet die van (beroeps)chauffeurs. En dat geldt ook voor taken die creativiteit en sociale intelligentie vereisen. In de toekomst zullen robots voor de grote meerderheid van de werknemers een ver van mijn bed show zijn: we zullen ze onder meer aantreffen in geautomatiseerde fabrieken en in de logistiek. Bovendien zal deze technologie met het oog op veiligheid, fouten, verantwoordelijkheid en (juridische) aansprakelijkheid maar op beperkte schaal worden ingezet.

Niet alleen om die reden is de Oxford studie van verschillende kanten terecht genuanceerd, maar ook omdat de opstellers voorbij gaan aan de gunstige effecten van nieuwe technologie, zoals banencreatie, nieuwe functies, meer ruimte voor vrije tijd en hogere producties die een land welvarender kunnen maken. Volgens een analyse van het ING Economisch Bureau hoeft Nederland zich geen zorgen te maken over de gevolgen van automatisering en robotica. De ‘robotisering’ leidt juist tot nieuwe kansen voor zowel werkgevers als werknemers, stelt het bureau. Bovendien loopt het Nederlandse bedrijfsleven nu al voorop in Europa bij technologische innovatie. Technologie zorgt volgens dit Bureau ook voor nieuwe behoeftes onder consumenten en bedrijven, wat weer leidt tot nieuwe werkgelegenheid om aan die behoeftes te kunnen voldoen.

Digitalisering op de politieke agenda

Het Britse rapport heeft landen wakker geschud. Ze gaan zich nu meer bezig houden met de toekomstige werkgelegenheid. Asscher verdient dan ook een compliment voor het feit dat hij de mogelijke gevolgen van digitalisering en nieuwe technologie, zoals robots, 3D-printen, big data en internet of things op de politieke agenda heeft gezet. Jammer is wel dat de minister niet de nadruk legt op de geweldige uitdagingen en kansen voor Nederland en de extra economisch groei die we met economie 4.0 kunnen realiseren en vooral met onze nieuwe industrie, smartindustry. In plaats daarvan sombert de bewindsman nu al over het mogelijke verlies van banen in de (verre) toekomst en over de vergroting van inkomensverschillen.

Teleurstellend is ook de wijze waarop Asscher zijn doemscenario meent te kunnen verzachten. Zijn voorstellen om de lastdruk op arbeid te verlagen en onderwijs dat beter inspeelt op banen van de toekomst zijn prima, maar hij komt ook weer aan met ouderwetse socialistische stokpaardjes, zoals hogere belastingen op kapitaal en bedrijfswinsten. Een aanpak die ook wordt gepropageerd door de Franse ongelijkheidseconoom Thomas Piketty die daarmee dit jaar is uitgegroeid tot de held van links, de nieuwe Karl Marx. We schreven het al eerder: belastingverhogingen werken juist averechts, ze remmen groei, vernietigen banen en je maakt armen niet rijker door rijken arm te maken.

Nederland moet de komende jaren rekening houden met een lage economische groei ( rond de 1%) en een hoge werkloosheid (7-8%). Door nu niet te somberen over doemscenario’s, maar volop in te zetten op economie 4.0 worden niet alleen de groei en werkgelegenheid aangejaagd, maar kan ons land in Europa uitgroeien tot een economische koploper. Daarvoor is een slimme combinatie nodig van ondernemend onderwijs dat snel inspeelt op de smartindustry en een kabinet dat de lastendruk op het mkb verlaagt en bijdraagt aan voldoende bedrijfskredieten. Maar ook de verstikkende regeldruk rond ondernemen aanpakt en de recente aanbeveling van het IMF ter harte neemt: overheden moeten ook zelf meer gaan investeren, onder meer in duurzaamheid en slimme infrastructuur.