Nieuws/Financieel
931504836
Financieel

Column: Technologische revolutie nodig om opwarming aarde te stoppen

In Davos gingen deze week veel stemmen op om de aardbol te redden.

In Davos gingen deze week veel stemmen op om de aardbol te redden.

Het internationale bedrijfsleven neemt het voortouw bij het tegengaan van klimaatverandering. Omdat het huidige lastenverzwarende overheidsklimaatbeleid niet effectief blijkt te zijn, is dit een hoopvolle ontwikkeling.

In Davos gingen deze week veel stemmen op om de aardbol te redden.

In Davos gingen deze week veel stemmen op om de aardbol te redden.

Deze week haalde de opwarming van onze aardbol wereldwijd de media. Het was een topthema bij de internationale bijeenkomst van het World Economic Forum (WEF) in Davos, in De Telegraaf beschreven door Martin Visser. Volgens de deelnemers zijn de gevolgen van klimaatverandering een bedreiging voor de wereldeconomie. Deze relatie heeft er mede toe geleid dat vooral bij het internationale bedrijfsleven het klimaatvraagstuk hoog op de bedrijfsagenda staat. Steeds meer bedrijven kiezen voor een bedrijfsbeleid en bedrijfsvoering waarbij de nadruk op klimaatneutraliteit wordt gelegd. Dat wil niet zeggen dat deze ondernemers opeens aanhangers zijn geworden van het klimaatactivisme en de aardbol willen redden. Nee! Bedrijfseconomische overwegingen spelen een hoofdrol.

Nul als doelstelling

Deze zogenoemde klimaatwinnaars streven naar een klimaatneutrale bedrijfsvoering. Ze investeren in maatregelen waarmee ze hun uitstoot van broeikasgassen, vooral CO2, naar nul kunnen terugbrengen. Daarbij maken ze gebruik van de nieuwste technologieën, met name smart green tech. Met deze nul vergroten ze hun internationale concurrentiekracht, terwijl ze bovendien vooroplopen op het terrein van innovaties. Het gaat bij tech om de inzet van kunstmatige intelligentie, het internet of things, robotica, 3d-printen, groene waterstof, kwantumtechnologie, enz. Daarmee wordt binnen de onderneming de energietransitie van fossiel naar duurzaam versneld.

Zelfs in de VS, waar president Donald Trump het overheidsklimaatbeleid heeft geliquideerd, zien we een race tussen ondernemingen om zo snel mogelijk een nul uitstoot te realiseren, omdat ze hebben vastgesteld dat nul veel bedrijfsvoordelen oplevert.

Parijs

In december 2015, tijdens de internationale klimaattop in Parijs, werd afgesproken dat aan het eind van deze eeuw de gemiddelde temperatuurstijging beperkt moet blijven tot 1,5 à 2 graden Celsius. Met het huidige internationale klimaatbeleid wordt dit niet gehaald en koersen we af op een opwarming van zeker 3 tot 4 graden. In de Europese landen bestaat het klimaatbeleid vooral uit belastingheffing op de uitstoot van CO2, overheidssubsidies voor duurzame energie en energiebesparing en bureaucratische regelgeving om bij bedrijven en burgers energiebesparing af te dwingen.

Lager op de agenda

In steeds meer landen is het klimaatbeleid onder druk van de publieke opinie lager op de politieke agenda gezet. Bij veel burgers en bedrijven heeft het een slecht imago. Het wordt beschouwd als een beleid van lastenverzwaringen, extra voorschriften en nieuwe bureaucratie dat vooral burgers raakt. Bovendien overheerst de twijfel over de nuttigheid, zoals in Nederland over gasloze huizen. Populistische partijen spelen daarop in door het klimaatbeleid met de grond gelijk te maken. Ze worden daarbij geholpen door doemscenario’s vanuit de wereld van het klimaatactivisme. De gemiddelde Europese burger heeft geen boodschap meer aan het zoveelste verhaal dat de wereld ten onder gaat. Ook de goede bedoelingen uit deze wereld dat we minder vlees moeten eten, minder moeten vliegen en autorijden slaan bij grote groepen in de samenleving niet aan. Bovendien heeft de recente klimaattop in Madrid nog eens duidelijk gemaakt dat het effect daarvan minder is dan een druppel op een gloeiende plaat.

Madrid

Bij deze klimaattop, december vorig jaar, zijn de deelnemende landen er niet in geslaagd om afspraken te maken om de Parijse doelstelling alsnog te realiseren. Daar zagen we een botsing tussen de rijke westerse landen en opkomende economieën , zoals China. Deze landen menen dat opwarming in hoofdzaak is veroorzaakt door het historische industriële beleid van de westerse landen en dat die het voortouw moeten nemen. De prioriteit van landen als China en India ligt bij economische groei om de welvaart van hun bevolking te vergroten. Daardoor zal de komende decennia de totale CO2-uitstoot van opkomende economieën oplopen tot ongeveer 70% van de werelduitstoot. Met het huidige klimaatbeleid van de rijke westerse landen kan Parijs dan ook niet gehaald worden.

Bedrijfseconomisch belang

Binnen het internationale bedrijfsleven is het besef gegroeid dat een klimaatneutrale bedrijfsvoering bedrijfsvoordelen oplevert en dat je tegelijk ook een mooie voorsprong op de wereldmarkt realiseert, waarmee je achterblijvende concurrenten kunt verslaan. Het kernvoordeel van deze duurzaamheid is een bedrijfsvoering waarmee je adequaat kunt inspelen op nationale en internationale ontwikkelingen op het terrein van klimaatverandering. Een voorbeeld is de zogenoemde Europese Green Deal. Dit is het klimaatplan van de EU dat er voor moet zorgen dat de EU in 2050 klimaatneutraal is. Daarmee zijn duizenden miljarden gemoeid en dit beleid zal overal in Europa effecten hebben op het beleid en de bedrijfsvoering binnen bedrijven. Tegenstanders van de Green Deal hebben nog niet door dat het hier vooral om een technologische revolutie gaat; uit gezond eigen belang en om te ’overleven’ doen bedrijven daaraan graag mee.

Voordelen

Bedrijven moeten bovendien volop rekening houden met investeerders, beleggers, klanten, opdrachtgevers en werknemers die steeds meer waarde hechte aan een duurzaam bedrijfsbeleid en daar een voorkeur voor hebben. Zo heeft BlackRock, verreweg de grootste vermogensbeheerder van de wereld, kenbaar gemaakt te kiezen voor duurzaamheid. Verschillende overheden in landen, maar ook ondernemers, geven bij het verlenen van opdrachten ook al de voorkeur aan duurzame bedrijven en dat geldt ook voor de keuze van talentvolle jongeren voor een werkkring.

Bedrijven die met een streven naar nul uitstoot vooroplopen profiteren van de bovenbedoelde voorkeuren. Daarnaast besparen ze kosten die samenhangen met klimaatverandering, zoals lagere kosten voor risicoverzekeringen en kosten voor bedrijfsleningen, maar ook betalen ze lagere energieheffingen.

Mark Rutte

Het Nederlandse klimaatbeleid moet inspelen op de hoopvolle ontwikkeling binnen het internationale bedrijfsleven. Voor het huidige bestaat geen voldoende maatschappelijke draagvlak en de cijfers laten zien dat het ook niet effectief is. Nederland moet daarom de nadruk leggen op omvangrijke investeringen in smart green tech en R&D op dit vlak. Deze investeringen in samenwerking met het bedrijfsleven kunnen gefinancierd worden uit het aangekondigde miljardenfonds van de ministers Hoekstra en Wiebes. Premier Mark Rutte zal dit zeker steunen. Hij is namelijk terecht van mening dat de concurrentiekracht van ons land versterkt wordt met een ambitieus klimaatbeleid en dat het ook een belangrijk exportproduct kan worden. Als we onze kennis op dit terrein gaan delen met de opkomende economieën dan neemt de kans op het halen van Parijs toe.